Organisatie - 7 juni 2007

De vergeten wonderfilter

1

Het zou dé oplossing zijn voor mensen die het roken niet konden laten: een netwerkpolymeer die gifstoffen uit sigarettenrook haalt en de verslavende nicotine doorlaat. In december 2000 haalde Wagenings onderzoek over dit revolutionaire filter de landelijke pers. Maar het filter kwam er nooit.

197_opinie_0.jpg
197_opinie_0.jpg

Foto: .

Het netwerkpolymeer kwam voort uit de petrochemische industrie. Het Limburgse bedrijf Product Ontwikkeling Beheer van Josph Vialle kwam ermee naar Wageningen en vroeg of er toepassingsmogelijkheden waren voor de stof. Onder leiding van prof. Wim Rulkens onderzocht de sectie Milieutechnologie vervolgens samen met Universiteit Maastricht de mogelijkheden van de netwerkpolymeer als sigarettenfilter. De Limburgse longarts Geertjan Wesseling zag grote kansen, omdat deze innovatie een oplossing zou bieden voor de grote groep rokers die er niet in slagen op eigen kracht te stoppen.
De fijnmazige structuur van het schuim waarover Rulkens zich boog, was zodanig dat kankerveroorzakende polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) en teer in het filter achterbleven. Eén probleempje: ook de verslavende nicotine bleef voor een deel in het filter steken.
Het was aan de tabaksindustrie om dat probleem op te lossen en het filter verder te ontwikkelen, zei Rulkens toen de vinding werd gepresenteerd. Critici vroegen hem nog of een gezond sigarettenfilter wel zo’n goed idee zou zijn. De roker zou er baat bij hebben, maar de meerokende niet-roker allerminst.
Die discussie liep echter ver voor de muziek uit, blijkt nu. Het idee is namelijk blijven liggen waar Rulkens het neerlegde: bij de sigarettenfabrikanten. Die toonden zich meteen al niet enthousiast. De toenmalige woordvoerder meldde dat ze dagelijks dergelijke vondsten kregen aangeboden.
Joseph Vialle uit Venlo is nog altijd patenthouder. Zijn filter staat, zoals hij het zelf zegt, op ‘een waakvlammetje’. Het is lastig om de vinding te gelde te maken in de industrie, ondervindt Vialle, die ook een patent bezit op een uit plantenextracten ontwikkeld haargroeimiddel. ‘De sigarettenindustrie is een moeilijke wereld; het is een commerciële en een politieke wereld en daar ben ik niet zo in thuis. Het zijn geen losse vlaaien die je verkoopt. Maar als het filter zijn weg vindt in een sigaret, is de Wageningse universiteit de eerste die ervan hoort’, belooft hij.
Rulkens heeft de ontwikkelingen de laatste tijd niet meer nauwgezet gevolgd. ‘De eerste twee jaar hebben we nog contact gehouden. We hebben nog wat aanvullende experimenten gedaan. Maar daarna is het wat weggeëbd. Het filter had toch een behoorlijke potentie. Maar het lijkt nu toch een beetje doodgebloed.’
Het filter neemt niet alleen de kankerverwekkende stoffen weg. ‘Bij sigaretten spelen natuurlijk meer factoren dan alleen de giftigheid’, zegt Rulkens. ‘De vraag hoe het zit met de smaak van de sigaret speelt ook mee.’ Het antwoord op die vraag kan hij niet zelf geven. ‘Ik ben geen roker.’

Re:acties 1

  • jacques simons

    Foute richting: die sigarettenfabricanten. Die hebben weinig tot geen belang bij minder ongezond roken. En inderdaad al helemaal niet met minder verslaving.
    Ik denk, dat in ieder geval een zeer groot aantal verstokte shagrokers met een dergelijk filter heel blij zouden zijn. Grote verpakking, acceptable prijs en het verkoopt goed.
    Wanneer de overheid zegt zo bezorgd te zijn over de volksgezondheid, zij wel allerlei rook-ontmoedigende maatregelen (verpakking, accijns) neemt, waarom dan niet even dapper zijn, en gebruik van dit filter in alle sigaretten gewoon verplicht stellen? Er is immers sprake van aanmerkelijk minder slecht.
    Maar de tabaklobby is heel sterk en de overheid heel dubbelslachtig.

    Reageer

Re:ageer