Organisatie - 28 september 2006

Feestje bij Nutrigenomics Consortium

Duizend DNA-chips, zogeheten arrays, heeft het Nutrigenomics Consortium van WCFS nu afgelezen. Reden voor een bescheiden feestje, zegt prof. Michael Müller. ‘We zijn geen servicelab, moet je bedenken. Het geeft aan wat voor vlucht dit type onderzoek heeft gemaakt.’
De arrays die het centrum afleest zijn ongeveer een vierkante centimeter groot, en bestaan uit minuscule stipjes. Elk stipje meet de activiteit van een gen. ‘Alle 22.000 muizengenen staan erop’, zegt Müller. ‘Je gebruikt zo’n chip bijvoorbeeld om eerst een beeld te krijgen van een muis onder normale omstandigheden. Daarna zet je het beestje op een dieet met veel vet, en meet je na een week weer de activiteit van de genen. Als je de twee chips met elkaar vergelijkt, kun je van alle genen zien hoe ze reageren op een week dieet.’ Het centrum ‘leest’ de chips, en zet die om in informatie voor de onderzoekers. Je kunt het vergelijken met het ontwikkelen van een foto.
Met de nieuwste update van de micro-arrayapparatuur kan het centrum nu ook de meest geavanceerde DNA-chips verwerken. Eén zo’n array doet anderhalf miljoen metingen. Hij bekijkt niet alleen hoe hard genen werken, maar vertelt ook welke stukken van de genen de cel echt afleest. De nieuwe arrays meten bovendien een half miljoen genenvariaties.
Bijna alle DNA-chips die het centrum verwerkt komen voort uit onderzoek van het Nutrigenomics Consortium. ‘De meeste arrays zijn van onze eigen groep’, zegt Müller. ‘We verwerken daarnaast de arrays van consortiumpartners.’

Re:ageer