Student - 27 februari 2020

Geluk bij een ongeluk

tekst:
Anne van der Heijden

Wie: Mirjam van Hemmen, 21 jaar
Wat: Bachelor BLP Landschapsarchitectuur en ruimtelijke planning, onderzoek (stage), Climate Studies (MCL)
Waar: Lombok, Indonesië

‘Ik deed een minor Klimaatverandering en Natuurrampen in Nieuw Zeeland toen ik voor het Honours Programme dat ik ook volgde, nog extra punten moest halen. Ik besloot om dat te doen in de vorm van een stage in Zuid-Azië. Maar ik had nog geen idee hoe en wat, totdat ik tijdens een college hoorde over IFSCA, een project vanuit de Massey University in Indonesië dat boeren helpt om een duurzame landbouwonderneming op te zetten. Toen ik na het college de docent aansprak, was hij meteen heel enthousiast en toen was het eigenlijk gelijk gefikst: ik kon daar mijn stage gaan doen in Agricultural Development.’

Noodlot

Twee weken later werd Lombok getroffen door een aardbeving die veel huizen vernietigde. Veel boeren vluchtten en het onderzoekscentrum raakte beschadigd. Het was toen even spannend of het project door zou gaan. ‘Er volgden nog wat aardschokken, maar vlak voordat ik vertrok naar Indonesië, kreeg ik bericht dat het door kon gaan. Opgelucht stapte ik het vliegtuig in.’

‘Toen ik aankwam, zag ik de enorme verwoesting die de aardbeving had aangericht. Op plekken waar eerst huizen stonden, lagen nu overal hoopjes bakstenen. De oogst was verwoest en veel boeren waren hun investeringen kwijt. Velen waren gevlucht en durfden niet meer terug te keren.’

Inwoners en projectmedewerkers bouwen samen nieuwe huizen.
Inwoners en projectmedewerkers bouwen samen nieuwe huizen.
Verwoestingen in het dorp.
Verwoestingen in het dorp.

Bouwpakketten

Vanuit de overheid kwamen er teams die per dorp, samen met de inwoners, de huizen hielpen herbouwen. Dat moest op een andere manier dan vroeger. De oude manier van bouwen was niet goed of stevig genoeg. Inwoners kregen geld en bouwpakketten van de overheid om de huizen te herbouwen. ‘Het project IFSCA waar ik stage liep, was altijd al betrokken bij de boeren en na de aardbeving konden de boeren een beroep doen op dat project om te helpen bij de opbouw van de dorpen. De mensen van IFSCA hielpen de inwoners om alles zo snel mogelijk te herstellen.

De hulp was kleinschalig en dat werkte in dit geval beter dan grootschalig omdat het heel specifiek gericht was op de boeren. Dat was heel efficiënt. Daar ging mijn onderzoek uiteindelijk ook over, over methodes voor herstel na een aardbeving. Het was een geluk bij een ongeluk voor mij, want ik deed al een minor over natuurrampen en deze stage zou vooral over landbouw gaan en nu kon ik het – door een noodlottige gebeurtenis - combineren.’


Re:ageer