Wetenschap - 23 januari 2003

Dr Han Swinkels, projectmanager IMAG en leider Vivre-project ‘Mens en

Dr Han Swinkels, projectmanager IMAG en leider Vivre-project ‘Mens en

Dr Han Swinkels, projectmanager IMAG en leider Vivre-project ‘Mens en

cultuur’

,,Mobiliteit is belangrijk om 'cultuurverschillen' binnen Wageningen te
verminderen’

Varkensdeskundige Han Swinkels heeft alle hoeken en gaten van Wageningen UR
gezien. Hij studeerde aan de universiteit, werkte als praktijkonderzoeker
in Rosmalen en Lelystad, en is nu projectmanager bij het IMAG. Onderzoek en
praktijk dichter bij elkaar brengen en cultuurverschillen verminderen ziet
hij als zijn belangrijkste uitdagingen.

Tot voor kort was Han Swinkels nog werkzaam in Lelystad, op het
Praktijkonderzoek Veehouderij, met als specialiteit de varkenshouderij.
Tien jaar lang werkte hij met varkens, onderzocht hij hoe hun
groepshuisvesting en voer te verbeteren zijn. Acht van de tien jaar was het
onderzoek in Rosmalen (Brabant), rond 2000 vertrok het naar Lelystad.
Nu heeft Han Swinkels dat allemaal 'losgelaten'. Hij is terug gekomen naar
Wageningen, waar hij in 1988 afstudeerde in de zootechniek, om zijn ruime
praktijkervaring op de werkvloer van de varkenshouderij bij IMAG en ATO
over te brengen. Onder andere via projecten wil hij proberen wetenschap en
praktijk (de varkenshouders) dichter bij elkaar te brengen. ,,Onderzoek kun
je niet alleen van achter een bureau doen,'' is zijn stelling.
,,Vanaf mijn twaalfde jaar ben ik in varkens geïnteresseerd en werkte ik
bij varkensboeren,'' vertelt de veertigjarige Swinkels. ,,Het zijn slimme,
intelligente dieren. Je kunt ze van alles leren. Kijk maar naar de film
Babe! Al was dat natuurlijk gedeeltelijk animatie.''
,,Varkens zijn alleseters, maar eten toch vooral plantaardige dingen,''
aldus Swinkels. ,,Maar je moet niet gewond in een varkenshok vallen. Dan
wordt je wel aangevreten!''
Voor zijn promotie-onderzoek ging Swinkels naar Amerika, waar hij
biologisch/fysiologische onderzoek verrichtte naar varkens en na vier jaar
zijn doctorstitel (PhD) behaalde.
,,Amerika is een fantastisch land voor studies. Als je zelf iets wil, krijg
je er de kans. Met nadruk op zélf. Het leuke is, je mag je kop boven het
maaiveld uitsteken. Stijg je, prima, val je, dan moet je jezelf weer
oprapen. Dan ben je volledig op jezelf aangewezen. Het zijn
individualisten. Geen tijd voor diepte-investering. Dat begin je in
Nederland ook steeds meer te zien. De belangrijkste les, die ik aan mijn
verblijf Amerika heb overgehouden, is dat je door je een aantal jaren in
een andere cultuur te bewegen, leert veel genuanceerder naar je eigen
cultuur te kijken.''
Swinkels hield zich bezig met de ontwikkeling van de groepshuisvesting en
het voersysteem bij varkens. ,,Je moet daarbij heel goed opletten, want ze
straffen elk foutje in een voersysteem onmiddellijk af. Het zijn nét mensen
- ze zorgen goed voor zichzelf en weten altijd wel een manier te vinden om
zelf meer voer te krijgen en andere varkens weg te jagen! Al zijn het heel
sociale dieren.''
De laatste twee jaar, in Lelystad, ging Swinkels steeds verder van de
praktijk af, ging hij meer en meer over naar een leidinggevende functie en
vervulde hij een belangrijke rol in de sectoren Varkenshouderij en
Pluimvee. ,,De onderzoeksproblemen in die sectoren zijn namelijk gelijk.
Het maatschappelijk draagvlak voor varkens en kippen is heel slecht,
vanwege hun huisvesting. En er is een ongelofelijke concurrentiestrijd.
Varkens en kippen zijn niet 'grondgebonden', zoals koeien. Slechts 10% van
de koeien zit binnen. De koe staat ook dichter bij de mens dan een varken
of een kip, terwijl kinderboeken en kinderboerderijen er juist vol mee
zitten! De burger ziet een varken niet zo vaak.''

Swinkels noemt zich geen technocraat, maar wel een pragmatisch mens. Hij is
onder meer projectleider ‘Mens en cultuur’ in het zogeheten Vivre-project.
,,Ik vind het een uitdaging om Wageningen UR intern beter 'op de kaart te
zetten'. We zijn nog maar aan het begin om de twee werelden, DLO en
Wageningen universiteit, bij elkaar te brengen. In principe zijn ze met
hetzelfde bezig, dus op een bepaald moment moet er een win-win-situatie
ontstaan. Mobiliteit binnen de kenniseenheden is een belangrijke manier om
'cultuurverschillen' te verminderen. Het is eigenlijk een begripskwestie.
Wageningen is een omgeving waar je respect moet verdiénen. Het is gelieerd
aan wetenschappelijke prestaties en niet zo zeer gericht op management.
Titels zijn heel prachtig, maar je moet wel mensen hebben die zorgen dat
het bedrijf goed loopt. Dus in die zin is mobiliteit weer de crux van het
eenheidsgevoel van Wageningen. Je moet op alle niveaus studenten stage
laten lopen, bij DLO laten werken. Maar maak ze dan wel 'vrij', want je
kunt niet in twee werelden leven en je volledige energie geven. Als je je
echt wilt verdiepen in een andere omgeving of cultuur, moet je het oude los
kunnen laten. Al kun je er wel erkenning aan ontlenen. Als je de link met
het oude wilt vasthouden, kun je nooit echt integreren.''
Lydia Wubbenhorst

Fotobijschrift:
Han Swinkels: ,,Als je al het oude wilt vasthouden, kun je nooit echt
integreren’’

Re:ageer