Wetenschap - 11 januari 2010

Dichter bij Darwin

Mardik Leopold, zeevogelbioloog van Wageningen Imares, reisde drie weken mee met de Stad Amsterdam. In Buenos Aires stapte hij met vrouw en twee kinderen aan boord van de clipper, die de reis van Darwin met de Beagle navolgt Op deze pagina’s een terugblik, afgewisseld met stukjes uit Leopolds blog op de site van Imares.

Mardik Leopold viert zijn verjaardag met dochter Kyra en zoon Tom. Links: VPRO-producer Ruurd van de Berg
Buenos Aires, 28 oktober. Vanmorgen blijkt, vanuit ons hotel en via de VPRO-site, dat de Stad Amsterdam even verderop aan de kade ligt. Even langs gewipt en kennis gemaakt, onder meer met Redmond O'Hanlon: ah, you are the bird-man! Great, excellent, I am going to join you in your box! Well, uh, yes, dat wordt dan tweede ring...We kunnen niet wachten; vanavond mogen we dan echt aan boord.
Ben je dichter bij Darwin gekomen?
'Absoluut. Ter voorbereiding heb ik me suf gelezen over Darwin en zijn reis. Aan boord wil je niet met je mond vol tanden staan; je moet wel een beetje weten waar het over gaat. Darwin zou voor biologen verplichte kost moeten zijn. Maar dat is gek genoeg niet zo. Er is in de biologie-opleiding geen college Darwin of zoiets.
'Tijdens de reis kom je op plekken waar het allemaal gebeurd is. Daar sta je dan wat schimmelig bij te kijken. Je ziet de fossiele voetsporen die Darwin ook gezien heeft. Het is bijna onmogelijk om daar iets uit te halen, maar hij deed dat dus wel! We weten allemaal dat het een geweldenaar was. Maar hij moet echt verschrikkelijk geniaal geweest zijn. Daar hadden we er meer van moeten hebben. Hij had natuurlijk ook de tijd: vijf jaar reizen en dan ook nog eens twintig jaar om het allemaal uit te werken. Maar toch.'
Wat heb je aan wetenschap kunnen doen aan boord van de Stad Amsterdam?
'Van wat ik concreet in mijn hoofd had, is heel weinig terechtgekomen. Logistiek was het allemaal anders dan ik gedacht had. Het onderzoek dat wij wilden doen, de relatie bestuderen tussen plankton en zeevogels, paste eigenlijk niet in het programma. Wij wilden naar een stukje interessante zee waar veel plankton is. Een halve dag varen. Maar dat kon niet. Het schip was meer een  taxi die de opvarenden in rechte lijn van A naar B bracht. Dicht langs de kust. Maar we hebben daar wel interessante waarnemingen kunnen doen. Daar ben ik zeer tevreden over.'
Het Magelhaenkanaal, 18 november. Vooral in de eerste vernauwing kolkt het water door de getijstroming. Juist hier blijken zich honderden Commerson's dolfijnen op te houden. Uitgelaten beesten, die gebruik maken van de sterke stroming om te jagen. (Op vis die hier minder goed mee om kan gaan?) Massa's sterns kijken van boven op het gedoe neer en pikken een visje mee. Hoeveel mazzel kun je hebben? Van deze dolfijnen is maar weinig bekend. Deze dag gaat nog een wetenschappelijk staartje krijgen!
Veel vogels gezien?
'Van 's ochtends zes tot 's avonds negen uur heb ik vogels geteld vanuit onze speciaal ontworpen vogelhut, voor op de boot. Je vaart noord-zuid, dus je komt overal maar een keer langs. Elke meter die je mist, zie je nooit meer terug. Dat is de motivatie om bij wijze van spreken dag en nacht buiten te zitten. Zelfs eten is dan een hinderlijke onderbreking. De beste manier om vogelwaarnemingen op zee te doen, is jezelf spijkerhard dwingen alles op te schrijven wat je ziet. Dat levert cijfers op over dichtheden van zeevogels en daar kun je dan weer verspreidingskaarten van maken. Dat is lang niet allemaal boeiend. Het is niet zo dat ik als een soort Darwin  rondreisde door terra incognita. Veel is al beschreven. Maar je komt altijd nieuwe dingen tegen. Het gaat om de krenten in de pap.'
Noem eens zo'n krent?
'Voor mij persoonlijk was elke dag een verrassing. Ik zag elke dag nieuwe dingen. Het meest indrukwekkend is natuurlijk de koningsalbatros. Maar die kende ik al. Prions waren nieuw voor mij. Die zijn zeer talrijk in de Zuidelijke Oceaan. Ze zijn familie van de albatrossen. Voor een vogelaar is dat heel leuk. Wetenschappelijk vermeldenswaard zijn de waarnemingen aan pijlstormvogels en pinguïns bij Peninsula Valdéz, de Commerson's dolfijnen in het Magelhaenkanaal en het gedrag van de bruinkopmeeuwen in de haven van Puerto Madryn. Dat levert toch drie wetenschappelijke artikelen op. Er zijn vakanties dat ik met minder thuis kom.'
Er vliegen voortdurend noordse pijlstormvogels (uit Groot-Brittannië) en grote pijlstormvogels (van Tristan da Cunha) rond, op zoek naar iets eetbaars. De pinguïns zijn hier de 'providers' die vis vanuit de diepte omhoog drijven, binnen bereik van de pijlstormvogels. Er is weinig informatie over dit stuk van de oceaan beschikbaar, dus we varen hier precies in een kennisgat. Soms zit het mee...
'Vergeleken bij de ontberingen die Darwin leed tijdens zijn reis, is dit een plezierreisje', zei je voor vertrek. Was het een plezierreisje?
'Absoluut. We hebben ontzettend geluk gehad met het mooie weer. Van de drie weken zijn maar twee halve dagen uitgevallen in verband met de wind. Dat is niks. Als je de verhalen van Darwin leest; die had het een stuk slechter. De Stad Amsterdam is bovendien meer dan zestig meter lang. De Beagle was maar 26 meter, eigenlijk meer een notendop.
'Zo'n boot is een heel sociaal gebeuren. De bemanning is erop ingesteld om mensen te entertainen. Als de kinderen bijvoorbeeld een wat gammele dag hadden dan kregen ze volop aandacht. Er werd een spelletje met ze gedaan of ze kregen een rondleiding.'
Halverwege de dag word ik uit mijn hok gecommandeerd voor een verplichte koffiepauze. Ik ben jarig en dat gaat niet ongemerkt voorbij. Er is taart en een met chocolade bespoten feestbord met de tekst 'Happy Birdday'.
Hoe heeft dat fatale auto-ongeval, waarbij een bemanningslid omkwam en twee zwaargewonden vielen, de reis beïnvloed?
'De reis verloor zijn onschuld. Je staat niet meer onbezorgd op de wereld op zo'n moment. De eerste reactie is: dit is te erg, we stoppen ermee. Maar dat is een eerste reactie. Dan wordt op een gegeven moment de beslissing genomen om door te gaan. Niet door mij, daar was ik gelukkig niet bij betrokken. Dat was een zaak tussen de leiding van het schip en Hilversum. Het ongeval had zeker impact. Niet alleen op het schema. Er moest ontzettend veel geregeld worden. Dat is heel goed gedaan. Voortdurend werden we van alles op de hoogte gehouden.'
Puerto Madryn, 11 november. Uit een ooghoek zie ik een meeuw in het licht van het schip iets uit het water plukken. Er blijken honderden meeuwen te foerageren in het lamplicht van ons schip, een naastgelegen trawler en de kade-verlichting. Bruinkopmeeuwen. De volgende dag en avond toch wat beter gekeken. De hele dag zowat geen meeuw gezien, maar 's avonds vliegen er opnieuw zo'n vierhonderd druk foeragerend rond. Een patroon!
Het Darwinjaar is voorbij. Wat heeft het jou opgeleverd?
'De vrienden die ik heb opgedaan. Afgezien van de reis zelf natuurlijk en de vele boeken die ik heb gelezen om me in Darwin te verdiepen. In Puerto Madryn kwam mijn grote held even aan boord: Pablo Yorio, een lokale zeevogelkenner. Hij was aan boord op bezoek bij een van zijn promovendi. Ik dacht: wat krijgen we nou, die ken ik, daar heb ik wel twintig stukken van gelezen. Hij was erg geïnteresseerd in mijn verhaal over de bruinkopmeeuwen. Hij is zeevogelbioloog, maar hij komt nooit op zee omdat hij daar de middelen niet voor heeft. Hij doet zijn onderzoek in zeevogelkolonies op het land. We hadden elkaar veel te vertellen. Met hem schrijf ik een artikel over die meeuwen. Samen met mijn lokale held. Geweldig toch!'

Re:ageer