Wetenschap - 14 maart 2002

Essay: Kennis is macht

Essay: Kennis is macht

Jaren geleden trof ik, tijdens een zoektocht naar het atelier van een grafisch ontwerper, ergens op een zolder van het toenmalige hoofdgebouw een doos aan met lege enveloppen uit het vooroorlogse Nederlandsch-Indi?. Deze enveloppen hadden geen enkele filatelistische waarde meer, omdat een vandaal de postzegels had verwijderd. Wel bleek uit de wijze van verzending dat de Landbouwhogeschool in Indi? van groot praktisch nut was. Meer dan ??n brief was per luchtpost verstuurd onder de mededeling 'Landbouwhoogeschool Urgent'. Bandoeng en de heren van de thee, de tabak en de koffie, hadden baat bij de adviezen van Wageningen. Op hun plantages was altijd plaats voor Wageningse ingenieurs.

De tijden zijn veranderd, maar de urgentie van de Wageningse landbouwwetenschappen is gebleven. Een urgentie die door velen niet meer gezien wordt, want Wageningen lijkt het spoor bijster te zijn. Neem de wanhoop waarmee de bestuurders op zoek zijn naar zekerheid en naar een missie.

Een zekerheid die gevonden schijnt te zijn in reorganisaties, ingewikkelde juridische constructies en in het bouw- en sloopbeleid, dat stilaan tot de 'core business' van Wageningen is verworden. Niet voor niets wordt de vroegere voorzitter van de Raad van Beheer in het openbaar de 'architect' genoemd, maar in de wandelgangen wordt een minder vleiende term uit de wereld van de bouw gefluisterd. Kennelijk wordt op de Costerweg gedacht dat een dynamische universiteit altijd reorganiseert en dat nieuwbouw per definitie bestaanszekerheid geeft. Niets is echter minder waar, niet de leugen maar het misverstand regeert in Wageningen, want een dynamische universiteit behoort een rustige universiteit te zijn.

Ook de missies en de slogans maken deel uit van een vermeende overlevingsstrategie en zij volgen elkaar in rap tempo op. Ook dat zorgt voor onrust. De landbouw is ondergronds gegaan. Voor de buitenwacht moest het gaan over duurzaamheid en over het milieu. Dat wilden de samenleving en de overheid, dachten ze in Wageningen. Er was geld mee te verdienen en de nieuwe missie zou gemotiveerde studenten trekken. Het leek te mooi om waar te zijn en het was ook niet waar. Het gat in de markt was er niet, omdat elke zichzelf respecterende universiteit zich ging bezighouden met duurzaamheid en milieu. Gemotiveerde studenten kwamen zoals altijd wel, maar beetje bij beetje en mondjesmaat.

De humor over het wakker worden en de kakelende haan ging aan vele middelbare scholieren voorbij. De studenten, zelfs de vertrouwde achterban van boerenzoons en -dochters, zijn calculerende burgers geworden. Ook zij hebben een eigen agenda die er op neerkomt dat zij veel geld willen verdienen en daarom manager of adviseur willen worden. Dat is het belangrijkste motief om Wageningen links te laten liggen.

De heren van Wageningen, zaten niet bij de pakken neer. Zij meenden, dat 'food valley' de slogan bij uitstek zou zijn om de universiteit en de instituten een herkenbaar gezicht te geven. Wat Parma voor de ham en de kaas betekende, moest Wageningen voor de voedselkolom en de voedselveiligheid worden. Wij zouden er weer twee vliegen in ??n klap mee slaan. De rijkdom van de voedselindustrie zou van Wageningen een ondernemende universiteit maken en de studenten zouden weer toestromen, want op het grote geld van de eetfabriek komen studenten af. Maar de toeloop was niet geweldig, want alleen voedsel is niet 'cool' genoeg voor de aankomende student. Zeker niet in een tijd van gekkekoeienziekte, varkenspest en mond- en klauwzeer. Daar trapt een hbo'er in, die van zijn ouders of zijn partner mag doorleren en natuurlijk jeugdige Chinezen die op zoek zijn naar kennis en vooral naar het post-kapitalistische avontuur dat Beijing niet biedt, maar de Veluwezoom wel. Nu is de slogan weer internationalisering en 'life science' en als het aan de decaan van de gezamenlijke onderzoeksscholen ligt toch maar weer duurzaamheid.

We zijn daarom een tobberige universiteit geworden, die haar trots heeft verloren door de landbouw uit de naam te schrappen en er maar niet in slaagt duidelijk te maken dat in Wageningen de landbouw veel meer is dan veeteelt en akkerbouw. Wij zijn ook een stuurloze universiteit geworden, die haar eer is kwijtgeraakt, omdat het paarse kabinet met instemming van de Tweede en de Eerste Kamer de universitaire democratie heeft afgeschaft. Wij zijn een angstige universiteit geworden, omdat we denken dat in Den Haag de plannen klaar liggen om ons op te heffen of bij Utrecht te voegen. Wij zijn een zielige universiteit geworden, omdat onze bestuurders, ondanks de ferme taal van Veerman, hun oren laten hangen naar de luimen van Brinkhorst en de zijnen. Wij zijn ook zielig omdat we nog steeds niet beseffen dat het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen een betere bescherming voor een universiteit biedt dan het zwalkende en met opheffing bedreigde ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.

Het is niet belangrijk dat de globalisering binnen de universitaire gemeenschap voor tweespalt zorgt. Het geeft niet dat verdedigers van genetische modificatie ruzie hebben met de voorstanders van biologische landbouw. Het is een goede zaak dat de belangenbehartigers van de korenwolf en de Schotse hooglander op hun vingers worden getikt door de zaakwaarnemers van de kleine boeren. Het gaat er al helemaal niet om dat de universiteit en de instituten, om in BeLHamel-termen te spreken, gaan dienen als smeerolie voor het regeringsbeleid en het kapitaal. Want de universiteit is een huis met vele kamers, waar de discussie een groter goed is dan het bewaren van de lieve vrede en het geven van onderwijs en het doen van fundamenteel onderzoek van een hogere orde zijn dan het verdienen van geld.

Daarom is het urgent dat Wageningen terug naar af gaat. Het moet afgelopen zijn met de vreemde slogans en de rare leuzen, die verzonnen lijken te zijn door de jongste medewerker van een startend reclamebureau. Laat de drukpers maar weer draaien en herintroduceer in het binnenland de Landbouwuniversiteit Wageningen en in het buitenland the Agricultural University Wageningen. Kijk maar naar Albert Heijn die zichzelf grootgrutter noemt, maar heel wat meer te bieden heeft dan alleen grutterswaren. We dienen te beseffen dat de landbouw ons eigen huismerk is, waaronder vele bloemen kunnen bloeien. Dat heeft het verleden bewezen, dat is ook nu aan de orde.

Er is meer aan de hand met de universiteit en niet alleen met de Wageningse academie. Goed bestuur zonder een gemotiveerde achterban is onmogelijk. Dat ondervindt de reiziger dagelijks bij de Nederlandse Spoorwegen. Daarom is het van belang dat de universitaire democratie weer in ere hersteld wordt. We zien het om ons heen. De leerstoelgroep die overlegt en de kenniseenheid die luistert, doen het oneindig veel beter dan de hooggeleerde autoriteit die een bevelshuishouding voert of een driemanschap dat via de oekaze meent te moeten besturen. Daarom is het ook urgent dat Wageningen de ondernemingsraad opheft en een medezeggenschapsraad ten spoedigste installeert. Daar is geen wetswijziging voor nodig, dat is zelfs binnen de smalle marges van de vermaledijde MUB mogelijk.

Ik houd geen pleidooi voor een vage missie en een stroperig bestuur. Het gaat erom dat Wageningen zijn trots en eer hervindt en dat de tobberigheid verdwijnt, dan komen de studenten vanzelf. Want trots en eer trekken studenten, tobberigheid en zieligheid niet.

De terugkeer naar de landbouwwetenschappen en de democratie is geen nostalgie, die gebaseerd is op een vurig verlangen naar een vervlogen tijd. Wageningers van hoog tot laag hebben in binnen- en buitenland over van alles en nog wat veel te zeggen. Het is juist daardoor dat Wageningen een kennisstad is, maar het is onjuist als er niet meer naar de inwoners van deze kennisstad geluisterd wordt. Want de bestuurder en de manager dienen te beseffen dat kennis macht is en dat een oligarchie in ieder geval niet over deze kennis van zaken kan beschikken.

Kees de Hoog

Re:ageer