Wetenschap - 1 januari 1970

Falende zorg in Cambodja

Ze wisten weinig van gezondheidszorg in ontwikkelingslanden. Maar hun systematische aanpak bij het oplossen van realistische vraagstukken leverde vier studenten Internationale ontwikkelingsstudies wel de hoofdprijs op in een wedstrijd over gezondheidszorg wereldwijd. Half januari aanschouwden ze in Cambodja de rauwe praktijk.

Op de boot in Cambodja. Van links naar rechts: Sarah Stattman, Nienke Holl, Eva van den Broek en Marleen Nooij. / privéfoto

‘Wat het meeste indruk op me maakte was een man, die zwaar gewond was geraakt door een ontploffende mijn. Hij moest zeven uur in een auto over een hobbelige weg naar een ander ziekenhuis worden vervoerd, waar ze hem wel konden opereren’, vertelt Nienke Holl. ‘Wij als gezonde mensen zouden al moeite met die reis hebben. Bovendien kun je in Nederland in tien minuten in een ziekenhuis zijn’, vult Sarah Stattman aan. Het schrijnende van de situatie was dat de man niet gewond was geraakt doordat hij in het veld op een mijn was gestapt, maar dat de mijn was ontploft terwijl hij deze uit elkaar haalde. ‘Uit pure armoede, om de onderdelen te kunnen verkopen.’
De twee studenten zagen, samen met hun studiegenoten Marleen Nooij en Eva van den Broek, in Cambodja ook voorbeelden van mensen die door armoede en gebrek aan informatie geen goede gezondheidszorg kregen. Marleen: ‘Bij een ziekenhuis hadden ze een fonds ingesteld om de behandelingen te betalen van de allerarmsten. Maar omdat niemand van dit potje wist ging toch niemand naar het ziekenhuis.’

Hoofdprijs
De tiendaagse studiereis naar Cambodja was de hoofdprijs van een wedstrijd over gezondheidszorg wereldwijd, die in oktober vorig jaar werd georganiseerd door onder andere NCDO, HealthNet International en Youngworks. De organisaties hoopten hiermee jongeren meer te betrekken bij problemen in de gezondheidszorg in ontwikkelingslanden. De deelnemende teams moesten in vier weken tijd oplossingen aandragen voor vier realistische gezondheidsproblemen. De meeste teams bestonden uit studenten gezondheidsvoorlichting en geneeskunde. ‘Wij zijn mee gaan doen omdat we wisten dat de hoofdprijs een reis naar een ontwikkelingsland zou zijn’, lacht Sarah. Alleen Marleen had wat ervaring met gezondheidsvoorlichting.
Gaandeweg veranderde hun motivatie. De cases lokten veel discussies uit. Zo moesten de studenten zeggen wat ze als arts zouden doen als een meisje op een onveilige manier buiten het ziekenhuis besneden dreigde te worden. In hun antwoord gingen ze bijvoorbeeld op zoek naar alternatieve rituelen voor de besnijdenis. Ze vonden het geen oplossing om het meisje zelf veilig te besnijden, en vervolgens tegen andere meisjes nee te zeggen. Het typeert hun aanpak. ‘In onze studie leer je op veel onderwerpen een bepaalde systematiek toe te passen. Je plaats het probleem in een bredere context, kijkt welke actoren een rol spelen, bekijkt de effecten van je oplossingen op korte en lange termijn, en doet aanpassingen als je ongewenste effecten voorziet. Het onderwerp is dan minder relevant’, verklaart Sarah.
De wedstrijd was naast leuk dan ook heel leerzaam. Marleen: ‘We bleken tijdens onze studie toch echt wat geleerd te hebben. Als we na onze discussies op zoek gingen naar informatie, stuitten we vaak op projecten waarin oplossingen werden beschreven zoals wij ze ook hadden bedacht.’

Spiraaltjes
Eind november vorig jaar bleek dat het Wageningse team gewonnen had en op studiereis naar Cambodja ging. ‘Alles was tot in de puntjes geregeld en alles werd betaald. We kregen zelfs zakgeld mee’, vertelt Marleen. In een week tijd reisden ze het hele land door en bezochten vele projecten van HealthNet International, waaronder een ziekenhuis, een tbc-project, en een project waarbij lokale winkels de pil, condooms en spiraaltjes verkochten. ‘Het was druk, maar het gaf wel een goed beeld van de gezondheidssituatie in Cambodja en hoe ngo’s werken.’ De studenten spraken verder mensen op alle niveau’s, van provinciale bestuurders tot artsen en patiënten.
Hun studiereis moest ook de interesse van andere jongeren voor het onderwerp bevorderen, dus schreven de studenten tijdens hun reis korte dagboekverslagen voor op de internetsite van het project. Ze maakten foto’s en interviewden jongeren. Zo spraken Nienke en Eva enkele ‘karaoke-meisjes’. Marleen en Sarah interviewden hun bazin. De antwoorden lieten zien dat er vaak meerdere kanten aan een zaak zitten. Nienke: ‘De meisjes vertelden bijvoorbeeld dat ze geen condooms kregen, terwijl de vrouw vertelde dat ze hen geld voor condooms gaf.’ Tegelijkertijd betaalde de bazin de politie om haar zaak open te houden.
En ook in andere gevallen bleken er altijd meerdere kanten aan probleem te zitten. Sarah: ‘Mensen gingen bijvoorbeeld niet naar het ziekenhuis omdat het vervoer te duur was, of omdat je in het ziekenhuis zelf eten moet regelen.’ En ook analfabetisme is een obstakel in de gezondheidszorg. Wie niet kan lezen is meestal niet op de hoogte van de mogelijkheden of de risico’s. ‘Mensen moeten weten waarom ze antibioticakuren af moeten maken en leren eerder naar het ziekenhuis te gaan.’ In andere gevallen functioneerde het systeem niet. ‘Dan waren er wel artsen maar ontbraken een bloedbank en operatiekamer en verdienden de artsen minder dan iemand in een wasserette.’

Studieplannen
Toch blijven de vier optimistisch. Marleen: ‘Mensen werken echt hard om de situatie te verbeteren.’ Sarah. ‘Mensen waren bijvoorbeeld ook gemotiveerd om mee te doen aan een project dat hen opleidt om in hun eigen dorp voorlichting te geven.’
De studenten denken dat hun reis en hun verslagen het onderwerp gezondheidszorg in ontwikkelingslanden toegankelijker hebben gemaakt voor jongeren. De studiereis verandert echter weinig aan hun studieplannen. Alleen Marleen, die zich als enige al eerder bezig hield met gezondheidsvoorlichting, weet nu zeker dat ze graag in deze richting wil werken. ‘Ik heb gezien dat er in de gezondheidszorg nog veel bereikt kan worden. Dat motiveert me nog meer om deze studie te doen.’

Yvonne de Hilster

Voor meer informatie:www.kansopgezondheid.nl

Re:ageer