Student - 30 augustus 2007

Een kapstok met een hersenschudding

‘En wat studeer jij? Waterbeheer? Oh, net als Alexander!’ Sneldichteres Wil Dijkstra slaat een akkoord aan op haar gitaar en begint te zingen. ‘Luister, één ding daar zit ik mee/ wanneer komt, wanneer komt de zee/ ja jij, kijk mij nou eens aan/ wanneer wordt daar door meneer Waterbeheer wat aan gedaan?’

Straatartiest Juan doet net of hij met zijn minifiets over twee mensen heen gaat springen.
Straatartiest Juan doet net of hij met zijn minifiets over twee mensen heen gaat springen.

Foto: Martijn Weterings

Dijkstra is één van de artiesten op het Idealis Straatfestival waarmee de Algemene Introductie Dagen op woensdagavond 22 augustus worden afgesloten. Rond de troubadour in haar middeleeuwse jurk, aan het begin van de Wageningse Hoogstraat, is een oploopje ontstaan. Gemoedelijk staat ze tussen de studenten van mentorgroepje 25 en schudt liederen over hun opleidingen uit haar roodfluwelen mouw. ‘Weet je wat ik nou eens wil weten/ wat kan ik nou als leek het beste eten?/ de één zegt shoarma, de ander kip/ ja, daarvan worden wij samen reuze sip.’
Na nog een paar verzen over ‘moleculaire natuurwetenschappen’ en smerige koelkasten doet ze een stapje achteruit en kijkt het hele stel eens aan. ‘Lieve mensen wat ik zeggen moet/ jullie zijn de jeugd en dat vind ik goed/ en daarom betaal ik heel spontaan/ maar als je klaar bent met je studie, zoek dan eindelijk een baan.’
Lachend ontwart de kluwen toeschouwers. Groepje 25 vervolgt de tocht langs optredens in de winkelstraten van het centrum en op de Markt. Daar wordt mentormama Marion van groepje 30 uit het publiek geplukt door straatartiest Juan van Ché Cirque. Hij mag haar zonnebril niet op en voor straf moet ze nu zijn geluidsinstallatie bedienen. En voor kapstok spelen. In elkaar gedoken zit ze op een opklapkrukje met een afstandsbediening in de hand, Juans colbertje om haar schouders en zijn bolhoed op haar hoofd.
Terwijl de acrobaat de vele omstanders vermaakt door met zijn BMX over een meisje heen te springen, onderdrukt Marion een gaap. ‘Ze is moe van al die nachten doorhalen en ze heeft een lichte hersenschudding’, verklaart eerstejaars Christiaan van groepje 30. ‘Afgelopen nacht kwam ze tijdens een verenigingsfeest keihard met haar hoofd tegen een balk.’ Het groepje heeft vandaag gezamenlijk zonnebrillen aangeschaft en mama Marion volgestopt met aspirientjes, zodat ze de laatste dag en nacht van de AID nog doorkomt.
Gejoel klinkt. Juan – inmiddels uitgedost als Superman – legt een man uit het publiek naast het meisje op de grond, grist de bolhoed van Marions hoofd en dekt daarmee zachtjes het kruis van het nieuwste slachtoffer af. Het colbertje legt hij opgevouwen onder het hoofd van het meisje, voor hij op een minifietsje stapt en net doet of hij daarmee de sprong gaat wagen. Marion krimpt nog een beetje meer in elkaar op haar krukje.
‘Ik had het zo koud!’, zegt ze achteraf, terwijl Juan het applaus in ontvangst neemt en meldt dat zijn hoed open staat voor donaties. ‘Toen hij dat jasje weghaalde werd het nog erger.’ Een paar mentorkindjes kloppen hun mama bemoedigend op de schouders. Ze besluiten naar haar huis te gaan om een paar biertjes te drinken en op te warmen, voordat de laatste nachtelijke tocht langs de verenigingen begint.

Re:ageer