Organisatie - 2 november 2006

Geklets

‘Gezellig’, zegt Aalt Dijkhuizen mistroostig. ‘Ontbijten met z’n allen.’
Op de tafel waaraan de leider der leiders is aangeschoven staan eierdopjes, glazen sinaasappelsap en croissants. De stoelen zijn echter leeg.
‘Ik sloof me uit voor ondankbare jandoedels’, zegt Dijkhuizen. ‘Kunnen ze met me ontbijten, komen ze niet.’
‘Gelukkig heb je mij nog’, zegt Tijs Breukink. De manager neemt een slok van zijn koffie, en bladert door het recente werknemersontevredenheidonderzoek.
‘En maar klagen dat ik onbereikbaar ben’, zegt Duikhuizen, die zijn lepel met enig misbaar doet neerkomen op een gekookt eitje.
‘Misschien heeft iedereen het te druk om te ontbijten’, zegt Breukink, terwijl hij de stukjes eigeel van zijn voorhoofd verwijdert. ‘De werkdruk is moordend. Lees ik hier.’
‘Marmelade’, zegt Dijkhuizen. ‘Bolletje. Boter.’
‘Snotverdulleme, Aalt’, onderbreekt Breukink.
‘Wat lees je?’
‘Klachten over teveel bureaucratie.’
‘Geklets’, schampert Dijkhuizen. ‘Ik heb overal mijn mannetjes zitten. Ze rapporteren me alles wat er gebeurt. Als er teveel bureaucratie was, had ik het gehoord. Volgende punt, alstublieft.’
‘De werknemers beschouwen het Wb als de belangrijkste bron van informatie’, zegt Breukink.
‘Dat probleem is allang opgelost’, wuift Dijkhuizen weg. ‘Nog meer?’
‘Hoe verder de fusie tussen de universiteit met de instituten is gevorderd, des te ontevredener zijn de mensen’, zegt Breukink. ‘Vandaar dat ze op Rikilt, het LEI en de Leeuwenborch nog redelijk tevreden zijn.’
‘Het opheffen van A&F was dus een goed idee’, zegt Dijkhuizen. ‘Maar wat willen de jongens op De Dreijen?’
‘Als ik afga op deze cijfers’, zegt Breukink, ‘overstappen naar Nijmegen.’
‘Ik wist het’, moppert Dijkhuizen, en wrijft in zijn ogen. ‘Er is te veel negativiteit in de organisatie.’

Re:ageer