Organisatie - 1 januari 1970

‘Gedragscode niet scherp genoeg’

Wageningen UR moet haar gedragscode voor onderzoekers aanscherpen om zich beter te wapenen tegen de toegenomen invloed van opdrachtgevers. Dat stelt de stuurgroep Technology Assessment van LNV. De adviseurs menen verder dat de DLO-instituten meer worden afgeschermd van competitie dan goed is voor de kwaliteit van het onderzoek.

Het advies van de stuurgroep, getiteld ‘Wie betaalt, bepaalt?’, is donderdag 16 maart aangeboden aan mr. Ate Oostra, directeur-generaal bij LNV, en rector magnificus van Wageningen Universiteit prof. Martin Kropff. De groep, voorgezeten door drs. Wouter van der Weijden van het Centrum voor Landbouw en Milieu (CLM), constateert dat de positie van de gemiddelde onderzoeker ‘structureel is verzwakt’ en wijst op het belang van een ‘robuuste gedragscode die de onderzoeker houvast biedt’.
De Ethische Richtlijnen die Wageningen UR in 2004 heeft opgesteld, moeten volgens de stuurgroep nu al worden herzien. In de gedragscode moet onderscheid gemaakt worden tussen universiteit en DLO. Voor de universiteit moet de code zodanig worden aangescherpt dat die spoort met de verklaring van wetenschappelijke onafhankelijkheid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen.
Zo moet in de standaardvoorwaarden een niet-onderhandelbaar recht op publicatie staan, met uitstel tot maximaal een half jaar. Onderzoekers moeten hun belangen duidelijker kenbaar maken, geheimhouding door studenten moet verboden worden en de onderzoeker moet het recht krijgen ook samenvattingen te autoriseren. ‘Gaat de opdrachtgever niet met deze voorwaarden akkoord, dan hoort de opdracht niet naar de universiteit te gaan’, zo stelt het rapport.
De commissie heeft het advies opgesteld omdat zij zich zorgen maakt over ‘verontrustende ontwikkelingen die zich wereldwijd in de wetenschap voordoen’. De toename van het contractonderzoek aan universiteiten en andere publieke onderzoeksinstellingen zou risico’s met zich meebrengen voor de betrouwbaarheid, toegankelijkheid, diversiteit en innovatiekracht van het onderzoek. Er is volgens de stuurgroep geen reden aan te nemen dat in Wageningen de situatie ernstiger is dan elders.
De analyse van de stuurgroep is vrijwel geheel gebaseerd op al bekende openbare bronnen. Nieuwe gevallen van belangenverstrengeling of concrete voorbeelden van druk van opdrachtgevers op Wageningse onderzoekers zijn in het rapport niet te vinden. De stuurgroep roept de minister op dit nader te laten onderzoeken.
De stuurgroep adviseert de minister verder een hoger percentage van de programmagelden, die nu vooral naar de DLO-instituten gaan, openbaar aan te besteden. Momenteel wordt vijf procent (10 miljoen euro) openbaar aanbesteed. Volgens de stuurgroep wordt DLO daardoor ‘meer afgeschermd van competitie dan goed is voor kwaliteit, creativiteit en diversiteit’.
De adviescommissie is kritisch over de ‘vermenging van en de spanning tussen twee culturen’ die is opgetreden sinds de fusie van de universiteit en DLO. Zij adviseert Wageningen UR duidelijkheid te scheppen over de verschillende verantwoordelijkheden van beide onderdelen en met kracht te bevorderen ‘dat de open en onafhankelijke universitaire cultuur overeind blijft’. De raad van bestuur van Wageningen UR wilde nog niet reageren op het advies. / GvM

Re:ageer