Wetenschap - 27 september 2007

‘Duizend koeien is te veel voor één boer’

Er is een grens aan de maximale omvang van een melkveehouderij voor één boer, en die ligt bij ongeveer honderd koeien. Dat zegt hoogleraar Dier en maatschappij prof. Elsbeth Stassen. Als er bedrijven met duizend koeien komen, gaat dat volgens haar ten koste van de zorg voor de dieren.
Tijdens een discussie over dierenwelzijn die alumnivereniging KLV verzorgde op woensdagavond 19 september, reageerde Stassen op de plannen voor een melkveebedrijf met duizend koeien en achthonderd stuks jongvee in het Groningse Sellingen.
De hoogleraar ziet geen andere mogelijkheden dan het inhuren van arbeidskrachten om een veestapel van zo’n omvang te kunnen beheren. En ze verwacht dat werknemers niet dag en nacht voor het vee klaarstaan, zoals de boer op een familiebedrijf wel doet.
De menselijke maat is ook voor de Dierenbescherming een argument om te ageren tegen megaveebedrijven. Ir. Marijke de Jong, senior beleidsmedewerker veehouderij van de Dierenbescherming, zegt niet te geloven dat grootschalige agroparken werkelijk een verbetering van het dierenwelzijn opleveren, ook al meent dr. Mechiel Korte, onderzoeker fysiologie en neurobiologie van stress, dat wetenschappelijk vastgesteld kan worden dat varkens het in varkensflats beter hebben.
Moeten we dan toch inzetten op biologische veehouderij? Nee, zegt hoogleraar Agrarische bedrijfstechnologie prof. Peter Groot Koerkamp. Hij krijgt er de kriebels van als de biologische landbouw als hét ideaal wordt neergezet. Hij wijst op de problemen met mastitis en klauwaandoeningen inde biologische sector. Maar zelfs met die kanttekening kunnen we er niet onderuit dat dieren in de biologische landbouw beter af zijn, meent dr. Hans Hopster, lector Welzijn van dieren aan Van Hall Larenstein.

Re:ageer