Wetenschap - 1 januari 1970

Europa neemt minder CO2 op dan gedacht

Europa neemt minder CO2 op dan gedacht

Europa neemt minder CO2 op dan gedacht


Het Europese landschap neemt tussen de zeven en twaalf procent op van de
door mensen geproduceerde CO2,, en blijft daarmee ver achter bij het
wereldgemiddelde van 22 procent. Dat concludeert een twaalf man groot
internationaal team wetenschappers in Science, waaronder ir Gert-Jan
Nabuurs en dr Ronald Hutjes van Alterra. Nederland lijkt met zijn grote
hoeveelheid CO2-producerende veengebieden een potentiële bron voor CO2 te
zijn.

De wetenschappers schatten de hoeveelheid CO2 die wordt gebonden door het
landschap tussen de 135 en 205 miljoen ton. Tot nu toe bestond veel
onduidelijkheid over de vraag of en hoeveel CO2 het landschap opneemt. De
schattingen van deze zogenaamde koolstofsink schommelen tussen de 80 en 560
miljoen ton. Met de nieuwe berekeningen is de onzekerheid teruggebracht tot
70 miljoen ton. De opname van CO2 door het landschap is lager dan gedacht,
en haalt bij lange na niet het wereldgemiddelde van 22 procent.
De wetenschappers stellen dat een ander beheer de opnamecapaciteit van het
Europese landschap kan vergroten. ,,Minder ploegen, meer gewasresten op het
land laten liggen, minder bossen en graslanden omzetten in landbouwgrond'',
noemt Hutjes als voorbeelden. ,,Nu wordt grasland om de zoveel jaar
omgeploegd om een jaar maïs te verbouwen. Dat is funest voor de opname van
CO2.''
De wetenschappers komen tot hun cijfers door twee bestaande rekenmethodes
te combineren en aan te passen: de ‘atmosfeermethode’, gebaseerd op
metingen van luchtmonsters, en de ‘landmethode’, waarbij onder meer de
groeisnelheid van bomen een maat is voor CO2-opname. Het artikel in Science
is eigenlijk een samenkomst van twee onderzoeksscholen, stelt Nabuurs.
Wageningen is van oudsher groot in het koppelen van landgebruik aan het
klimaat.
Aan de gangbare rekenmethoden kleven allerlei bezwaren. De atmosfeermethode
houdt er bijvoorbeeld geen rekening mee dat koolstof ook in gassen als
koolstofmonoxide en methaan wordt uitgestoten. De landmethode heeft
voornamelijk aandacht voor de opnamecapaciteit van bossen, terwijl in de
nieuwe berekeningen ook is meegenomen dat landbouw- en veengebieden juist
CO2 afscheiden.
Nabuurs en Hutjes zijn verbaasd over de grote hoeveelheid CO2 die door het
veen wordt afgescheiden. Dat stelt Nederland voor een probleem, stelt
Hutjes. ,,De helft van Nederland is veengebied. Dat wordt geploegd en
ontwaterd, en is daarmee een potentiële bron van CO2.'' Zorgen maken de
wetenschappers zich ook over de grote stukken veen die in Siberië onder de
permafrost verborgen liggen. ,,Als dat door de opwarming van de aarde
ontdooit, hebben we er een enorme CO2-bron bij.'' |
M.W.

Re:ageer