Wetenschap - 1 januari 1970

Geen varkensinvasie in Noord-Brabant

Het opheffen van het verbod om dierrechten te verhandelen tussen oost en zuid Nederland, hoeft niet te leiden tot een grote toename van het aantal varkens in Noord-Brabant, stelt deskundige Gé Backus van het Landbouw Economisch Instituut (LEI). De provincie is bang voor een invasie van varkens.

Het aantal varkens dat mag worden gehouden, wordt in Nederland beperkt door dierrechten. Varkenshouders moeten dierrechten kopen, en kunnen die onderling verhandelen. Maar dierrechten mogen tot nog toe alleen verhandeld worden binnen zogenaamde concentratiegebieden. Die compartimentering voorkomt dat dierrechten van het ene deel van Nederland naar het andere deel gaan.
Nederland heeft twee van concentratiegebieden. Het eerste bestaat grofweg uit Noord-Brabant en noordelijk Limburg, het tweede uit Gelderland en Overijssel. Op voorstel van een motie van CDA-Kamerlid Gert Koopmans, overweegt het ministerie van landbouw nu om die compartimentering op te heffen, zodat veehouders dierrechten uit het hele land mogen gaan kopen.
Dat zou een invasie van varkens in Noord-Brabant veroorzaken, wordt in Brabant gevreesd. In regionale dagbladen verschenen daar in de afgelopen maanden berichten dat het aantal varkens in de provincie zou verdubbelen van vijf naar tien miljoen. In Brabant zitten veel grote varkenshouders die nog meer willen uitbreiden. Als ze meer dierrechten van buiten hun eigen gebied mogen kopen, zullen ze dat zeker doen, zo wordt gevreesd.
Dat zullen ze ook doen, stelt dr. Gé Backus van het LEI, maar niet op grote schaal. Backus analyseerde op verzoek van de provincie Noord-Brabant hoe groot de uitbreiding van het aantal varkens in de provincie zou kunnen zijn als gevolg van afschaffen van de compartimentering. Hij schat de toename tussen de vijf á zes procent over een periode van tien jaar. De schatting is gebaseerd op het verwachte aantal bedrijven dat stopt, het aantal dierrechten dat daarmee op de markt komt en de verhouding van de prijzen van dierrechten tussen de regio’s.
Backus denkt dat de provincie zich niet zo veel zorgen hoeft te maken over de toename van het aantal dieren. Belangrijker zorg is volgens hem het concentreren van de varkenshouderijen in speciaal daarvoor bestemde gebieden. Binnen Noord-Brabant en Limburg zijn zogenaamde landbouw ontwikkelingsgebieden (LOG’s) aangewezen, waar de varkenshouderijen zich zouden moeten vestigen. Die zijn niet in de buurt van natuur, en niet in de buurt van bebouwing. Die gebieden zijn juist aangewezen als extensiveringsgebieden. Maar bedrijven in de extensiveringsgebieden zijn maar moeilijk te bewegen om te verhuizen. Volgens Backus kan dat gestimuleerd worden door het makkelijker te maken om een vergunning te krijgen in een LOG, en door subsidie te geven op vestiging in een LOG.
In zo’n LOG kunnen de varkenshouders dan hun bedrijven uitbreiden. Niet tot enorme varkensflats, want daar is nog geen sprake van. Maar wel tot grote tweemans bedrijven met achtduizend varkens, verwacht Backus. Dat levert ook winst voor het milieu op, want nieuwe stallen moeten voldoen aan strengere milieueisen. / JT

Re:ageer