Wetenschap - 2 april 2019

ERC-beurs voor begrijpen bosherstel

tekst:
Roelof Kleis

Tropisch bos kan zich herstellen, na kap en gebruik van de grond voor de landbouw. Maar wat daarvoor nodig is, is nog grotendeels onbegrepen. Ecoloog Lourens Poorter gaat dat wereldwijd uitzoeken: 'Een ontzettend cool experiment.'

© Danaë Rozendaal

Lourens Poorter kreeg daarvoor deze week een Europese beurs (ERC-grant) van 2,5 miljoen euro. De Wageningse ecoloog heeft een naam opgebouwd met zijn studie naar het natuurlijke herstel van zogeheten secundair tropisch bos. Onder die noemer valt hergroei van bos op verlaten stukken landbouwgrond en veeweides. ‘Tweedekans-bos’, noemt Poorter het.

Toekomstbos
De helft van alle tropische bossen valt onder de noemer secundair bos. ‘Het zijn de bossen van de toekomst’, vindt Poorter, 'en die moeten we beter leren begrijpen. Bossen met een groot potentieel voor koolstofopslag en herstel van biodiversiteit. Met de huidige noodzaak om koolstof vast te leggen, is het momentum daar om het potentieel van secundaire bossen te benutten.’

Lourens Poorter - GA--20140226-ND7_3105.jpg

Het project waar Poorter Europees de handen voor op elkaar krijgt, heet PANTROP (pan tropisch). Het behelst een wereldwijde studie naar de drijvende krachten achter herstel van secundair tropisch bos. Het is feitelijk een uitbreiding van het door Poorter opgezette 2ndFOR, een wetenschappelijke netwerk dat secundair bos bestudeert in Midden- en Zuid-Amerika.
Poorter wil begrijpen hoe de successie (de opvolging van soorten) verloopt in secundair bos en hoe factoren als klimaat, bodem en (omringend) landgebruik daarop van invloed zijn. Het onderzoek vindt op alle vijf continenten plaats in zowel droge als natte bossen. ‘De insteek is om de drijvende krachten van bosherstel te begrijpen op verschillende schaalniveaus.’

Veldproeven
Naast die inventariserende studie worden ook veldproeven gedaan. In Ghana, Mexico en Australië wordt beproefd in hoeverre de omgeving rond de verlaten landbouwveldjes van invloed is op een (snel) herstel. Poorter: ‘We leggen plots uit, die verschillen in hun landschapscontext, van 0-100% bosbedekking in de omgeving. Wat voor soorten komen dan terug en hoe snel?’

In feite zijn we op zoek naar het kantelpunt waarbij herstel nog plaatsvindt
Lourens Poorter

‘In feite zijn we op zoek naar het kantelpunt waarbij herstel nog plaatsvindt’, vervolgt Poorter. Herstel van bos hangt samen met de omgeving, bijvoorbeeld wat betreft de aanvoer van zaden. ‘De vraag is of je de snelheid van herstel in een plot kunt relateren aan de omgeving.’ De antwoorden die dat oplevert, kunnen leiden tot handvatten voor nieuw beleid voor natuurlijke herbebossing.

Verwijderingsproef
Poorter gaat ook op zoek naar kantelpunten van het ecosysteem wat betreft de aanwezige biodiversiteit. Hij zet daartoe een opmerkelijke verwijderingsproef op, die er kort gezegd op neerkomt dat in plots met intact bos specifieke delen worden weggekapt om te zien of en hoe het bos zich herstelt. In sommige plots worden dominante soorten gedund en verwijderd, in andere juist de zeldzame en in weer andere vindt willekeurige dunning plaats.

‘De hamvraag hierbij is: wat bepaalt de veerkracht van het ecosysteem?’, licht Poorter toe. ‘Dominante soorten bepalen het bos, de water- en nutriëntencyclus. Maar voor veerkracht, luidt de theorie, zijn ook de zeldzame soorten nodig. Bij veranderende omstandigheden moet uit die groep de nieuwe dominante soort komen. Een ontzettend cool experiment.’  

Lees ook:


Re:ageer