Wetenschap - 1 januari 1970

Een halve eeuw studentensport

Bij het zilveren jubileum in 1980 werd niet verwacht dat de Sportstichting Abraham zou gaan zien. De studentensport zou opgaan in voor iedereen toegankelijke voorzieningen. Maar vijfentwintig jaar later is er een recordverkoop van sportkaarten en viert een springlevend Thymos haar vijftigjarige bestaan.

Keep fit voor dames in 1984. / foto archief Guy Ackermans

De Sportstichting is in maart 1955 opgericht door de Wageningse studentenverenigingen. Sport vond toentertijd vooral plaats in en tussen verenigingen. Maar velen zagen het belang van een overkoepelende sportvereniging en wilden aan de toenmalige landbouwhogeschool ook duidelijk maken dat studenten belangstelling hadden voor sport. Het lukte, want in 1957 werd een practicumzaal op Duivendaal verbouwd tot gymzaal en een jaar later kreeg de hogeschool met de aanstelling van Ab Spetter als sportleider een Bureau Lichamelijke vorming en Sport.
In de jaren daarna stegen de studentenaantallen en ook de sportactiviteiten op de hogeschool breidden zich uit. In 1965 werden bijvoorbeeld volleybalvereniging Waho en basketbalclub Sphinx opgericht. Zes jaar later kwamen de eerste sportvelden op de Bongerd. De sportactiviteiten kregen een nieuwe impuls met de bouw van een eigen sporthal in 1978. Het succes was groot; de badmintonners overwogen in die tijd zelfs een ledenstop.

Onzekere toekomst
Toch bleek studentensport geen vanzelfsprekendheid. In de tweede helft van de jaren zeventig stuurden beleidsmakers aan op meer samenwerking met de gemeente en het algemeen toegankelijk maken van de sportvoorzieningen. Als de Sportstichting Landbouwhogeschool Wageningen (SLW) in maart 1980 haar vijfentwintig jarig bestaan viert, mogen er al geen nieuwe studentensportverenigingen meer worden opgericht. Het Wagenings Hogeschool Blad, voorloper van het Wb, concludeert in die tijd: ‘De toekomst van de studentensport en daarmee van de jubilerende sportstichting is in discussie en het lijkt, gezien de inhoud van de plannen, niet waarschijnlijk dat de SLW ook haar gouden jubileum zal kunnen vieren.’
De praktijk blijkt weerbarstiger. Inderdaad, er was begin jaren tachtig door het studieklimaat een dip in activiteiten, en bestuursleden waren moeilijk te vinden. Maar toch bleef de studentensport leven: studenten sporten nog altijd het liefst samen. ‘Studentensportverenigingen zijn opgericht om naast het sporten meer te hebben: toernooien, borrelavonden’, verklaart Joost Cornelissen, bestuurslid van de Sportstichting, die met de overgang van hogeschool naar universiteit de naam Thymos meekreeg. De naam is een begrip van Plato en staat voor ‘de verrijking van de energie van de ziel door lichamelijke inspanning’.

Aparte doelgroep
Studenten zijn ook nog steeds een aparte doelgroep, legt oud-bestuurslid ir Margriet Veldhorst uit. ‘In studie- en examenweken zijn ze bezig met andere dingen. Wedstrijden in het weekend zijn vaak ook een probleem, terwijl dat bij burgerverenigingen wel gebruikelijk is.’
Henri ten Klooster, hoofd van het universitaire sportcentrum, denkt dat de bouw van sportcentrum de Bongerd goed is geweest voor SLW. ‘Eerst waren de activiteiten verspreid over verschillende locaties, en nu kwam alles bij elkaar. Ook SLW verhuisde hier naartoe, waardoor samenwerking met het management makkelijker werd. Ik vind dat we nog steeds complementair zijn. Thymos controleert ons en behartigt de belangen van studenten, wij zijn de vaste factor. Misschien ligt het ook aan de Wageningse student. De samenhorigheid is hier groot’, aldus Ten Klooster.
Studenten sporten ook graag. Maar liefst zeventig procent van de studenten heeft een sportkaart, veel meer dan in de rest van Nederland. Een verklaring voor het succes van de sportkaart is volgens Cornelissen dat met de kaart alles kan en mag. ‘Je hoeft niet overal voor bij te betalen, wat in andere steden gebruikelijk is. Individuele sporters zijn hier het beste af.’

Evenementen
De evenementen die Thymos organiseert zoals de sportnacht, triatlon, wadlopen en wintersport, worden goed bezocht. Cornelisssen: ‘Voor het zweefvliegen waren zelfs zoveel aanmeldingen dat we twee keer gegaan zijn.’ Verder organiseert de stichting dit jaar een avontuurlijke sportweek in Tsjechië, in de eerste week van juli. Ook de recreantensporten doen het goed, zoals de interne competities voetbal, het tafeltennis, fitness, en zwemmen.
Ook medewerkers weten de weg te vinden naar het sportcentrum. Wat dat betreft bereikt de sportstichting nog steeds het doel, zoals het in 1955 werd geformuleerd: ‘het bevorderen van de lichamelijke opvoeding en het beoefenen van sport door studenten en leden van de wetenschappelijke staf van de Landbouwhogeschool.’
Een aandachtspunt voor de komende jaren is sport in georganiseerd verband: studentensportverenigingen zien hun ledenaantallen teruglopen. En de recreantenraad, waarmee niet-verenigingsleden hun invloed uit kunnen oefenen op het bestuur, leidt een slapend bestaan. Dit is wel een algemene trend, aangezien actieve vrijwilligers moeilijk te vinden zijn.
De relatie met de gemeente is nog altijd een punt van zorg. De universiteit huurt wel zaalruimte bij de gemeente en bijvoorbeeld het zwembad, maar de 4000 studerende sporters zijn pas sinds kort vertegenwoordigd in het gemeentelijke adviesorgaan de Wageningse sportraad. Studenten zijn ook uitgesloten van gemeentelijke subsidies voor bijvoorbeeld kadervorming. Een ander voorbeeld van de moeizame verhouding is de triatlon, begin juni. Cornelissen: ‘We kunnen pas aan het eind van de middag starten omdat het zwembad geen recreatieve uren willen opofferen.’
Toch deden en doen de twee studentbestuurders hun werk met veel plezier. ‘Het is leuk om dingen te organiseren en samen iets voor elkaar te krijgen’, aldus Veldhorst.

Yvonne de Hilster

Lustrumprogramma: www.thymos.net

Re:ageer