Wetenschap - 1 januari 1970

Gras als vijand

Gras als vijand

Gras als vijand


De grassoort Imperata cylindrica bevecht haar plaats in het ecosysteem door middel van een soort chemische oorlogsvoering: de wortelstokken geven een stof af waardoor de zaden van andere soorten niet meer ontkiemen. Na elke gebeurtenis waardoor begroeiing verdwijnt, schiet de Imperata als eerste wortel. Als dit gras de kans krijgt, roeit het alle andere soorten uit, aldus Wim Tolkamp, met zijn 48 jaar de oudste MSc-student die ooit op het Instituut voor Bos- en Natuurbeheer (IBN-DLO) heeft rondgelopen

Daarbij komt nog dat, anders dan regenwoud of gewas, de Imperata cylindrica uitstekend bestand is tegen droogte, vraat en de branden die deze gebieden teisteren. Het lijkt wel alsof het gras alleen maar harder gaat groeien door een brand. Door deze combinatie van eigenschappen is de I. cylindrica een overlever bij uitstek

De optelsom van droogtes, branden, door menselijk ingrijpen veroorzaakte erosie en een sublieme grassoort resulteert in uitgestrekte, bijna onkwetsbare grasvelden, die in Indonesië alang-alang heten. Uitgestrekte velden van I. cylindrica. Dat soort velden vind je bijna overal in de tropen.

Overal waar de mens de grond heeft uitgeput en het ecosysteem heeft vernietigd, doet de I. cylindrica het goed, zegt Tolkamp. Bijvoorbeeld aan de rand van het tropisch regenwoud, waar de bewoners nog aan slash and burn doen. Ze branden uitgeputte landbouwgebieden af en trekken dan weg. Na verloop van tijd keren ze dan weer terug en beginnen ze opnieuw. Ze geven de grond echter te weinig tijd om te herstellen. Daardoor krijgt de grassoort extra kansen.

Dat geldt niet alleen voor het door branden geteisterde regenwoud. Ook in de landbouwgebieden, waar erosie en bodemuitputting aan de orde van de dag zijn, voert elk zuchtje wind Imperatazaden aan

Wim Tolkamp is sinds 1972, toen hij afstudeerde aan de Hogere Tuinbouwschool in Utrecht, met tussenpozen in dienst bij het IBN-DLO. Tussen 1993 en 1997 werkte hij in Indonesië. Het IBN-DLO had hem uitgezonden als adviseur voor een project van de Wageningse stichting Tropenbos. De Landbouwuniversiteit verleende de DLO'er toestemming om van deze opdracht een MSc-project te maken. Zijn opdracht: vind een manier om Kalimantan te herbebossen. Geen geringe opgave, als je zo'n formidabele vijand tegenover je hebt. In Indonesië alleen al beslaat de totale oppervlakte alang-alang meer dan twintig miljoen hectare. Dat is bijna vier keer de oppervlakte van Nederland

Herbebossing bekent intensief ingrijpen, vindt Tolkamp. Wachten tot de zaak zich herstelt, werkt volgens mij niet. Ik denk dat de zaadbank, de zaden die in de bodem wachten om te ontkiemen, al lang en breed door het gras is aangetast.

Om diezelfde reden werkt het domweg aanplanten van de gewenste bomen ook niet. Jonge bomen hebben schaduw nodig. Anders bezwijken ze onder de straling. Op de velden is echter geen boom meer te bekennen. Daarom benaderde Tolkamp het probleem langs een net iets andere weg. Hij begon te experimenteren met 41 pioniers. Dat zijn de eerste nieuwe planten die gaan groeien op een braakliggend stukje grond. Als je een stuk alang-alang gaat herbeplanten, dan zijn de pioniers van het regenwoud van Kalimantan de eerste keus. Als de pioniersbegroeiing aanslaat en de grond door een eerste bladerlaag wordt beschaduwd, sterft de Imperata door een gebrek aan licht niet alleen af, maar worden andere follow up-gewassen beschermd tegen straling, droogte en hitte

Maar welke pioniersplanten zijn daarvoor het meest geschikt? De lokale, ontdekte Tolkamp. Tropische bosbouwers werken vooral met exotische soorten. Bijvoorbeeld met een acaciasoort, die weliswaar groeit als kool maar niet is opgewassen tegen de branden. Ik ontdekte dat de meeste lokale pioniers dat wel zijn.

In een volgende fase van het onderzoek onderzocht Tolkamp hoe de vier meestbelovende pioniersoorten reageren op bemesting, en welke soort mest de beste resultaten geeft. Een slow release-mestsoort bleek het beste te werken. Als je een gat graaft om een boompje te planten, doe je die mest er tegelijkertijd bij. De mest levert extra nutriënten aan de pionier, zodat die grotere overlevingskansen heeft. Dat heeft ook het voordeel dat het gros van de nutriënten niet bij het gras terechtkomt.

Nu is het mogelijk om de strijd tegen de alang-alang aan te binden. De volgende stap is dat we zones gaan aanleggen rond het regenwoud en de landbouwgebieden. Die moeten gaan fungeren als buffers tegen het oprukkende gras. W.K

Nieuwe elementen zonder naam

INTERNET Je hebt wetenschappers en hobbyisten, maar er zijn ook wetenschappers die van hun vak hun hobby maken. David Eppstein, professor in de informatie- en computerwetenschappen aan de universiteit van Californië, is er zo eentje. Op zijn pagina met recreational mathematics (www.ics.uci.edu/~eppstein/recmath .html) gaat hij zich op hoog niveau te buiten aan nummertheorie, gecombineerde speltheorie en John Conways Game of Life (www.cs.jhu.edu/ ~callahan/lifepage.html), die uitgaat van het ontstaan van complex gedrag uit simpele systemen. Voor geometriefanaten heeft Eppstein in The Geometric Junkyard een groot aantal notities, flarden, gedachten, essaytjes en berichten van nieuwsgroepen verzameld over alles wat samenhangt met geometrie, met onder andere een verwijzing naar Mike Naylor's ASCII Art (www.math.fsu.edu/~mnaylor/ascii), vol patronen en figuren gemaakt met de symbolen van het toetsenbord

Wie dit wiskundig gefröbel te abstract en wereldvreemd vindt, kan via de website van Nature (helix.nature.com/wcs) de eerste wereldwijde conferentie over wetenschap volgen, de Nature World Conference on Science die komend weekend in Budapest wordt gehouden. Bezoekers worden alvast warmgemaakt voor de conferentie met bijvoorbeeld het pleidooi van Leo Tan Wee Hin en R. Subramaniam voor de wetenschap als basis voor een betere maatschappelijke en economische groei in ontwikkelingslanden

Zulke ideeën moeten tegen het zere been zijn van de International Society of Malthus (www.igc.apc.org/desip/ malthus/index.html), want de visies van de Society op de toekomst van de wereld zijn, geheel in de lijn van de negentiende eeuwse demograaf Thomas Robert Malthus (zie ook dspace.dial.pipex.com/mbloy/peel/ malthus.htm), overwegend pessimistisch. De gedachte dat Zuid-Afrika zonder Mandela verder moet, doet de Society gruwen

En wat weet wetenschap nu eigenlijk? Elk jaar worden er nog nieuwe diersoorten gevonden in de oerwouden rond de Amazone, en onlangs meldde het Berkeley Lab de ontdekking van twee nieuwe elementen (enews.lbl.gov/Science-Articles/ Archive/elements-116-118.html). De elementen - die zijn ontdekt door in een cyclotron lood te bombarderen met hoge energie ionen van krypton - hebben nog geen naam, slechts de nummers 116 en 118

Ook Wageningse wetenschappers doen vele ontdekkingen, al was het maar omdat ze vaak naar het buitenland gaan. Intermediair heeft voor deze wereldreizigers de Expat Infobase (www.intermediair.nl) gemaakt, waar allerlei nuttige informatie staat die is gebaseerd op de persoonlijke ervaring van expat's

BOEK Degenen die thuis blijven kunnen altijd nog een vlinderstruik in de tuin planten. Niet alleen biedt de struik met zijn paarse of witte bloemen een vrolijk aanblik, hij trekt ook nog eens vlinders aan. En met de Veldgids dagvlinders kun je nu ook met zekerheid zeggen dat je werkelijk een in Nederland zeldzame vlinder als de koninginnepage op je struik zag fladderen

De Veldgids dagvlinders is, net als andere gidsen van het KNNV, vooral een degelijke gids. Van de dagpauwoog - die in tuinen een meer geziene gast is met de op pauweveren lijkende oogachtige blauwe tekening op zijn vleugels - is ook de rups afgebeeld, een verspreidingskaart is aanwezig, en de grote brandnetel blijkt de waardplant waar de dagpauwoog graag op af komt. Dat is natuurlijk geen tuinplant, maar de veldgids geeft ook aan waar je in Nederland het beste op vlinderjacht kan gaan, zonder netje maar met verrekijker

Veldgids dagvlinders. Irma Wynhoff, Chris van Swaay en Jan van der Made, KNNV, 49,95 gulden, ISBN 9050111238

INTERNET Natuurlijk bestaat er ook digitale informatie over vlinders. De Vlinderstichting heeft een website (www.bos.nl/vlinderstichting) met veel informatie en een verwijzing naar het Dagvlinder Monitoring Project (neon.vb.cbs.nl/sec_lmi_n/ flofau/butterfl), een samenwerking tussen de Vlinderstichting en het Centraal Bureau voor de Statistiek (www.cbs.nl). Ook Johan Padding, student aan de Universiteit Twente, heeft een mooie vlinderpagina (call044202.student.uttwente.nl/ ~johan) met Engelstalige vlinderpoëzie en verhalen van vlindertochten in het Franse Pralognan-la-Valoise en het Zweedse H344rjedalen. M.W

Re:ageer