Organisatie - 18 september 2012

Dierziekte-onderzoek Lelystad uitgebreid

Het Centraal Veterinair Instituut (CVI) krijgt een nieuwe onderzoekaccommodatie voor besmettelijke dierziekten die ook overdraagbaar zijn op de mens. Staatssecretaris Henk Bleker sloeg op 17 september de eerste paal van deze high containment unit.

CVI_0001_resize.jpg
Het CVI doet al onderzoek aan besmettelijke dierziekten en daarom zijn de veiligheidseisen op het instituut hoog. De bezoekers, inclusief staatssecretaris Henk Bleker, mochten op 17 september niet naar het terrein waar de nieuwe accommodatie voor dierziekteonderzoek wordt gebouwd, waar daar zouden we kaki kleding moeten dragen en 72 uur in quarantaine moeten. We blijven in de partytent, waar Bleker met een druk op de knop de arbeid in gang zet.
De nieuwe accommodatie heeft nog hogere veiligheidseisen, want hier worden besmettelijke virussen en bacteriën bestudeerd die ook mensen ziek kunnen maken, zoals de Q-koorts bacterie. ‘Dat vergt extra veiligheidsmaatregelen voor het personeel', verklaart CVI-directeur Andre Bianchi. De nieuwe high containment unit kost 8 miljoen euro. Het ministerie van EL&I draagt 5 miljoen bij, de rest komt van de provincie Flevoland, de gemeente Lelystad en een EU-fonds. Hij moet eind volgend jaar klaar zijn.
Het is een nationale faciliteit voor onderzoek aan zoönosen, de op mensen overdraagbare dierziekten. En het nieuwe is dat ook farmaceutische bedrijven gebruik kunnen maken van de accommodatie. Daarmee sluit de bouw goed aan bij het Castellum programma, waarin het CVI onder meer samenwerkt met de Utrechtse faculteit diergeneeskunde, het RIVM en het bedrijf MSD Animal Health, om nieuwe medicijnen tegen besmettelijke dierziekten te ontwikkelen. De nieuwe faciliteit moet farmaceutische bedrijven naar Lelystad lokken en daarom willen provincie en gemeente graag meebetalen. Of er meer geld beschikbaar komt vanuit de topsectoren voor dit type veterinair onderzoek, is nog onduidelijk.
Meest in het oog springende zoönose is de q-koorts, die grote gevolgen heeft gehad voor de volksgezondheid in Nederland. Maar het CVI richt zich ook op nieuwe dierziekten die plotseling een gevaar voor dier en mens kunnen worden. Zo bestudeert het instituut het West Nijl virus, dat zich de laatste jaren opeens razendsnel verspreidt in de VS en daar al duizend menselijke slachtoffers heeft geëist. Ook de papagaaienziekte, een bacterie die zich verspreidt via vogels en ook mensen aantast, houdt het instituut in de gaten. Bij een epidemie ontwikkelt het CVI snelle en gevoelige laboratoriumtesten om de ziekte te kunnen vaststellen; kennis over de overdracht en verspreiding van de ziekteverwekker, en methoden om ‘m te bestrijden.

Re:ageer