Organisatie - 11 december 2015

‘Groei aantal PhD’ers niet onstuimig’

tekst:
Rob Ramaker

Johan van Arendonk, hoogleraar Fokkerij en genetica en Dean of Sciences, neemt eind december afscheid van Wageningen UR. Na 33 jaar ‘fietsen naar zijn werk’ vertrekt hij naar Boxmeer om de afdeling Research & Development van Hendrix Genetics te leiden.

Van Arendonk spendeert straks zijn tijd deels in Noord-Brabant en in het buitenland; het fokkerijbedrijf haalt slechts een paar procent van de omzet in Nederland.

Deze nieuwe baan verschilt sterk van zijn werk als hoogleraar. Een welbewuste keuze, zegt Van Arendonk. ‘Dit is echt heel anders, een prachtige uitdaging.’ Dus niet langer kennis voortbrengen, maar ‘producten’ – hij gebruikt het woord aarzelend, het gaat immers om dieren – die zo goed mogelijk aansluiten bij de wensen van veehouders en consumenten. Fokkerij is tijdrovend en vraagt een vooruitziende blik. Aan welke leghen, kalkoen of varken hebben boeren over vijf jaar behoefte? ‘Als je de verkeerde richting kiest, kost je dat meteen marktaandeel en veel tijd om het recht te zetten.’


Johan van Arendonk

1985 Gepromoveerd aan en in dienst getreden van de Landbouwhogeschool Wageningen

2002-2015     Hoogleraar Fokkerij en genetica

2004- 2007    Wetenschappelijk directeur van onderzoeksschool WIAS

2010-2015     Dean of Sciences


Van Arendonk ziet ernaar uit om weer dichter bij de fokkerij te staan. Hij heeft straks slechts een klein team onder zich en dus weinig managementtaken. Ook heeft hij niet langer een tweede functie als Dean. ‘Die combinatie was boeiend maar veeleisend.’ Terugkijkend ziet hij – naast de prestaties van zijn eigen groep – veel zaken om trots op te zijn. Zo noemt hij het PhD-programma van de universiteit dat de afgelopen jaren verder is verbeterd. Onlangs is het hele traject – van selectie tot promotie – geëvalueerd door externe experts. ‘Dat is niet verplicht en we zijn de eerste in Europa.’ Typisch Wagenings vindt Van Arendonk dat: zoeken naar verbeterpunten, ook al gaat het goed.

Afgelopen jaren nam het aantal promoties aan Wageningen University sterk toe. Een toename die de PhD-council ongerust maakt over de kwaliteit van de begeleiding. ‘Ik snap de zorgen’, zegt Van Arendonk. Maar hij vindt de groei niet onstuimig. Bovendien ziet hij ook initiatieven voor betere begeleiding. Zo worden vanaf 2016 de Resultaat & Ontwikkelingsgesprekken van alle promovendi verwerkt in dezelfde e-tool. Hiermee verdwijnt een praktische ongelijkheid tussen de groepen, zegt Van Arendonk. Bovendien verwacht hij dat begeleiders over een paar jaar standaard een ‘basiskwalificatie begeleiding’ moeten halen.


Ook klimaatprof Pier Vellinga neemt deze maand afscheid van Wageningen UR:


Re:ageer