Wetenschap - 1 januari 1970

Geen fusie DLO en LUW, maar joint ventures

Geen fusie DLO en LUW, maar joint ventures

Geen fusie DLO en LUW, maar joint ventures

Tweeduizend DLO-medewerkers gaan op 1 maart over van het ministerie van LNV naar de stichting DLO. De rest van het personeel, werkzaam bij vier instituten die nog in reorganisatie zijn, volgt later dit jaar. Daarmee is de verzelfstandiging een feit. Toch moet de raad van bestuur nog enkele bedenkingen wegwerken van de groepsondernemingsraad (gor) van DLO, wil deze instemmen met de verzelfstandiging


Zo maakt de gor zich zorgen over de verdeling van de verantwoordelijkheden tussen de raad van bestuur en de instituutsdirecteuren van DLO. In de juridische structuur die het bestuur voorstelt blijft het topbestuur medeverantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de instituten. Te centralistisch, oordelen de adviseurs van de gor, bestuurskundige Arie van der Zwan en jurist Loe Sprengers

Bij dat centralisme speelt LNV een rol. Het ministerie heeft bedongen dat het zeggenschap houdt na de verzelfstandiging, om ervoor te waken dat het publieke bezit niet wordt verkwanseld. Zo mag DLO zijn gebouwen, overgenomen van Domeinen, alleen verkopen met toestemming van de minister. Hij wil een duidelijk aanspreekpunt behouden en dat is de raad van bestuur, die daarmee veel bevoegdheden krijgt

De adviseurs van de gor vinden dat de verantwoordelijkheden dan niet goed zijn gescheiden. Als DLO aan kennisexploitatie doet en bijvoorbeeld na het rijden van een scheve schaats in de Verenigde Staten te maken krijgt met schadeclaims, dan moet de stichting haar zaakjes juridisch duidelijk hebben geregeld. Tekenend is dat de aansprakelijkheid van de gehele organisatie niet is te verzekeren, maar de aansprakelijkheid per instituut wel, schetst gor-voorzitter Herbert Diemont. Op zich logisch, want per instituut zijn de activiteiten en de bijbehorende risico's duidelijker omlijnd. Overleg tussen de juristen van de gor en LNV moet nu een afspraak opleveren waarbij de juridische verantwoordelijkheden wel duidelijk zijn

Voorts wil de gor de verantwoordelijkheden van DLO en LUW duidelijk scheiden. Wij willen eerst de boegbeelden voor de markt helder positioneren, los van WUR, schetst Diemont. Dat zijn de DLO-instituten en de LUW-departementen. Onder de instituten kun je bv's hangen voor de wettelijke taken voor het ministerie en voor kennisexploitatie. Die kunnen uiteenlopende producten leveren, tegen een eigen tarief. Als gevolg willen we geen fusie tussen DLO en LUW, maar joint ventures: je voegt het onderzoek samen in kenniseenheden, maar daaronder opereren de partners onafhankelijk.

Waarom zou je fuseren?, vraagt Diemont retorisch. Als Telegraaf-lezer weet ik dat zeventig procent van de fusies mislukt. Gor-lid Henk Keukens vult aan: Er heerst verwarring tussen het vinden van een organisatiestructuur en het vinden van samenwerking tussen DLO en LUW. Je kunt samenwerken zonder het keurslijf van een structuur. Neem de samenwerking tussen de autofabrikanten Ford en Mitsubishi. Die geven echt hun eigen identiteit niet op, die zoeken meerwaarde in de samenwerking.

Daarom is de gor ook tegen het kantelen van de organisatie: de directeuren van de kenniseenheden worden verantwoordelijk voor onderwijs, fundamenteel onderzoek en toegepast onderzoek. Dat kantelen is hartstikke modern in de organisatiekunde, maar het kan niet volgens onze juristen. Je kunt niet van bovenaf de markt bepalen, voor marktgericht werken heb je zelfstandigheid nodig, verklaart Keukens. Het moet decentraal, vult Diemont aan. Zie de LUW, die - las ik in Wb - marktgerichter is dan DLO. Ik verheug me op de professoren, want die denken er net zo over als wij. A.S

Re:ageer