Wetenschap - 23 mei 2002

Gemeentes willen simpeler regels plattelandsontwikkeling

Gemeentes willen simpeler regels plattelandsontwikkeling

Gemeentes willen een simpeler en doorzichtiger subsidiesysteem voor plattelandsontwikkeling, blijkt uit onderzoek van het LEI. Dat gemeentes zelf ook veel kunnen doen, blijkt uit het feit dat in het zuiden en oosten van het land de gemeentes actiever en inventiever zijn bij de plattelandsontwikkeling dan die in het westen en het oosten.

Het LEI enqu?teerde 68 gemeentes. Dat gemeentes de regelgeving rondom plattelandsontwikkeling als ingewikkeld ervaren lijkt niet verwonderlijk, want voor subsidie moeten ze voldoen aan vele administratieve en andere voorwaarden. "Dat kost meer tijd dan gedacht", vertelt ir Greet Overbeek van het LEI. "De regelgeving is bijzonder versnipperd." Gemeentes krijgen te maken met regelingen vanuit provincies, de afzonderlijke ministeries en de Europese Unie, terwijl ze ook de mogelijkheden moeten onderzoeken die afzonderlijke nationale en Europese programma's als Belvedere geven en sponsoring door bijvoorbeeld de Staatsloterij.

De gemeentes willen dus vooral een simpelere en doorzichtigere regelgeving, want niet alleen is de regelgeving versnipperd, ze werkt soms zelfs oneigenlijke concurrentie in de hand. Een gemeente die bijvoorbeeld net buiten de grenzen van een gebiedsgerichte subsidie valt, zal eigen middelen moeten inzetten voor de plattelandsontwikkeling die bij de buurgemeentes met gesubsidieerd geld van de grond komt. Daarnaast verwijten de gemeentes het rijk dat ze kansen voor plattelandsontwikkeling missen bij de aanleg van grote infrastructurele werken als de Betuwelijn of snelwegen. Als een fractie van het geld dat daarvoor staat, ge?nvesteerd wordt in het landschap, zou dat al veel helpen.

Volgens projectleider van het onderzoek Greet Overbeek valt er op gemeentelijk niveau ook nog veel te verbeteren. Binnen gemeentes wordt het ingewikkelde en specialistische werk dat nodig is voor plattelandsontwikkeling vaak onderschat. Dat meer initiatief door gemeentes belangrijk is, blijkt volgens haar doordat er in het zuiden en het oosten van Nederland meer natuur- en landschapsontwikkeling tot stand komt dan in het westen en het noorden. "In het noorden en westen heerst de regeltjescultuur nog sterk. In het zuiden kijken ze eerder naar de rek, en ze zijn actiever."

Gemeentes zijn nog niet erg actief op het gebied van plattelandsontwikkeling. Een derde van de gemeentes heeft bijvoorbeeld nog geen landschapsbeleidsplan, en slechts vijftien procent zet eigen middelen in. Dat strookt niet met het landelijke offensief dat het ministerie van LNV heeft ingezet. Met het onderzoek wil het ministerie een eerste inventarisatie doen van de wensen van gemeentes voor plattelandsontwikkeling. | M.W.

Re:ageer