Organisatie - 12 juni 2008

Dolende ridder

‘Hoogleraren zeuren over Resource’, zegt Viola Peulen, Wagenings communicatiehoofd. ‘De WSO zeurt over Resource. De Tweede Kamer zeurt over Resource. De pers zeurt over Resource. Niemand, helemaal niemand komt voor ons op. Behalve dan die ene dappere man op de brievenpagina van Resource.’ Dromerig staart het hoofd communicatie in de verte.
Simon Vink, de woordvoerder van het Bestuur, veert op.
‘Hij zegt dat het journaille van Resource het aan zichzelf te wijten heeft dat ze Wageningen worden uitgejaagd’, vervolgt Peulen. ‘En het is nog een oud-hoofdredacteur van die club ook.’
Vink tuit zijn lippen. ‘Maar ik heb helemaal geen brief naar Resource gestuurd’, zegt hij peinzend. ‘Ook niet onder een valse naam.’
‘Boon heet hij’, zwijmelt Peulen. ‘Arno Boon.’
‘O jee’, zegt Vink.
‘Ongelooflijk dat er zulke mannen bestaan’, zegt Peulen. Liefkozend laat het communicatiehoofd haar vinger glijden over het bladpapier van Resource. ‘Waarom heb je me nooit over Arno verteld?’
Vink grijpt naar zijn hoofd. ‘Omdat ik niet wist waar ik moest beginnen, Viool.’
‘Een dolende prins op een wit paard’, zucht Peulen.
‘Met groen haar’, zegt Vink. ‘Toen hij nog een kraker was.’
‘Mannen met groen haar zijn doorgaans zeer charmant’, zegt Peulen. ‘Wat weet je van hem?’
‘De uitgever heeft Prins Boon als hoofdredacteur weggestuurd vanwege zijn onorthodoxe manier van bezuinigen’, begint Vink.
‘Verwarming een tandje lager, paperclips op de bon, geen kerstpakket?’, informeert Peulen. ‘Geen goede reden om Prins Boon te ontslaan.’
‘Prins Boon besloot de krant een paar weken niet uit te brengen’, zegt Vink. ‘Sommige medewerkers moesten een nier verkopen om de winter te overleven.’
‘Prins Boon nam geen halve maatregelen’, zegt Peulen.
‘Prins Boon paarde een bewonderenswaardige daadkracht aan een weergaloos gebrek aan inzicht in de wondere wereld van het boekhouden’, beaamt Vink. ‘Hij snapte zijn eigen berekeningen niet, en concludeerde dat de krant in staat van crisis verkeerde. Voordat hij vertrok vroeg hij aan Koning Veerman nog om een verdrievoudiging van de subsidie. En dat terwijl zijn vrolijke weekblad eigenlijk winst maakte.’
‘Wat een lef’, zegt Peulen bewonderend.

Re:ageer