Wetenschap - 1 januari 1970

Dickey Stolp, adjunct-beheerder leerstoelgroep Dierlijke Productiesystemen,

Dickey Stolp, adjunct-beheerder leerstoelgroep Dierlijke Productiesystemen,

Dickey Stolp, adjunct-beheerder leerstoelgroep Dierlijke Productiesystemen,

Zodiac

‘De lichaamstaal van iemand spreekt boekdelen’

Het gaf destijds status, zegt Stolp, als je secretaresse was bij de
directeur van een groot bedrijf, die achter een enorm bureau op hoogpolig
tapijt dikke sigaren rookte. Zelf begon ze haar loopbaan 36 jaar geleden op
die manier: bij een Zweedse Kogellagerfabriek. Voorwaarde voor de functie
was wel dat ze niet ging trouwen. Dat kon Dickey Stolp niet waarmaken. Ze
trouwde toch en werd secretaresse bij het Instituut voor
Plantenziektekundig Onderzoek IPO. Met de geboorte van haar twee kinderen
stopte ze met werken. Maar de werklust bleef kriebelen en na vierenhalf
jaar ging ze aan de slag als correspondente bij de vakgroep Tuin en
Landschapsarchitectuur. Tot ze in het WUB een advertentie zag waarin de
vakgroep Tropische Veehouderij een secretaresse zocht. Sindsdien is Zodiac
haar werkterrein gebleven.
Op 4 maart vierde ze haar vijfentwintigjarig jubileum bij de
Landbouwuniversiteit. Heel Zodiac was er om haar te feliciteren. Voor de
gelegenheid blikte ze terug op die vijfentwintig jaren, opgeluisterd met
foto's van verschillende buitenlandse projecten waarbij ze betrokken was.
Ze verhaalde over diverse hoogtepunten.
Zo richtte ze met collega-secretaresses de 'Wageningse Kring van
Secretaresses' op. ,,We hebben ons onder meer beziggehouden met inhoud
geven aan de functie van managementassistente, want de term 'secretaresse'
dekte niet meer de lading. De titel 'office manager' is nog beter. Als je
ziet wat een enorme veranderingen er de laatste vijfendertig jaar hebben
plaatsgevonden en wat er van een secretaresse wordt gevraagd! De software,
de p.c.'s, alle techniek die erbij is gekomen. Ik heb al die ontwikkelingen
meegemaakt. Daar ben ik blij mee; het maakt het werk en de mogelijkheden
vele malen interessanter. Maar er is een keerzijde: door dat digitale werk
gaat het contact met de mensen weg. En ik hou van mensen, ik vind die
sociaalcommunicatieve kant van secretaresse zijn juist heel belangrijk. Nu
krijg je alles per e-mail binnen. Die kun je doorzenden naar de betreffende
persoon, heel makkelijk en snel. Maar ik ga zo'n boodschap zelf brengen.
Dat contact even zoeken. Anders wordt het zo'n droge, technische functie.
Daar moet je heel alert op zijn. Doe je dat niet dan raken de verhoudingen
helemaal uit balans. Je hebt dat contact met elkaar nodig. De lichaamstaal
van iemand spreekt boekdelen. Daar kun je op anticiperen. Zonder woorden
kun je zien of aanvoelen hoe iemand zich voelt. Ik geloof niet in al die
verhalen die zeggen dat het allemaal zo goed gaat. Er is meer dan alleen
maar techniek. Het persoonlijke contact moet blijven, anders functioneert
het niet.''
Ze heeft voor vele profs gewerkt, maar de dierbaarste herinnering bewaart
ze aan Dick Zwart, hoofd Tropische Veehouderij. ,,Hij was zo heel gewoon en
menselijk.''
Later in haar loopbaan werd ze adjunct-beheerder en was ze bij veel zaken
betrokken: ,,Ik zat in het departementsoverleg Dierwetenschappen en was
secretaris van de medezeggenschapsraad. Dat kostte veel tijd. Het werd
financieel wel vergoed, maar er werd niemand aangesteld om die 0,2 functie
op te vullen. Dat moest ik zelf doen. Ik ben met het raadswerk gestopt; ik
had voor de leerstoelgroep al genoeg te doen. Maar ook omdat ik vond dat de
uitspraken van de raad onvoldoende serieus werden genomen. Daarom gaat er
ook niemand naar de medezeggenschapsraad. Hoge werkdruk en onvoldoende
resultaten, dat motiveert niet.''
Om haar gezin niet tekort te doen werkte Stolp aanvankelijk twintig uur per
week. ,,Maar dat heeft het bezwaar dat je toch achter iedereen aanholt.
Voor het werk is het beter om tweeëndertig uur te werken, anders mis je
temveel, zitten er te veel 'gaten' in.'' Toch eiste ook het thuisfront zijn
aandacht: ,,Bij ingrijpende situaties thuis, zoals bij ziekte van de
kinderen, ben je zelf ook ziek. Dan is de wereld grijs en is het fijn als
je op je werk begrip ondervindt.'' Na een waardevolle sabbatical leave bij
Winrock International in de Verenigde Staten kon ze er weer tegenaan.
Ze werkt vervolgens voor verschillende groepen, want de niet aflatende
reorganisaties - herverdeling van taken noemt het bestuur dat - gingen ook
Stolps deur niet voorbij. Ook háár functie veranderde. In plaats van bij
Tropische veehouderij werd ze ingezet bij een aantal andere
leerstoelgroepen. Ze voelde zich hierdoor wel wat misleid. ,,Maar daar kwam
ik altijd wel weer uit!'' Ook was het niet altijd even prettig om kennis te
nemen van de dierproeven bij de leerstoelgroep. ,,Akelig, maar dat hoort er
nu eenmaal bij.’’
Ze had ook altijd nog haar contacten met ouderen in verzorgingscentrum De
Breukelderhof in Bennekom. ,,Dat is zulk dankbaar werk. Velen krijgen
zelden of nooit bezoek en ze zijn zo blij met je komst! Met het spirituele
in de mens, daarmee houd ik mezelf in balans.''

Lydia Wubbenhorst

Re:ageer