Wetenschap - 12 april 2001

Dennenscheerder niet meer de kwelgeest van Nederlands bos

Dennenscheerder niet meer de kwelgeest van Nederlands bos

De dennenscheerder, een soort kever, is niet meer zo schadelijk voor het Nederlandse bos als voorheen. Dit blijkt uit onderzoek dat is uitgevoerd door Leen Moraal van Alterra.

Het Bosschap heeft op basis van het onderzoek besloten niet meer van boseigenaren te eisen dat ze geveld en dood hout, waar de kevers in broeden, tijdig uit het bos verwijderen. Moraal: "Ze kunnen dit hout nu zo lang laten liggen als ze willen. Het geeft de boseigenaren en ook de houthandelaren meer flexibiliteit."

Volgens Moraal werd de dennenscheerder lange tijd door boseigenaren gezien als de grote boosdoener van het Nederlandse bos. Bekend is dat de kevers zich in dennentakken boren, die vervolgens afvallen. Moraal toonde echter aan dat de beestjes nauwelijks schade aanrichten aan jonge beplantingen. Ook de oude dennen lijden er niet echt onder. Hij voerde een vijf jaar durende proef uit in het bosgebied Boksenberg in de gemeente Someren. Hij legde naast een veld met jonge dennen een aantal gevelde bomen neer waar de kevers in broedden, maar dit had geen merkbaar effect op de dennen.

"Toen er nog grote uniforme dennenbossen voorkwamen, was de dennenscheerder wijd verbreid in Nederland. Er komt nu echter steeds meer gemengd bos voor met loofbomen. Aangezien de dennenscheerders alleen in dennenhout zitten, neemt hun aantal af." Volgens Moraal moeten kevers alleen aangepakt worden wanneer er hevige stormen woeden. Het vele dode stormhout kan dan de broedplaats worden voor een bijzonder groot aantal dennenscheerders. | H.B.

Re:ageer