Student - 19 december 2012

En 'we' blijven ook nog wel even de beste

Het is bijna een decembertraditie. Voor de achtste keer wijst de Keuzegids Hoger Onderwijs deze universiteit als beste aan. Hoe komt dat eigenlijk? En: blijven we dat ook?

Intensief contact: studenten en docent Andre van Lammeren bij prakticum Plantencelbiologie.
1 Dus ik studeer aan de beste universiteit?
Wel als je kijkt naar het bachelor- en masteronderwijs - want daarover oordeelt deze onafhankelijke gids. Bij het onderzoek doen we het ook goed, maar moeten we doorgaans Utrecht en Leiden voor ons dulden (volgens lijstjes van de Times Higher Education index en Shanghai).

2 Hoe komt het?
We zijn lekker klein, met gemiddeld slechts 55 eerstejaars per opleiding. Docenten en studenten hebben intensief contact. We hebben hier relatief veel kamers, college- en practicumzalen en een aardig sportcentrum.  Verder staat het zogeheten Brascampmodel garant voor een gunstige docent-student-verhouding. Het model is een rekenmethode die de gelden van het onderwijsinstituut verdeelt: hoe meer studenten een vak volgen, hoe meer centen naar docenten gaan. Ook kennen we intensieve vakevaluaties, mede door studenten zelf. Voor elk vak is het ieder jaar weer de vraag of het beter kan. Zo leidde aanhoudende kritiek van studenten Landschapsinrichting ertoe dat een theoretisch vak over de uitvoering van projecten een stuk praktischer werd ingezet. Studenten gaan nu kijken hoe een straat wordt aangelegd, en ze leren concreet projecten te begroten.

3 Amsterdamse studenten zijn gewoon kritischer.
Het argument dat de UvA nu hanteert. Het is inderdaad deels een subjectieve meting. De Keuzegids weegt drie soorten informatie: studentenoordelen uit de Nationale Studenten Enquête, rapporten van de accreditatieorganisatie NVAO en objectieve getallen, zoals slagingspercentages. Wageningen scoort hoog bij studenten en accrediteurs, maar de slagingspercentages hier zijn niet bovengemiddeld. Het zou natuurlijk kunnen dat studenten elders kritischer zijn, maar waarom? En waarom geldt dat dan niet voor andere grote steden: Utrecht en Rotterdam scoren wel goed. De Keuzegids wijst er op dat dit niet kan verklaren waarom de UvA verder naar beneden zakt.

4 Maar in de Elsevier-special scoort Wageningen laag.
Dat klopt niet helemaal. In september deden de Wageningse opleidingen het ook in de onderwijsspecial van Elsevier zonder uitzondering uitstekend. Alleen bleek de overall notering van de universiteit tegen te vallen. Dat is natuurlijk curieus, temeer omdat Elsevier zich op dezelfde informatie baseert als de Keuzegids, namelijk de Nationale Studenten Enquête. Het vermoeden is dat Elsevier hier een fout  heeft gemaakt. Dat de Elsevierredactie na twee maanden nog steeds geen plausibele verklaring heeft kunnen geven voor de dramatische Wageningse notering, ondanks herhaaldelijk aandringen van Resource, is daarbij veelzeggend.  

5 Wat is eigenlijk de beste opleiding?
Wil je de beste bacheloropleiding van Nederland, dan ga je Plantwetenschappen studeren. Na jarenlang een score van 90 uit 100, stijgt die opleiding dit jaar naar 98. Ook bij Biologie en Agrotechnologie krijg je uitstekend onderwijs. Met 66 punten is Internationaal land- en waterbeheer de minste Wageningse opleiding, maar nog altijd beter dan vergelijkbare studies elders.

6 Gaat iemand ons ooit inhalen?
Voorlopig niet. Het verschil met de runners up is groter geworden. Wij blijven onverminderd hoog op 72, terwijl Eindhoven zakt van 66 naar 64,5 punten. Mogelijk gaat de forse groei ons parten groeien. Het aantal studenten is gegroeid van 4400 in 2005 naar bijna 8000 nu. Zorgpunten zijn het aantal studiewerkplekken, dat is nu al nijpend. Orion is september klaar, maar dat loopt direct vol. Voor onderwijsruimten kan de universiteit nog uitwijken naar de Dreijen. Als we daar in 2015 weg zijn, krijgen we straks misschien onderwijs in de avonduren.

Re:ageer