Wetenschap - 1 januari 1970

Experts snappen nog weinig van vogelzang

Vogels zingen dankzij een uniek vocaal orgaan dat diep in de longen verzonken ligt, daarover zijn de experts het wel eens.Ze hebben echter nog geen flauw benul hoe de complexe geluiden in het orgaan worden opgewekt. Wel zijn er sprankjes hoop. Zo is het al gelukt een dode kraai te laten krassen.

Een zingende nachtegaal op een stille voorjaarsavond heeft al heel wat dichters, schrijvers en componisten geïnspireerd. De zang is betoverend en geheimzinnig. Voorlopig hoeven we nog niet te vrezen dat alle geheimen van de vogelzang door de wetenschap ontmaskerd zullen worden. Als er iets duidelijk werd op het seminar ‘How do birds sing?’, dat vrijdag 12 november in Wageningen werd gehouden, dan was het wel dat wetenschappers nog nauwelijks weten hoe vogels zingen.
De sprekers op het seminar waren in Wageningen vanwege de promotie van bioloog ir Coen Elemans, die in zijn proefschrift een paar tipjes van de sluier rond de vogelzang heeft opgelicht. Een van zijn ontdekkingen heeft – mede dankzij een publicatie in Nature – enorm veel publiciteit gekregen: duiven koeren dankzij supersnelle spieren in de syrinx (Wb25, 9 september 2004). Deze vogelvariant van het strottenhoofd zit ter hoogte van de splitsing van de luchtpijp naar de longen en ligt diep verborgen onder enorme vliegspieren. Het is daardoor lastig experimenteel onderzoek te doen naar het functioneren van de syrinx tijdens geluidsproductie.
Dr Ole Næsbye Larsen, van het Deense Centre for Sound Communication, liet zien dat het wel mogelijk is om met een endoscoop een kijkje binnen in de syrinx te nemen. De exacte manier waarop de lippen en membranen van het orgaan zich tijdens geluidsproductie openen en sluiten is echter niet goed in beeld te vangen. De high-speed camera die genoeg beeldjes maakt om het proces in beeld te brengen, kampt met te weinig belichting.
Larsen demonstreerde dat het wel mogelijk is een dode duif geluid te laten produceren door druk uit te oefenen op het achterlijf. De luchtstroom door de syrinx komt dan op gang en er is een geluid te horen, dat nog het meeste lijkt op een flinke boer. Hetzelfde experiment uitgevoerd bij de bonte kraai, een zangvogel, levert een opvallend duidelijk krassend geluid op. Larsen: ‘We hebben geen idee wat er gebeurt, alleen dat we een geluid krijgen als we de kraai op het achterlijf duwen’.
De Amerikaanse bioloog prof. Franz Goller van de University of Utah wil ook graag meer weten over hoe vogels de luchtstroom door het geluidsorgaan beheersen. Hij gebruikt allerlei ingenieuze meetapparatuur om het zuurstofverbruik en de spieractiviteiten rond de syrinx en snavel te meten. Momenteel heeft hij vooral zijn hoop gevestigd op de zebravink, omdat bij dit vogeltje de spieractiviteit tijdens de uitstoot van de laag frequente tonen een heel ander patroon vertoont dan bij uitstoot van hoog frequente tonen. ‘We verkeren nog in het stadium dat we blij zijn met alle relaties die we experimenteel vinden. Als we eerlijk zijn hebben we nog geen flauw benul wat het betekent. Zelfs bij de duif, een vogel die toch niet echt bekend staan om zijn zangkunst, tasten we nog in het duister.’ / GvM

Re:ageer