Wetenschap - 15 maart 2001

Dr. ir. Dick Hoekman, universitair hoofddocent sectie Waterhuishouding

Dr. ir. Dick Hoekman, universitair hoofddocent sectie Waterhuishouding

'Mijn grootste vijanden zijn kwallen'

"Vertelt die gevaarlijke gek je zijn zwemavonturen?" grapt iemand die even wat komt vragen aan zijn collega dr. ir. Dick Hoekman, universitair hoofddocent bij de sectie Waterhuishouding, De Nieuwlanden.

Je zult maar een levenslange obsessie voor zwemmen hebben, bij Waterhuishouding terecht komen en dan nog zijn geboren onder het sterrenbeeld Kreeft.

Hoekman is zo cool als een komkommer als hij vertelt over zijn nogal extravagante hobby: zwemmen over de 'straten' tussen de Indonesische eilanden. Eerst van Sumatra naar Java, in oktober vorig jaar van Bali naar Lombok. Hij crawlde 44 kilometer door Straat Lombok (het Engelse Kanaal is dertig kilometer breed).

Zijn volgende plan is om van Maleisi? naar Timor te zwemmen, ongeveer de hele Indonesische archipel. "Dan heb ik alle straten gehad", zegt hij. "Het is een prachtig landschap en je ziet dat op zo'n totaal andere manier."

Zijn onderzoek naar de toestand van de tropenbossen in Indonesi? door remote sensing brengt hem dikwijls naar de Gordel van Smaragd. De Delfts ingenieur werd in 1981 naar Wageningen gehaald, omdat remote sensing daar nog niet of nauwelijks werd toegepast. Via deze methode kan illegale houtkap goed in kaart worden gebracht. Hoekman: "Er wordt in Indonesi? veel vernield; vandaar het keurmerk, dat alleen wordt gegeven aan hout uit duurzaam beheerde bossen. Een bosrehabilitatie duurt zeventig jaar. Maar Indonesi? is ??n van de armste Aziatische landen en er is veel geld te verdienen met hout. Het land bezit tien procent van het totale tropisch bosgebied van de hele wereld."

Als kind zwom hij tijdens Texelse vakanties urenlang in zee. Die grote liefde voor de zwemsport bracht hem later op het idee de zeestraten van Indonesi? zwemmend te veroveren. "Ik kan gemakkelijk twaalf uur achter elkaar zwemmen, dat heb ik ontdekt. Ik zwem graag, het is bovendien goed voor mijn astma."

Logistiek is het een klus om zo'n zwemtocht voor te bereiden. Hoewel hij zelf niet meer dan een zwembroekje, een polshorloge en een snorkel als bagage heeft, kan hij dergelijke tochten niet zonder begeleidende boot ondernemen. Die moet hij huren, inclusief kapitein en bemanning, en dat is duur. Maar als dat eenmaal is gebeurd, duikt hij de onmetelijke wateren in en ploegt door metershoge golven, tussen spartelende dolfijnen, walvissen en zeeschildpadden, die nieuwsgierig rondjes trekken om die vreemde figuur in hun gebied. De bemanning voorziet hem van blikjes drinken; eten doet hij niet veel. Bij zonsopgang gaat hij op de boot om met zonnebrandcr?me te worden ingesmeerd, daarna komt hij niet meer uit het water.

De laatste tocht, van Bali naar Lombok, was heel zwaar. "Vanuit de Stille Oceaan komt via de Wallace-trog een sterke stroming dwars op Straat Lombok. Het water 'kruist' de straat en omdat die aan het eind ondieper is, slaat het water tegen de kust. Daardoor ontstaan heel hoge golven. Ik zwom daar wel doorheen, maar iemand van de bemanning werd zeeziek. Het water sloeg zelfs ?ver de boot; de laatste uren hebben ze praktisch blind gevaren, want het GPS-navigatiesysteem sloeg ook uit. Dat was wel spannend, want je moet voor donker aankomen, anders kunnen we elkaar niet meer zien. Ik was bij de eerste zonnestraal vertrokken en heb het precies in twaalf uur gedaan."

De Indonesi?rs zijn ontzettend bang voor haaien. "De kapitein beweerde dat ze wel zo lang zijn als de boot, acht meter. Ik geloofde dat niet, maar het is wel waar. De tijgerhaai, acht meter, is de grootste mensenetende haai. De walvishaai is wel dertien meter. Toch zijn ze heel schuw. Ze gaan weg als je naar ze toe zwemt. Ze komen alleen op bloed af. Ik zag ze wel in het ondiepe water; ik ben er niet zo bang voor. Mijn grootste vijanden zijn kwallen. Die kunnen je zo steken, dat je bewusteloos raakt, dat is mij een keer bijna overkomen."

Hoekman toont foto's van een vreemdsoortige vis, die wel duizend kilo weegt. "Het is de grootste vis die er bestaat, een maanvis. Heel zeldzaam. Die hoop ik ook nog eens tegen te komen. Gevaarlijker zijn de zeerovers, die je beter niet kunt tegenkomen", zegt hij lachend. "Maar ik probeer eerst sponsors voor die grote tocht te vinden."

Na het schrijven van dit verhaal beland ik al zappend midden in de muil van Jaws. Al geeft die film volgens Hoekman een totaal verkeerd beeld van de haai.

Lydia Wubbenhorst

Al zwemmend verovert dr. ir. Dick Hoekman de wateren van Indonesi?, straat voor straat.

Foto Dick Hoekman

Re:ageer