Wetenschap - 14 oktober 2011

Diversiteit aan koolsoorten verklaard

Kool heeft veel gezichten. Dat komt door de uitgebreide genetische variatie, concluderen onderzoekers na het ophelderen van het genoom van de Brassica rapa.

chincab.jpg
Kool kent een grote delegatie op de groenteafdeling van de supermarkt. Bloemkool, rode kool en broccoli zijn veredeld uit de kool soort Brassica oleracea. De zuster soort Brassica rapa bracht onder andere de Chinese kool, paksoi en meiraap voort. Maar het is onduidelijk waar die grote verscheidenheid in de natuur precies vandaan komt. Plantenwetenschappers vermoeden dat koolplanten een zeer grote genetische variatie hebben.
Bloeitijd 
'Het genoom van de Chinese kool, een gewas van B.rapa, draagt hiervoor inderdaad bewijs aan,' vertelt Guusje Bonnema, universitair docent Plantenveredeling en lid van het internationale onderzoeksteam dat deze maand in Nature Genetics rapporteert. 'We vinden opvallend veel genen die de bloeitijd regelen. Deze varieert bij verschillende gewastypes van maar twintig dagen tot wel twee jaar.' Een duidelijke link dus tussen genenrijkdom en uiterlijke diversiteit. Ook het grote aantal genen voor de hormoonhuishouding, die de opbouw van de plant bepaalt, ondersteunt het vermoeden.
Verdriedubbeld 
De onderzoekers hebben ook een verklaring voor de oorsprong van deze extra genen. Al langer is namelijk bekend dat Brassica's al hun erfelijk materiaal hebben verdriedubbeld, ergens tussen vijf en negen miljoen jaar geleden. Zulke vermenigvuldigingen komen vaker voor bij planten. Na zo'n gebeurtenis muteren en verdwijnen 'overbodige' genen en masse. Maar enkele groepen met genen lijken dus wel behouden te blijven om zo de uiterlijke diversiteit van kool mogelijk te maken.
Completer 
Bonnema waarschuwt dat dit nog geen definitief antwoord is. Toekomstig onderzoek, zeker aan andere gewastypes zoals meiraapjes en paksoi, moet voor een completer beeld zorgen. 'Binnenkort verschijnt ook de eerste genoomvolgorde van B.oleracea,' zegt Bonnema. 'We willen daarna graag nog eens honderd genomen ophelderen, waaronder die van de koolrabi, bloemkool en broccoli.' Deze gegevens moeten duidelijk maken of de grote genetische variatie ook hier aanwezig is. Bovendien is zij nieuwsgierig welke genen verantwoordelijke zijn voor specifieke eigenschappen, zoals de grote bladeren van de rode en witte kool. 

Re:ageer