Organisatie - 7 december 2006

‘Geld belangrijker dan onderwijs’

Wageningen Universiteit krijgt nu nog hoge cijfers voor onderwijs. Kritische studenten vrezen echter dat dit spoedig zal veranderen. De organisatie legt volgens hen zo veel nadruk op geld en efficiëntie, dat de unieke kracht van de kleine universiteit verloren dreigt te gaan. Een gesprek met de Studentenraad en de WSO over hun zorgen omtrent het Wageningse onderwijs.

Foto: Guy Ackermans
Wageningen Universiteit scoorde dit jaar wederom beter dan alle andere Nederlandse universiteiten in de Keuzegids Hoger Onderwijs. Op de goed bezochte open dagen vloog het kleurige promotiemateriaal de deur uit. Vwo’ers, die in de jaren negentig massaal wegbleven, weten de weg naar Wageningen weer te vinden. Tijd om achterover te leunen? Niet als het ligt aan studentenvakbond WSO en aan de Studentenraadfracties PSF, Veste en CSF.
Zo maakt PSF’er Mattijs Smits zich zorgen over de balans tussen contractonderzoek enerzijds, en fundamenteel onderzoek en onderwijs anderzijds. ‘Ik weet niet waarom het zo is, maar het lijkt wel of alles alleen nog maar om commercieel onderzoek draait. Op dat terrein is ook alles mogelijk. Het academische onderwijs en het fundamentele onderzoek moeten vooral erg efficiënt zijn. Nou zijn we op zich niet tegen efficiëntie, maar wel als dat betekent dat een professor colleges moet geven aan honderd studenten.’ Dat zou volgens Smits ten koste gaan van de kleinschaligheid waar Wageningen juist zo sterk in is.
De nadruk op contractonderzoek gaat ook volgens Yao Mingian van Veste ten koste van onderwijs en fundamenteel onderzoek. ‘Een universiteit heeft juist goed onderwijs en fundamenteel onderzoek nodig om zichzelf universiteit te kunnen blijven noemen. Anders ben je niet meer dan een hbo-instelling. Als je het marktdenken volgt en de student ziet als consument van universitair onderwijs, dan snijd je jezelf in de vingers door fundamenteel onderzoek te verwaarlozen.’

Wrang
Het bestuur van de universiteit zegt heel trots te zijn op het bruisende studentenleven en de onderwijskwaliteit in Wageningen, aldus PSF’er Amrish Baidjoe. ‘Maar door alle bezuinigingen komen ze toch niet veel verder dan het sturen op de input en output van geld. Dat zie je bijvoorbeeld aan de grote inspanningen die het college pleegt om nieuwe studenten te werven of om studenten snel te laten doorstromen in hun studie. Zaken die moeilijk te meten zijn of niet uit te drukken zijn in geld, zoals de kwaliteit van het onderwijs of een brede ontwikkeling van studenten, krijgen minder aandacht.’
Het wrange is volgens de Studentenraad en WSO dat het najagen van efficiëntie en kostenbesparing juist negatieve gevolgen heeft voor punten waaraan Wageningen zijn hoge score in de Keuzegids te danken heeft. Zo gaven studenten vooral hoge cijfers voor de didactische kwaliteiten van docenten, het peil van de studentenvoorzieningen en de grote vrije keuzeruimte.
Die keuzeruimte staat volgens Smits onder druk. ‘Om efficiënter te werken is in het instellingsplan, het IP/OP, opgenomen dat het aantal bacheloropleidingen sterk omlaag moet. Op zich zijn we daar niet tegen. Het is maar hoe je dit invult. Maar momenteel is het allemaal zo dichtgetimmerd dat het voor docenten en professoren heel moeilijk is om een nieuwe cursus van de grond te krijgen die net buiten het bachelorprogramma valt. Hoewel zo’n vak enorm interessant en nuttig kan zijn, stuit elk initiatief op ‘nee geen geld’. Terwijl geld niet altijd de oplossing is. Door studenten en docenten de ruimte te geven kom je vaak tot betere en goedkopere oplossingen.’
Studenten moeten nu soms uitwijken naar andere universiteiten voor het volgen van leuke, vernieuwende vakken, zegt Pieter Heringa van de CSF. ‘Dat is lastig. Je moet reizen, door een administratief woud heen en de periodesystemen lopen vaak niet gelijk met die van Wageningen UR. Er ligt nu een voorstel om meer geld vrij te maken voor nieuwe vakken buiten de vaste programma’s. Op termijn moeten deze nieuwe vakken dan wel in een programma opgenomen worden om volledige financiering te ontvangen. Maar ja, het geld moet ergens vandaan komen. Grote kans dat vakken met weinig studenten, die uniek zijn in Nederland, geschrapt worden. Hierdoor gaat kennis verloren.’
Wel heeft Heringa waardering voor de toegenomen aandacht voor de kwaliteit van het onderwijs. ‘Waar we heel erg over te spreken zijn, is dat docenten en professoren nu meer beoordeeld worden op de kwaliteit van hun cursussen. In functioneringsgesprekken wordt dat nu ook meegenomen. Dat stimuleert wetenschappers om echt werk te maken van het onderwijs. Hier is de afgelopen jaren echt een slag gemaakt.’

Bestuursbeurzen
Het veelzijdige studentenleven in Wageningen, een ander uithangbord van de universiteit, dreigt volgens de studenten ook op de schop te gaan. ‘Wageningen UR neemt de bestuursbeurzen mee in de bezuiniging op de overhead’, zegt Baidjoe. ‘Die beurzen maken het voor studenten juiste mogelijk om buiten hun studie actief te zijn. Dat zijn de mensen die op een open dag potentiële nieuwe studenten werven. Dat zijn ook de mensen die het studentenleven maken tot wat het nu is. De organisatie kan niet naar buiten toe koketteren met het geweldige studentenleven terwijl ze intern snijden in de beurzen.’
Zorgen maken de studentenorganisaties zich ook over de verhuizing naar de Born. WSO’er Charlotte van Erp Taalman Kip: ‘Het is allemaal zo krap berekend. Uiteindelijk worden studenten daar de dupe van. Dat zie je nu al in het Atlasgebouw, waar geen plek meer over is voor afstudeerders. Ze moeten maar in het Forumgebouw gaan zitten en worden zo gescheiden van hun begeleiders. Je kunt niet zomaar even meer binnenlopen. En als je een gesprek met je begeleider wil, moet je ergens anders naar toe. Ze zitten immers met zijn tweeën op een kamer. Dit kan niet goed zijn voor de academische sfeer.’

RSI
Volgens Van Erp Taalman Kip geldt hetzelfde voor het nieuwe betaalsysteem voor leerstoelgroepen. ‘Als het budget op is, zijn het de studenten die als eerste geen kamer krijgen. Voor hoogleraren is dat een ontzettend moeilijke keuze, maar uiteindelijk kiezen ze meestal toch voor hun personeel.’ Uit een vergadering van de werkgroep Onderwijsfaciliteiten op de Born bleek volgens haar dat ook op het meubilair van de werkplekken voor studenten wordt beknibbeld. ‘Voor studenten geldt een lagere arbonorm en ze moeten het doen met kwalitatief mindere stoelen en bureaus. Terwijl er een aantal jaar geleden was bedongen dat ook studenten minder RSI-gevoelige werkplekken zouden krijgen. Ze kunnen blijkbaar wel met wat minder af. Ik kan daar heel erg kwaad om worden.’
Haar WSO-collega Diederik van der Loo vindt dat als het om onderwijs gaat, er te veel politiek wordt bedreven. ‘Kijk naar de internationalisering waar Wageningen in Nederland zo mee voorop loopt. De universiteit zegt dat ze er zo trots op is, maar trekt vervolgens geen geld uit om een internationaal georiënteerde minor mogelijk te maken. Bestuurders zouden nee moeten durven zeggen als ze nee bedoelen.’ Of zoals Baidjoe het verwoordt: ‘They’ve got to put their money where their mouth is.’

Studentenraad en WSO
De Studentenraad vertegenwoordigt de belangen van studenten en is een onderdeel van Wageningen UR. De raad volgt het werk van beleidsmakers en heeft bevoegdheden om beleid af te wijzen of aan te passen.
De Wageningse Studenten Organisatie (WSO) staat los van Wageningen UR en zet zich in voor studentenbelangen in Wageningen. De studentenbond biedt praktische ondersteuning aan studenten bij problemen met onderwijs of studentenvoorzieningen.

Re:ageer