Wetenschap - 1 januari 1970

Eenzijdig beeld van Eco Nostra in Wageningen

Eenzijdig beeld van Eco Nostra in Wageningen


Het is inmiddels bekend. Peter Siebelt wil in zijn boek 'Eco Nostra - het
netwerk achter Volkert van der Graaf' duidelijk maken dat de moord op Pim
Fortuyn niet het werk van een eenling is maar van een maffioos netwerk van
links, anarchistisch en activistisch Nederland. Wageningen speelt in dat
netwerk een centrale rol.
Voor de zomer was de publicatie van de 'boom des kwaads' in HP/De Tijd,
waarin een groot interview met Siebelt vergezeld ging van een getekende
boom met daarin de belangrijkste representanten van het netwerk van Eco
Nostra, in Wageningen dan ook het gesprek van de dag. Pontificaal werden
hier hoogleraar Milieubeleid Tuur Mol, de woordvoerder van de raad van
bestuur Simon Vink samen met de Wageningse GroenLinks-politici Jack Bogers
en Jelle de Gruyter en enkele actievoerders aan de schandpaal genageld.
Vreemd genoeg ben ik Vink in het boek niet tegen gekomen. Mol wordt maar
twee keer genoemd, als 'vaandeldrager' van de 'universitaire
milieubeweging'. Bogers en De Gruyter spelen een grotere rol.
Het beeld van Wageningen dat Siebelt schetst is eigenlijk te gênant voor
woorden. ‘Menig buitenstaander verwacht dat de Landbouwuniversiteit
jongeren opleidt voor het boerenbedrijf in Nederland’, schrijft hij in het
eerste hoofdstuk van het boek. ‘Niets is minder waar. De LUW kan namelijk
worden gezien als een onderafdeling van het departement
Ontwikkelingssamenwerking van Buitenlandse Zaken en het ministerie van
Milieuzaken: net als deze instellingen is de LUW goed voor de
ontwikkelingen elders in de wereld en slecht voor de agrarische sector in
Nederland. Een groot deel van de groene professoren zet door middel van
lezingen en publicaties hun studenten indirect op tegen de boeren in ons
land. Deze denkers achter de schermen houden hun eigen handen schoon.
Labiele gevallen zoals Volkert doen het vuile werk.'
Siebelt negeert dat Wageningen met mensen als Rudy Rabbinge en Jan Douwe
van der Ploeg wel degelijk landbouwvoorvechters heeft. En dat veilige en
gezonde voeding tegenwoordig een belangrijke onderzoeks- en onderwijspoot
is. Hij richt zijn peilen exclusief op de pleitbezorgers voor natuur en
milieu, maar de belangrijkste pleitbezorgers die hij als Wageningers noemt
zijn geen Wageningers. De Amsterdamse milieuprofessor Lucas Reijnders, de
Enschedese filosoof Hans Achterhuis en de Utrechtse bio-ethicus Frans
Stafleu hebben met elkaar gemeen dat ze wel eens in Wageningen zijn geweest
of hebben gewerkt, maar hun banden met het Wageningse academische milieu
zijn wel erg mager te noemen.
Siebelt schetst de samenzwering rond Volkert als een 'spekkoek' van linkse
politieke partijen en allerlei maatschappelijke organisaties die actief
zijn op het gebied van milieu en ontwikkelingssamenwerking. En inderdaad:
veel Wageningers hebben zich met deze en gene bezig gehouden, zijn actief
in clubjes als de Boerengroep, het Imperialisme Kollektief of de Temagroep
Onderontwikkeling (TEGON). Clubjes waarvan Siebelt insinueert dat ze
contacten onderhouden met 'de guerrillabeweging in de Derde Wereld' en dat
ze communistische geheime diensten vrij spel geven.
Bestaat Eco Nostra? Ik betwijfel het, maar ik ben ook niet zo'n aanhanger
van samenzweringstheorieën. Natuurlijk zullen er linkse netwerken bestaan,
en zijn er lijntjes te trekken van Wageningers in de richting van meer
extreme types. Datzelfde zal echter voor de rechtse netwerken gelden. Het
boek bevat echter enkele storende fouten. En dat maakt de samenzwering die
Siebelt wil beschrijven minder geloofwaardig.

Martin Woestenburg

Peter Siebelt, Eco Nostra - Het netwerk achter Volkert van der Graaf,
Aspekt, ISBN 9059112873, 22 euro.

Re:ageer