Organisatie - 1 januari 1970

Gekibbel over residuen

Kritische instanties als Milieudefensie waarschuwen voor bestrijdingsmiddelen op groente en fruit in supermarkten die volgens eigen metingen voorkomen in ongeoorloofde en ongezonde hoeveelheden. Onterecht, zegt Riklilt, het Wageningse onderzoeksinstituut voor de voedselveiligheid, in een artikel op zijn website, want de volksgezondheid komt niet in gevaar.

‘Een interessante rekenoefening’, noemt Wouter van Eck van Milieudefensie Rikilts analyse. ‘Maar kloppen met de realiteit doet het volgens ons niet. We vinden de gegevens en inzichten die Rikilt gebruikt verouderd.’
Op de website weetwatjeeet.nl plaatsen Milieudefensie, Natuur&Milieu en Goede Waar&Co geregeld de resultaten van eigen analyses van residuen van bestrijdingsmiddelen op groente en fruit. Volgens die gegevens bevat één op de vijf geïmporteerde producten meer gifstoffen dan de richtlijnen toestaan. Hoog scoren citrusvruchten, sla, pepers en paprika. Uit berekeningen van de organisaties blijkt vervolgens dat door de overschrijdingen mensen meer van die bestrijdingsmiddelen binnenkrijgen dan is toegestaan. En op dat punt, zegt ir Jacob van Klaveren van Rikilt, klopt het verhaal van de organisaties niet meer.
‘Kijk, met de metingen van Milieudefensie is op zich niets mis, en de geconstateerde overschrijdingen zijn natuurlijk niet goed te praten. Die mogen niet voorkomen. Maar komt daardoor ook de volksgezondheid in gevaar? In onze publicatie laten we zien dat dat niet het geval is. De organisaties gaan in hun berekeningen voortdurend uit van worst-case-scenario’s. Wij houden er ook rekening mee hoeveel verontreinigde groenten en fruit mensen eten. Dan blijkt het met de risico’s ineens weer mee te vallen.’
Wouter van Eck, campagneleider bij de vereniging Milieudefensie, is het niet eens met de berekeningen van Rikilt. ‘We hebben stoffen gevonden die helemaal niet in voedingsmiddelen mogen zitten, zoals pyridaben. Daar is volgens de wet geen veilige inname voor vast te stellen, maar Rikilt doet alsof dat wel zo is. Rikilt gebruikt kennelijk normen uit de tijd dat pyridaben nog wel was toegestaan. Die zijn verouderd.’
Dat is niet waar, zegt Van Klaveren. ‘Volgens de wet mag pyridaben niet. Dat klopt. Maar dat wil nog niet zeggen dat bij elke hoeveelheid de gezondheid in gevaar komt. Om de gevaren in te schatten hebben we gebruikgemaakt van toxicologische gegevens. En nee, die zijn niet verouderd.’
Op een ander punt kunnen Van Klaveren en Van Eck elkaar wel vinden. ‘Rikilt gaat er in zijn analyses van uit dat het mogelijke gevaar telkens maar van één stofje komt’, zegt Van Eck. ‘De rest van de wereld bestaat uit ongerepte Spa Blauw. Blijft de inname van stofje A binnen de perken? Niks aan de hand. Wordt de inname van stofje B niet te hoog? Waar maak je je druk over. Maar dan vergeet Rikilt dat mensen zowel stofje A als B binnenkrijgen, en dat je moet kijken naar het gecombineerde effect van A en B. En alle andere stoffen die niet in voedingsmiddelen thuishoren.’
Van Klaveren noemt die opmerking van Van Eck ‘conceptueel correct’, maar voegt daaraan toe dat de berekeningsmodellen die dat stapeleffect kunnen berekenen nog in de kinderschoenen staan. ‘Bovendien is het belangrijk overeenstemming te hebben over welk risico we bereid zijn te accepteren’, zegt Van Klaveren. ‘Technisch kun je veel uitrekenen, maar Milieudefensie interpreteert de uitkomsten heel anders dan bijvoorbeeld het Voedingscentrum.’
Van Eck is niet eens is met de kritiek op de tests van de kritische organisaties. ‘Ons wordt verweten dat we de mensen onnodig angst aanjagen. Dat is wat ons betreft de omgekeerde wereld. Wij hebben residuen van bestrijdingsmiddelen op groenten en fruit gevonden en dat gemeld. Wij hebben ze er niet op gespoten.’ / WK

De analyse van Rikilt staat op www.rikilt.nl. Klikken op ‘news’.

Re:ageer