Wetenschap - 1 januari 1970

Dieet maakt vleeskuiken gelukkiger

Vleeskuikens die niet te veel te eten krijgen en voldoende ruimte hebben om te bewegen vertonen meer natuurlijk gedrag dan soortgenoten die snel vetgemest worden. De dieren hebben minder pootproblemen en scharrelen meer.

Dat blijkt uit promotieonderzoek van etholoog Eddie Bokkers. Bokkers wilde in zijn onderzoek achterhalen wat vleeskuikens willen en kunnen.
Vleeskuikens bereiken in de intensieve veehouderij binnen zes weken hun slachtgewicht van 2,5 kilo. Ze brengen een groot deel van de dag zittend door. Bokkers wilde weten of de dieren dat doen omdat ze niet anders willen, of omdat ze bijvoorbeeld door pijn letterlijk niet meer op de poten kunnen staan.
De etholoog vergeleek daarvoor het gedrag van kuikens van drie soorten kippen: legkuikens, snelgroeiende vleeskuikens, en langzaamgroeiende vleeskuikens. Opmerkelijk genoeg rustten snelgroeiende en langzaamgroeiende kuikens evenveel, maar in de rest van de tijd waren de langzaamgroeiende kuikens wel actiever. Opvallend was ook het verschil tussen kuikens van legkippen en vleeskuikens. Terwijl legkippen slechts dertig procent van de tijd zaten, vulden de vleeskuikens ongeveer zestig procent van de dag met niksen. Verder was het verzadigingsmechanisme van de vleeskuikens verstoord. De dieren hebben een uitzonderlijk grote drang om te eten.
Bokkers: ,,We wisten dat vleeskuikens minder actief waren, dus dat was voor ons geen nieuws. Wat nieuw is in mijn onderzoek, is dat ik heb aangetoond dat de dieren de rest van de tijd wel gemotiveerd waren om natuurlijk gedrag te vertonen. Boeren zeggen wel eens dat de kippen niet anders willen dan zitten, maar dat blijkt niet zo te zijn.’’
De vleeskuikens zijn de afgelopen decennia intensief geselecteerd op snelle groei en daarmee ook op ‘lui’ gedrag. Activiteit kost immers energie en staat snelle groei in de weg. Volgens Bokkers zijn de vleeskuikens echter nog niet zo lui dat ze helemaal niets anders willen dan zitten en eten. De dieren worden actiever als ze minder te eten krijgen en in een ruimere omgeving worden gehouden. Ze hebben dan ook minder pootproblemen. ,,Of ze dan gelukkiger zijn? Ethologen gaan ervan uit dat dieren gefrustreerd raken als ze niet het gedrag kunnen vertonen dat ze willen. Als ze dat wel kunnen zou je kunnen zeggen dat ze gelukkiger zijn, ja.’’
,,Wat we met die kennis moeten? Je zou het in Nederland kunnen verbieden om kippen in zes weken slachtrijp te maken, maar dat zal moeilijk zijn in verband met internationale handelsafspraken. Dan komen die snelgroeiende kippen wel van over de grens. Ik denk dat het vooral een zaak van de consument is. Als die wil betalen voor dierenwelzijn, zijn er zeker boeren die langzaamgroeiende vleeskuikens gaan houden.’’ | K.V.

Eddie Bokkers promoveert op 5 maart bij prof. Bas Kemp, hoogleraar Adaptatiefysiologie

Re:ageer