Wetenschap - 9 november 1995

GSD experimenteert met stevige aanpak van werkloze afgestudeerden

GSD experimenteert met stevige aanpak van werkloze afgestudeerden

De tijden dat de kersverse ingenieur lekker bijkwam van de laatste studie-loodjes en uit de staatsruif at, zijn verleden tijd. Alleen in de krant kijken en wat sollicitatiebrieven schrijven is niet meer genoeg. Bij wijze van experiment heeft de Gemeentelijk Sociale Dienst van Wageningenin september enkele honderden pas afgestudeerde ingenieurs onthaald op een stevige aanpak. Ze moeten actief naar werk zoeken; pas dan hebben ze recht op een uitkering, aldus de nieuwe bijstandswet die begin 1996 van kracht wordt.


Een vloek en een zegen. Dat zijn de 1400 werkloze ingenieurs in Wageningen. Een vloek omdat het er zoveel zijn en allemaal landbouwkundig ingenieur. Een zegen omdat ze jong zijn, bereid via een uitzendbureau te werken en willen verhuizen als ze een baan elders vinden." In paar zinnen schetst mr drs N. de Milliano zijn clienten. Sinds maart 1995 is hij leider van het uitstroomteam van de Gemeentelijke Sociale Dienst.

Wat verwacht de gemeente van de pas afgestudeerde LUW-ingenieur?

Het is niet de categorie die we aan het handje moeten nemen. In het verleden bleek dat zij zich prima redden. Maar de nieuwe bijstandswet, die 1 januari 1996 van kracht wordt, benadrukt de plicht tot werken. Daarom hebben we als experiment in september ongeveer driehonderd ingenieurs gevraagd langs te komen, met een open en gerichte sollicitatie, een curriculum vitae en een A4'tje met een hoe-kom-ik-aan-het-werk-plan. Ook willen we dat ze een zo breed mogelijk netwerkoverzicht meenemen. Dus niet alleen de stage-begeleider maar ook vrienden, oud-afdelingsgenoten, familie, noem maar op. Verder verwachten we dat ze zich aanmelden bij het KLV-Loopbaancentrum en het Agro Topcentre."

Studenten houden zich maar beperkt bezig met de periode na hun studie. Velen zijn allang blij dat de studie afgerond is en blazen even uit. Waren de ingenieurs gemotiveerd?

Ik heb in september diverse intakegesprekken gedaan. Er zaten er tussen die op 24 augustus hun stage in het buitenland hadden afgerond en vier dagen later afstudeerden. Die hadden geen tijd voor orientatie op de arbeidsmarkt. Daar heb ik alle begrip voor. Verder moet ik zeggen dat de motivatie meeviel. Mijn indruk is dat slechts een beperkte groep geen zin heeft in actief werk zoeken."

Wat is de sanctie voor ingenieurs die niet meewerken?

Nu kunnen we nog geen sancties toepassen, maar vanaf begin 1996 kan dat bijvoorbeeld een korting van tien procent zijn. We geven liever een maand een fikse korting van twintig procent dan maandenlang een paar procent. Sancties kunnen direct opgelegd worden. Maar de interne toetsing en verwerking door onze administratie kosten tijd. En na het versturen van de beschikking is bezwaar mogelijk. Daarmee kan twee tot drie maanden gemoeid zijn."

Overigens zijn de sancties ons doel niet. Wij willen dat ingenieurs snel werk zoeken en vinden. Daarbij waarschuwen wij bijvoorbeeld voor de verwachte dubbele uitstroom in september 1996. Dan studeren de studenten met vijf en zes jaar studiefinanciering tegelijk af. De ervaring leert dat recent afgestudeerden, met in hun bagage de nieuwste kennis, de beste kaarten hebben."

Voorheen kon de uitkeringsgenieter zich makkelijk onttrekken aan controle of de gemotiveerde-ingenieur-maar-het-lukt-niet-om-werk-te-vinden spelen. Instanties zoals het arbeidsbureau, het KLV-Loopbaancentrum en de sociale dienst werkten langs elkaar heen. Hoe is de aanpak nu?

We hebben een loket, dus arbeidsbureau, KLV-Loopbaancentrum en sociale dienst werken nauw samen. Daarmee loopt Wageningen voorop. De rol van de sociale dienst is primair het verstrekken van uitkeringen. De arbeidsmarkt voor academici, met alle ins and outs, kennen wij niet. Maar enkele van onze consulenten zijn voor de zomer geschoold in de mogelijkheden die het KLV-Loopbaancentrum biedt. Zo is de begeleiding bij werk zoeken en de uitkeringverstrekking in een hand. Op den duur zal de client niet meer merken of de consulent bij het arbeidsbureau of de sociale dienst werkt."

Jammer genoeg zijn de cumputersystemen van sociale dienst en arbeidsbureau niet compatibel. Dus moet de ingenieur annex bijstandstrekker nog steeds tenminste tweemaal gegevens ophoesten. We kunnen niet met een dossier werken."

De gemeente wil dat arbeidsmarktorientatie al tijdens de studie plaatsvindt. Maar in het recente halfjaarlijkse overleg tussen burgemeester, wethouders en college van bestuur was de Landbouwuniversiteit afhoudend. En eerder sneuvelde het vak studie- en loopbaanplanning wegens de niet-academische inhoud. Zet de gemeente haar wens door?

We hebben daarover voor de zomer met onder anderen het hoofd studentenzaken, het decanaat en de alumni-functionaris gebrainstormd. Ik denk dat het korte-termijnbelang van de Landbouwuniversiteit niet strookt met een vak waarin arbeidsmarktorientatie aan de orde komt. Maar een universiteit wordt niet alleen op aantallen afgestudeerden of publikaties beoordeeld."

Misschien gaan studenten de Wageningse opleidingen meer beoordelen op de arbeidsperspectieven. Is dat een reden om samen te werken?

Er zijn geledingen binnen de Landbouwuniversiteit die denken dat afgestudeerden het wel redden. Maar de registratiebakken hier vertellen een ander verhaal. De strakke grens tussen Landbouwuniversiteit en gemeente werkt belemmerend. Gemeente en arbeidsbureau kunnen best al tijdens de studie algemene informatie geven over de arbeidsmarkt en werk zoeken. Dat hoeft echt geen halfjaarlijkse cursus van twee dagen per week te zijn. Hier ligt nog een mooie taak voor ons."

De gemeente betaalt tien procent van de uitkering voor een LUW-schoolverlater, zo'n 880 gulden per maand. Dat is ongetwijfeld een drijfveer bij meer voorlichting.

Wageningen heeft zo'n 2500 uitkeringsgerechtigden. Inclusief bruto-uitkeringskosten is de gemeente per maand per uitkeringsgerechtigde tweehonderd gulden kwijt. Daar moet je de uitvoeringskosten nog bij optellen."

De vooruitzichten voor academici, zeker voor landbouw- en milieukunde-ingenieurs, zijn goed volgens het Research-centrum voor onderwijs en arbeidsmarkt in Maastricht. De komende jaren komen er 1700 banen bij, niet genoeg om de jaarlijkse aanwas van zo'n vijfhonderd ingenieurs op te vangen. Wel blijken Wageningers meer dan andere academici breed inzetbaar. Hoe stuurt de sociale dienst de ingenieurs de arbeidsmarkt op?

Wij kennen niet de specifieke smalle segmentjes van de arbeidsmarkt voor ingenieurs. Ik ben nog bezig me te orienteren op de sterke en zwakke punten van de Wageningse opleidingen. Wel wijzen wij de ingenieurs nadrukkelijk op hun brede achtergrond, die ze tijdens de eerste studiejaren opdoen. Er is meer dan de enge specialistisch kennis uit het afstudeervak. Je bent niet alleen levensmiddelentechnoloog met een specialisatie, maar ingenieur, academisch geschoold. Het is alsof de ingenieur na jaren klimmen de smalle top van de Matterhorn heeft bereikt en daar permanent van het uitzicht wil genieten. En dat terwijl het uitzicht op de Mont Blanc ook schitterend is. Maar voor een nieuwe beklimming moet de ingenieur eerst terug door het brede dal. In dat dal staan wij voor ze klaar."

Al met al blijft het dilemma dat er te weinig banen zijn. Daar helpt al die training en voorlichting toch niet aan?

1400 Werkloze ingenieurs lijkt veel, maar eigenlijk is het overgrote deel frictiewerkloosheid. Tweederde deel vindt binnen een jaar werk. Vaak met tijdelijke en kortdurende contracten. Maar als ze weer werkloos zijn, vinden ze toch al gauw een andere baan en zien we ze niet meer terug. Voor de echte langdurige werklozen hebben we de intensieve trajectbegeleiding, die twee tot drie jaar kan duren. Dat is voor de clienten die alle motivatie missen of onvoldoende kwalificaties hebben."

Re:ageer