Organisatie - 6 september 2007

Functioneel truttig

Jan Peter Balkenende zucht. Hij kijkt op van zijn notitieblok en spreidt zijn handen.
‘Heren’, bekent de premier. ‘Ik zit vast op mijn christendemocratische passage.’
‘Schuimende stinkpoot’, roept Dijkhuizen. ‘Dat klinkt serieus.’
‘Christendemocratische passage?’, vraagt Breukink.
‘De moraal die ik als christendemocraat in mijn toespraak stop’, verklaart Balkenende.
‘Zo van: hou op met dat geleuter en alle neuzen één kant op?’, vraagt Dijkhuizen.
Balkenende denkt even na, en schudt weifelend met zijn hoofd. ‘Ik zeg liever dingen als: respecteer je medemens en peuter in het openbaar niet in je neus.’
‘Iets truttigs’, zegt Breukink.
‘Feitelijk wel’, zegt Balkenende. ‘Maar dan wel iets truttigs waarvan we als samenleving beter worden. Je zou ze de kost moeten geven, de mannen die en plein public tot metersdiep in hun neusvleugels zitten te graaien.’
‘Iets functioneel truttigs’, zegt Breukink.
‘En nu zit je vast op je functioneeltruttige passage’, zegt Dijkhuizen.
‘Ik heb wel iets, maar het deugt niet’, zegt Balkenende.
‘Want wat heb je nu?’, vraagt Breukink.
‘Ik vertel de studenten dat zesjes en zeventjes niet goed genoeg zijn, maar dat ze achten en negens moeten halen.’
Balkenende blikt van het ontstemde gezicht van Dijkhuizen naar Breukink. Als die zijn linkerwenkbrauw optrekt, blikt Balkenende weer naar Dijkhuizen, en van Dijkhuizen naar Breukink, en van Breukink naar Dijkhuizen.
‘Ik word een beetje duizelig’, zegt de premier.
‘Dit is heel, heel erg truttig’, zegt Dijkhuizen.
‘Vind ik zelf ook’, zegt Balkenende snel.
‘Maar we verzinnen wel wat beters’, zegt Breukink. ‘We hebben nog een half uur.’
Dijkhuizen legt zijn hand geruststellend op de schouder van de premier. ‘We komen er wel uit’, zegt Dijkhuizen. ‘Onder stress zijn wij Wageningers op ons best.’
‘Ik ga Martin even halen’, zegt Breukink en beent weg.

Re:ageer