Wetenschap - 1 januari 1970

EU-landbouwpolitiek dwingt boeren tot andere marketing

EU-landbouwpolitiek dwingt boeren tot andere marketing

EU-landbouwpolitiek dwingt boeren tot andere marketing

Michelin-sterren voor landschap of recreatie als inzet voor een hoger inkomen

Boze boeren protesteerden in Brussel, want hun inkomen zal als gevolg van de plannen van Europees commissaris Franz Fischler dalen. Het Landbouw-Economisch Instituut (LEI-DLO) berekende inkomensdalingen van 7.000 tot 22.000 gulden. Maar boeren halen steeds vaker inkomen uit recreatie en landschapsbeheer. Met betere marketing valt daar nog veel inkomen te halen


Als Brussel niet door veertigduizend boeren was belegerd, was misschien niet eens opgevallen dat de landbouwministers van de Europese Unie op dit moment een marathonvergadering houden over Agenda 2000. Die agenda betekent voor de EU niet alleen de eerste stap in de richting van een nieuw akkoord binnen de World Trade Organization, het is ook een vooruitblik op de gevolgen van de toetreding van tien Midden- en Oost-Europese landen, de zogenaamde MOE-landen

De plannen van Europees Commissaris Franz Fischler behelzen een prijsverlaging voor landbouwproducten met slechts gedeeltelijke compensatie voor het dalende boereninkomen. Voor Nederlandse boeren berekende het LEI-DLO in een recent rapport inkomensdalingen tussen 7.000 en 22.000 gulden. Inkomensberekeningen van akkerbouwers, melkveehouders en rundveetelers, die het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) via bijeenkomsten en zijn Internetsite verzamelde, voorspellen dezelfde bedragen

Als het Europese landbouwbeleid ongewijzigd blijft, zal de uitbreiding van de EU veel geld kosten. De Europese Commissie schatte de kosten van de uitbreiding aanvankelijk op 11 miljard euro (24,2 miljard gulden). Het LEI-DLO berekende onlangs dat de kosten bij een gelijkblijvend EU-landbouwbeleid, afhankelijk van de groei van de landbouw, zullen schommelen tussen 13,7 en 19,3 miljard euro (30,2 tot 42,5 miljard gulden). Op de huidige landbouwbegroting van 40,5 miljard euro (89 miljard gulden) zou dat een verhoging betekenen van meer dan een derde. Doordat de hoofdmoot van deze uitgaven bestaat uit inkomenstoeslagen in plaats van door wereldmarktprijzen beïnvloedbare exporttoeslagen zal die verhoging een vast karakter hebben

Dat trekt een zware wissel op het toekomstig economisch beleid van de EU, want de landbouw slokt de helft op van het totale EU-budget. Beleidsmedewerker Willem Verhaak van het NAJK verwacht dat de inkomenscompensatie een tijdelijke maatregel zal zijn, die bovendien stigmatiserend werkt. De boeren moeten hun handje ophouden. Met als gevolg dat minister Zalm van Financiën al stelde dat het moeilijk verdedigbaar is dat je een beroepsgroep permanent in de bijstand neemt. Fischler is echter positief en hoopt een snel ja te krijgen van de zeer verdeelde Europese landbouwministers

In een interview met het weekblad Boerderij betoogde Fischler zelfs dat de inkomens dankzij Agenda 2000 zullen stijgen, maar dat berust volgens de economen dr ir Huib Silvis van het LEI-DLO en prof. dr Michiel Keyzer van de Stichting Onderzoek Wereldvoedselvoorziening (SOW) op een verkeerde interpretatie van de onderzoeksresultaten. Hoe onschuldig het mag lijken, de politieke spraakverwarring die Fischler veroorzaakt, geeft wel aanleiding tot nog meer onduidelijkheid over de toekomstige positie van de boer

En dat terwijl de inkomenspositie van de Nederlandse boer helemaal niet zo eenduidig is, stelt socioloog dr Cees de Hoog van de Landbouwuniversiteit. Samen met drs Jolanda Vinkers doet hij onderzoek naar armoede onder Nederlandse boeren. Van de 110 duizend boerenbedrijven zijn er grofweg dertigduizend niet rendabel. Daar zit het Kamerlid bij dat koeien fokt en de professor met kippen, maar ook het boerenbedrijf dat wel goed draait dankzij de zorgboerderij of de caravanstalling. Daarnaast ziet De Hoog ook steeds meer boerenvrouwen in loondienst. Dat is enerzijds een emancipatoir verschijnsel, maar anderszins een redmiddel, vooral bij de jongere bedrijven en bij hoger opgeleiden.

De verdeeldheid rond Agenda 2000 uit zich volgens Silvis in een strijd tussen extensief en intensief, waarbij Nederland aan het kortste eind dreigt te trekken. De laatste voorstellen van Frankrijk om de inkomenstoeslagen te verlagen en meer geld uit te trekken voor plattelandsbeleid komen neer op steun per hectare platteland in plaats van per eenheid landbouwproduct. Voor Nederland is dat een slechte deal, aldus Silvis, die benadrukt dat een groot deel van de Nederlandse landbouw buiten schot blijft. De tuinbouw en de intensieve veehouderij worden niet direct geraakt door deze discussie. Bovendien wordt de melkveehouderij echt niet de nek omgedraaid, hoewel het natuurlijk heel zuur is dat de inkomens aanzienlijk dalen.

Keyzer, die voor SOW vergelijkend onderzoek doet naar de landbouweconomie van landen en regio's, is positief. De landbouw heeft op zich een goede toekomst. De strijd tussen extensief en intensief speelt vooral binnen de veehouderij. In de akkerbouw is daar dankzij de precisielandbouw geen sprake van. Kwaliteit moet de inzet zijn van de Nederlandse landbouw, maar daarbij moet de boer zijn bedrijf breder vermarkten. De boer moet loskomen van het simpelweg produceren van grondstoffen, en zich meer richten op dienstverlening. Je krijgt gewoon Michelin-sterren voor je bedrijf. Albert Heijn verkoopt driesterrenkwaliteit rundvlees en de provincie geeft subsidie voor driesterrenkwaliteit recreatie en landschap. Het hoger prijskaartje dat aan driesterrenkwaliteit mag hangen, zorgt bovendien voor een goed inkomen

Re:ageer