Wetenschap - 21 november 2002

Debat: Varkens in Nederland hebben het niet slecht

Debat: Varkens in Nederland hebben het niet slecht

'Zeugen hebben een acceptabel leven, vleesvarkens niet'

De varkenshouderij wil een beter imago en heeft daarvoor een grootscheepse campagne op poten gezet. In eerste instantie stond op de bijbehorende website dat onverdoofd castreren geen invloed heeft op het welzijn van de varkens. Gelijk kwam een spoor van protest vanuit de wetenschap. Inmiddels is de site veranderd. Nu staat er: 'Veel mensen in Nederland denken onterecht dat varkens een slecht leven hebben in Nederland. Dat beeld wil de Nederlandse varkenshouderij graag rechtzetten.' Is het welzijn in de varkenshouderij inderdaad verbeterd?

Dr Hans Hopster, ID-Lelystad: "Het gaat mij te ver om te zeggen dat varkens het niet slecht hebben. Ondanks alle inspanningen en goede bedoelingen. Vleesvarkens vervelen zich gewoon kapot. Het Varkensbesluit zegt dat couperen niet is toegestaan tenzij er problemen zijn met staart bijten. De hele varkenshouderij besluit dus te couperen. Dat zegt wel wat. Voor de boer is het probleem opgelost, voor het varken niet. Er ontbreekt het een en ander aan prikkels. Er hangen wel kettingen in het hok, maar daar zijn de varkens ook snel op uit gekeken. Er zijn oplossingen voor: een ruim strohok. In de biologische varkenshouderij komt staartbijten vrijwel niet voor. Zeugen hebben het al een stuk beter sinds groepshuisvesting voor hen verplicht wordt. De systemen hebben nog wel wat kinderziektes, maar als die er uit zijn, dan hebben de zeugen een acceptabel leven. Dan heb je nog de kraamzeugen in de kraamboxen. Evidente nadelen zijn dat de zeugen geen contact hebben met de biggen en geen nest kunnen maken. Maar ervaren de zeugen dat zelf ook als een tekort? Voor een goed dierenwelzijn in een concurrerende varkenshouderij zit je altijd in de klem."

Dr Hans Spoolder, Praktijkonderzoek Veehouderij: "Alles is relatief. Ik zou niet zeggen dat varkens geen slecht leven hebben, je moet het in de context zien. Als je kijkt naar de wetgeving is het hier in Nederland een stuk welzijnsvriendelijker dan in alle andere landen in Europa. Aanbinden van zeugen mag niet meer en groepshuisvesting voor zeugen is hier al in 2008 verplicht, in de rest van Europa pas in 2013. Bedrijven die verbouwen moeten er nu al aan voldoen. In alle andere landen hebben vleesvarkens 0,65 vierkante meter, hier wordt vanaf 2008 1,0 vierkante meter verplicht. Die 0,65 vierkante meter is voor varkens van 110 kg echt te weinig. Dan liggen ze mannetje aan mannetje en kunnen geen poot verzetten. Ook moet hier een deel van de vloer dicht zijn omdat varkens het liefst op een dichte vloer liggen. In de andere landen mogen ze nog op volledig roostervloer gehouden worden. Dus als dat je referentiekader is, dan hebben de varkens het hier beter. Maar als je vergelijkt met de biologische varkenshouderij dan hebben de gangbare varkens het slechter: ze hebben onvoldoende gelegenheid hun soorteigen gedrag uit te voeren. Het is zo makkelijk om je in te graven door te zeggen, die varkens hebben het zo goed, zoals op die site gezegd wordt. Het is ook weer erg makkelijk om alles af te kraken. Ik kies er voor om de positieve kant te benadrukken: we zijn in Nederland op de goede weg."

Dr Marc Bracke, ID-Lelystad: "Historisch bekeken zijn er belangrijke stappen vooruit gezet. Maar dat betekent niet dat er geen enkel probleem is. Varkens hebben een heleboel behoeftes, genoeg voer, een goed klimaat, rust, maar ook sociaal contact, wroeten en scharrelen, de mogelijkheid een nest te bouwen door zeugen. Dat zijn allemaal dingen die bijdragen aan het welzijn van het dier. Als je op het ene vlak meer doet, kan je misschien op het andere vlak een veertje laten schieten. Als je kijkt naar de varkens in Nederland dan zit het meestal goed op het gebied van klimaat, voeding en het vakmanschap van de boer. Zeker als je dat vergelijkt met de rest van de wereld. Maar op andere terreinen, met name het vervullen van de ethologische behoeften van de dieren, zijn nog hele grote stappen vooruit te zetten. Het is wel vaak zo dat als je op het ene vlak vooruit gaat je er soms op een andere vlak iets op achteruit gaat. Ga je van een geklimatiseerde, verwarmde stal naar een stal met stro en buitenuitloop dan kan dat een achteruitgang betekenen op het gebied van thermocomfort, bijvoorbeeld door tocht, kou of juist oververhitting. Dan moet je wel kijken hoeveel je er in totaal mee bent opgeschoten. Dat doe je door alle behoeften in de afweging mee te nemen."

Dr Dinand Ekkel, leerstoelgroep ethologie, Wageningen Universiteit: "Varkens hebben het niet slecht maar het kan beter. Onze wetgeving gaat aanmerkelijk verder dan de Europese wetgeving. Als je dan bedenkt dat ze in Zuid Europa niet eens toekomen aan de huidige regelgeving, dan zijn de varkenshouders hier al een eind op streek. De groepshuisvesting voor zeugen is echt een substanti?le stap vooruit. Een varken is namelijk een sociaal dier. Daarom kan ik het wel begrijpen dat de sector roept dat varkens het niet slecht hebben. Wel zeg ik er dan gelijk achter aan dat er nog veel moet gebeuren. En dat zegt de sector niet. Bij vleesvarkens mag er nog veel meer gebeuren. Dan zit ik toch wel dicht tegen de conclusie dat ze het niet al te best hebben, ze zitten nog heel veel op beton in een kaal, donker hok. De ruimte per dier wordt wel meer, maar dat is nog lang niet overal toegepast. Een varken heeft een platte neus met veel tastorganen waar het mee wil wroeten. Je moet een varken tegemoet komen in zijn behoeften. Varkenshouders hebben het over afleidingsmateriaal, dat is een heel andere benadering."

Leonore Noorduyn

Tekening Henk van Ruitenbeek

Streamers:

'Vleesvarkens vervelen zich gewoon kapot'

'Nederlandse varkens zitten goed met voer en klimaat'

Re:ageer