Wetenschap - 25 januari 2016

Duinen dresseren is lastig klusje

tekst:
Roelof Kleis

De kwaliteit van onze duinen neemt af. Met name het achterduin veroudert. Kun je dat proces keren door openingen in de duinen te maken? Niet echt, blijkt uit Wagenings onderzoek.

Achter het met helmgras begroeide voorduin ligt het zogeheten grijze duin. Het is oud duingebied, waar de pionierplanten hebben plaatsgemaakt voor meer stuikachtige begroeiing. Er is zich al bodem aan het ontwikkelen, wat de grijze kleur van de grond verklaart. Maar de kwaliteit van dit zogeheten grijze duin neemt af. Dat komt door een gebrek aan dynamiek, legt
Michel Riksen (Bodemfysica en Landmanagement) uit.

Het zand van de witte voorduinen is met helmgras zoveel mogelijk aan de ketting gelegd. Dat is goed voor de veiligheid, maar ecologisch gezien ongunstig. ‘Landinwaarts is er geen dynamiek meer en veroudert het duin. Tegelijkertijd vormt zich geen nieuw duin meer aan de voorkant.’ Dynamisch duinbeheer moet dat probleem oplossen. In dit geval door kerven te maken en letterlijk stukken duin weg te halen. De wind moet de rest doen.

Op Ameland is dat in 2011 op diverse plekken gedaan. Daar waar dat veilig kon, werden happen duin van 10-20 meter weggehaald. De idee is dat de wind kalkrijk strandzand het zuurdere grijze achterduin binnendringt. De ecologische klok wordt daardoor min of meer teruggezet naar een vroeger duinstadium. De kerven moeten het duin verjongen. Maar dat blijkt nog niet zo eenvoudig, laat onderzoek van Riksen en zijn collega’s van onder meer Alterra zien.

Riksen en co hielden twee jaar nauwgezet bij hoe ver het zand naar binnen woei, hoeveel zand er werd aangevoerd en wat de samenstelling (korrelgrootte) was. Ook het effect op de vegetatie werd in kaart gebracht. Dat effect valt tegen. Het principe werkt, maar het zet nauwelijks zoden aan de dijk, is de korte samenvatting van wat er gebeurt. Riksen: ‘Het levert wel wat meer dynamiek op, maar het effect is maar 30-50 meter achter het voorduin zichtbaar en is dus niet terug te vinden in het grijze duin waar het om te doen was.’

Zijn kerven dus geen goed idee? Volgens Riksen gaat die conclusie te ver. ‘Het effect is er wel, maar de kerven zijn te klein. Op Terschelling bijvoorbeeld zijn de kerven veel groter gemaakt, en vindt behoorlijk veel zandtransport landinwaarts plaats. Witte duinen breiden zich landinwaarts uit. Op termijn kunnen die weer langzaam tot een grijs duin ontwikkelen. Het
kan dus wel. Maar je hebt er natuurlijk wel voorduin voor nodig die niet tot de primaire zeewering hoort.’


Re:ageer