Wetenschap - 1 november 2001

Geen uitzendkrachten voor onderzoek naar poederbrieven

Geen uitzendkrachten voor onderzoek naar poederbrieven

De analyses van poederbrieven op miltvuur kan ID-Lelystad tot nu toe nog aan met eigen mensen. Het gaat om tientallen monsters per dag. Worden het er veel meer, dan zal het instituut moeten uitwijken naar uitzendkrachten, zoals dat bij de testen op bse en mkz ook het geval was. Maar liever houdt het instituut het bij miltvuur bij eigen mensen, wegens het grote besmettingsgevaar.

ID-Lelystad is op elke crisis voorbereid. Is er geen uitbraak van een ziekte, dan werken de mensen van Wettelijke en Dienstverlenende Taken (WDT) aan bijvoorbeeld de ontwikkeling van nieuwe diagnostiek. Zodra er acuut diagnoses nodig zijn, laten de medewerkers hun reguliere onderzoek direct vallen. In eerste instantie zijn de mensen van WDT aan de beurt. Levert dat onvoldoende menskracht op, dan haalt het ad-hoc geformeerde crisisteam ook medewerkers elders uit het instituut weg, bij voorkeur mensen die aan een LNV-programma werken. De diagnostiek heeft voor de organisatie de hoogste prioriteit. Later wordt wel een oplossing gezocht voor het gat dat mogelijk op een afdeling ontstaat. Mensen werken graag mee, merkt woordvoerder Erna Balk. "Het is nieuw, het is belangrijk, je staat in het middelpunt van de belangstelling. Ook als het betekent dat je 's avonds of in het weekend moet werken, kost het geen moeite iemand te vinden." Duurt een crisis langer, zoals bij bse en mkz, dan haalt het instituut al spoedig ook uitzendkrachten binnen.

Het instituut probeert een schatting van alle kosten te maken zodra de crisis zich voordoet. Daarbij gaat het om personeel, overhead en faciliteiten. Bij bse betekende die schatting een groot risico, vertelt Balk. In heel korte tijd, een paar weken, moest het instituut een groot aantal monsters kunnen testen. Acht laboratoriaruimtes zijn daarvoor opnieuw ingericht. Maar mogelijk kwam de monsterstroom langzaam op gang of zouden er minder koeien geslacht worden dan aanvankelijk berekend was. Dat soort risico's neemt het instituut mee in de berekeningen naar LNV. Voor bse is het instituut wel uit de kosten, vermoedt Balk, als per 1 januari particuliere laboratoria het grootste deel van de testen voor hun rekening gaan nemen. Toch zijn er dan minder monsters geanalyseerd dan aanvankelijk werd aangenomen. Balk schat in dat ID Lelystad zo'n 350.000 monsters zal analyseren dit jaar. Van te voren was wel rekening gehouden met 500.000. | L.N.

Re:ageer