Wetenschap - 1 januari 1970

Gif komt nooit alleen

Al sinds de gifmengers van het oude Rome en Griekenland weten we dat giftige stoffen elkaars werking kunnen versterken. Maar hoe precies en in elke mate is onbekend. Prof. John Groten, de nieuwe toxicologiehoogleraar in Wageningen, wil dat veranderen. De aan TNO verbonden hoogleraar Combinatietoxicologie gaat zich verdiepen in de giftigheid van chemische mengsels.

In de gangbare analyses die bepalen welke blootstelling aan chemische stoffen wetenschappers toelaatbaar vinden, gaan de onderzoekers altijd uit van één stof, stelt Groten in zijn inaugurele rede. Steeds vaker wordt duidelijk dat die analyses niet kloppen met de werkelijkheid, waarin we een cocktail van bestrijdingsmiddelen, verontreinigingen, natuurlijke schimmelgiffen en voedseladditieven binnenkrijgen.
Begin dit jaar deden Amerikaanse onderzoekers stof opwaaien door een onderzoek naar PCB’s en de stoffen dieldrin en toxafeen in zalm. Het zijn giftige verbindingen van menselijke makelij, die moeilijk afbreken en zich via het visvoer ophopen in gekweekte zalm. Toen de Amerikanen berekenden hoe giftig die zalm is, telden ze de risico’s van die drie groepen stoffen bij elkaar op. De uitkomst was verontrustend. Consumenten zouden de zalm die in Nederland in de winkel ligt bijvoorbeeld maar een paar keer per jaar kunnen eten. De vraag is echter of die berekening klopt, zegt Groten. Omdat de drie groepen stoffen werken langs verschillende wegen is het niet waarschijnlijk dat je hun risico’s domweg kunt optellen.
Een ander voorbeeld dat Groten aanhaalt is dat van de 65 groepen additieven in onze voeding, zoals bindmiddelen en smaak- en geurstoffen. Veel tegenstanders van die stoffen wijzen erop dat bij de beoordeling van hun veiligheid nooit rekening is gehouden met de mogelijkheid dat consumenten die stoffen in cocktails binnenkrijgen. Dat die stoffen elkaars werking beïnvloeden is aannemelijk, als ze tenminste terechtkomen in hetzelfde orgaan en werken langs hetzelfde mechanisme. Als de nieuwe hoogleraar zich beperkt tot de additieven die in de lever terechtkomen, komt hijzelf tot de conclusie dat vier van die additieven elkaars werking kunnen versterken. De British Food Standards Agency doet nu onderzoek naar mengels van die vier stoffen.
Groten beklemtoont dat er dankzij controle en regelgeving in het Westen minder grote milieu- en voedingsproblemen voorkomen dan pakweg tien jaar geleden. Hij citeert met instemming zijn leermeester prof. Jan Koeman. ‘Vooralsnog worden er in de westerse samenlevingen meer mensen door het milieu betaald dan er onder lijden.’
Groten spreekt zijn rede uit op donderdag 18 november. / WK

Re:ageer