Organisatie - 1 november 2007

Ding dong

‘Hoe kunnen we dit nou het beste uitleggen?’, peinst Aalt Dijkhuizen hardop.
‘Dat laat ik aan jullie over’, zegt rector Martin Kropff. ‘Als ik het maar snap.’
Met getuite lippen kijken Dijkhuizen en Tijs Breukink elkaar even aan – en knippen dan tegelijkertijd in hun vingers. ‘Rollenspel’, zeggen de leider der leiders en diens mathematische rechterhand in koor.
‘Rollenspel?’, vraagt Kropff.
‘Niet vragen maar opletten’, zegt Dijkhuizen. ‘Hier ga je wat van leren.’
‘Ding dong’, zegt Breukink,
‘Wie is daar?’, vraagt Dijkhuizen.
‘De klokkenluider’, zegt Breukink.
‘Jasses’, zegt Dijkhuizen. ‘Wat nou weer?’
‘Ik heb niet zo verschrikkelijk belangrijke dingen ontdekt die ik graag wil opblazen in de media’, zegt Breukink.
‘Maar dat gaat zomaar niet’, zegt Dijkhuizen, en pakt een formulier. ‘Volgens onze klokkenluidersregeling moet u zich eerst registreren.’
‘Stomme bureaucratie’, protesteert Breukink.
‘Naam’, zegt Dijkhuizen streng en pakt een formulier.
‘Breukink, Tijs’, antwoordt Breukink gedwee.
‘Functie.’
‘Rechterhand, mathematisch.’
‘Reden van klokkengelui.’
‘Peter Zuurbier ronselt kindstudenten in de jungle van Zuid-Amerika’, zegt Breukink.
‘Bent u al bij uw vertrouwenspersoon geweest, Breukink Tijs?’, vraagt Dijkhuizen.
‘Geenszins’, zegt Breukink. ‘Moet dat?’
‘Volgens onze nieuwe regeling wel, ja’, zegt Dijkhuizen. De machtigste man van Wageningen grijpt de telefoon en tikt een nummer in. ‘Ik krijg een telefoontje’, zegt hij. ‘Ik kom zo bij u terug, Breukink. Hé hallo Peter. Met Aalt. Wat hoor ik nou? Ronsel jij kindstudenten?’
Kropff gaat ongemakkelijk verzitten.
‘Ja, we hebben er weer één’, zegt Dijkhuizen, en neemt Breukink schattend op. ‘Ene Breukink. Mathematische rechterhand. Nee, hij ziet er niet gevaarlijk uit. Als je twee kerels meeneemt...’
Kropffs bril zakt enkele millimeters van zijn neus. Zijn ogen lichten op.
‘Daar kom ik wel achter’, zegt Dijkhuizen. ‘Je hoort van me, kanjer.’ De grote leider hangt op, pakt zijn formulier en staart Breukink in het gezicht.
‘Bij welke afdeling werkte u ook alweer, Breukink Tijs?’, vraagt Dijkhuizen.

Re:ageer