Wetenschap - 1 januari 1970

Een praktisch idealistisch handboek met een groot tsja-gevoel

Een praktisch idealistisch handboek met een groot tsja-gevoel


U wist het niet, maar de essentiële onderdelen van een duurzame garderobe
zijn: vintage spijkerbroek (mooi model, tweedehands aanschaffen!), zwarte
broek met rechte pijpen van een mooie kwaliteit en duurzame stof, witte
blouse/overhemd, zwart jasje (let wel op het model, niet te modegevoelig,
vijf jaar geleden zaten in de meeste jasjes bijvoorbeeld nog grote
schoudervullingen), paar effen T-shirts, gympen, mooie klassieke laarzen.
Dat heb ik natuurlijk niet van mijzelf. Deze opsomming komt uit het boek
'Praktisch idealisme' van Natasja van den Berg en Sophie Koers, het
'Handboek voor de beginnende wereldverbeteraar' dat is geïnspireerd op het
Amerikaanse 'The Better World Handbook'. De zeven hemelstergende
levensverbeterende principes die daarin worden gehanteerd - onvertaald
klinkt het mooier en kerkelijker: economic fairness, comprehensive peace,
ecological sustainability, deep democracy, social justice, culture of
simplicity, revitalized community - zijn in 'Praktisch idealisme' echter
ver te zoeken.
Het boek is vooral praktisch, nuchter en getuigt van een lekkere no
nonsense-aanpak. Idealen zijn prima, zo lijken de auteurs te willen
vertellen, maar het gaat toch vooral om wat je doet. ,,Een praktisch
idealist voert geen boekhouding'', schrijven ze dan ook naar aanleiding van
de 'ecologische voetafdruk', een manier om je handelingen door te rekenen
op ecologische gevolgen elders in de wereld. Terwijl ze ook snel duidelijk
maken dat bewust leven volgens die voetafdruk in de westerse wereld wel
heel erg idealistisch is. ,,Met de beschikbare techniek is het nog niet
mogelijk om een naar westerse maatstaven comfortabel leven te leiden zonder
'te veel' te gebruiken.''
Geen grote wereldverbeterende filosofieën of idealen dus in 'Praktisch
idealisme', maar een handvol kleine tips om in het dagelijkse leven zoveel
mogelijk rekening te houden met de keerzijde van de westerse
consumentenmaatschappij. De duurzame garderobe bijvoorbeeld is samengesteld
uit kleren die weinig modegevoelig zijn, kwalitatief goed, geproduceerd
zonder kinderarbeid en aanverwante uitbuiting. Daarbij wil ik voor de
idealistische Wageningers wel de kanttekening plaatsen dat 'mooie klassieke
laarzen' niet gemaakt zijn van groen rubber maar van, waarschijnlijk zwart,
leer. Het zijn uiteindelijk Amsterdammers die het boek hebben geschreven.
Ik vraag me wel af of het boek wel de doelgroep bereikt waar het qua inhoud
het best bij past. Het praktische idealisme van Van den Berg en Koers lijkt
namelijk toegesneden op mensen die nog niet weten dat je kleding alleen
moet wassen als die vuil is en dat het helpt om wollen truien op te hangen
in de badkamer als je douchet, om maar een van de praktische tips te
noemen. Een andere: ,,Neem af en toe tijd om je te realiseren wat je
allemaal hebt in plaats van wat je niet hebt.'' Ik vraag me af of mensen
die je dat moet vertellen een boek als 'Praktisch idealisme' kopen.
Daar komt bij dat de inhoud van het boek, voor mensen die al eens hebben
nagedacht over wereldproblemen, wat magertjes is. 'Praktisch idealisme' is
voor hen een boek met een groot tsja-gevoel, met adviezen als 'gebruik
minder shampoo', zoek uit welke subsidies er zijn voor energiebesparing op
het werk'. Grappig is wel het hoofdstuk over idealisme op het werk. ,,Drink
eens een biertje na je werk met je collega's, zodat je ze ook van een
andere kant leert kennen.'' Tsja, ook een open deur, maar wel eentje die
tot mijn principes behoort.
Martin Woestenburg

Natasja van den Berg en Sophie Koers, Praktisch idealisme - Handboek voor
de beginnende wereldverbeteraar, Podium, ISBN 9057591855, 16 euro.

Re:ageer