Wetenschap - 1 januari 1970

De terugkeer van tropisch bos in Costa Rica

De terugkeer van tropisch bos in Costa Rica

De terugkeer van tropisch bos in Costa Rica

Per e-mail regelde Robbert van der Steeg vanuit Burkina Faso een afstudeervak van drie maanden in Costa Rica, waar hij op zoek ging naar de guanacaste. In een verlaten weidegebied zocht hij naar factoren die de verspreiding van deze tropische boom beïnvloeden


Costa Rica is geen onderontwikkeld land zoals Burkina Faso. Je zou het een tweede-wereldland kunnen noemen. Er zijn grote boerderijen waar het vee met paarden wordt opgedreven. Maar wat Costa Rica vooral heeft, is een geweldige natuur. Van der Steeg werkte op een experimenteel bosbouwstation in de provincie Guanacaste, ook de lokale naam van de boom waar zijn onderzoek over ging

In het gebied waar hij zat, liggen grote stukken verlaten weidegrond. De extensieve veehouderij die hier werd bedreven, is kennelijk niet erg interessant meer voor de boeren, meent Van der Steeg. Door irrigatieprojecten komt de nadruk meer te liggen op akkerbouw en ontstaan elders in het land grote plantages met bananen en groenten. En de weidegrond is in het verleden behoorlijk uitgeput. Laconiek: Nou ja, zo erg is dat niet, want voor die verlaten gebieden is bosbouw wellicht een economisch alternatief.

Het economisch belang van de guanacaste, oftewel Enterolobium cyclocarpum, is beperkt tot de regio. Het tropisch hardhout wordt lokaal verwerkt in meubels. De boom behoort tot de vlinderbloemigen en kan stikstof binden in de bodem. Daarmee kan hij van nut zijn om de uitgeputte bodem weer boven Jan te brengen. Van der Steeg: Voor het vee is het bovendien een schaduwboom. De koeien verspreiden ook de zaden. Hij toont enkele harde zaaddragende peulen, die eruit zien als dikke bruine vlinders. De koeien vinden het echt een lekkernij.

In een stuk van tweehonderd hectare bekeek hij samen met mede-bosbouwstudent Carlo Vromans hoe de guanacaste zich verspreidt. De boom komt nog vrij veel voor, maar verjongt zich spaarzaam. De vraag is waar het al dan niet aanslaan van jonge bomen van afhangt

De studenten prikten op een luchtfoto van het gebied willekeurig een aantal punten. Van der Steeg: ,,s Ochtends vroeg gingen we naar zo'n punt in het veld. Daar kozen we weer willekeurig een richting. Met kompas en machetes liepen en hakten we ons een weg naar de rand van ons gebied. Bij iedere jonge guanacaste die ze onderweg tegen kwamen, maten ze onder meer de dikte van de vruchtbare bodemlaag, het soort vegetatie en de afstand tot de moederboom

De guanacaste behoudt zijn bladeren het hele jaar en ik zat er toevallig in de droge periode. Dat was handig want zo konden we de bomen makkelijk vinden. En door El Niño was het extra droog. Met een beetje geluk trof je eentiental van die bomen per kilometer.

Naast metingen bij de bomen die ze tegenkwamen, deden ze ter vergelijking dezelfde metingen op willekeurige punten in het veld waar geen bomen stonden. Vooral de diepte van de bodem is een belangrijke factor, aldus Van der Steeg. Thuis heeft hij nog enkele zaden van de guanacaste laten ontkiemen. Maar uiteindelijk legden ze toch het loodje. Ik denk omdat ze in een potje op de vensterbank onvoldoende de diepte in konden.

Zijn kamer op het fraaie onderzoekstation, met vulkanen op de achtergrond, benauwde hem. Het was veel te warm. Hij verkoos buiten te slapen op de waranda, ook al scharrelden daar gordeldieren, slangen en schorpioenen rond. Op een keer kroop 's nachts een schorpioen in mijn broek. Toen ik me die morgen aankleedde, kreeg ik prompt een steek. Het voorval verhoogde zijn score op de schorpioenlijst, de poll waarop de studenten bijhielden hoe vaak ze waren gestoken en hoe veel schorpioenen ze in het gebouw hadden doodgetrapt

Samen met enkele onderzoekers sloopten ze de elektronica uit een oud apparaat en maakten er een barbecue van. Eigenlijk mocht dat niet, barbecuen, maar het doorbrak de sleur van het eten. Er werd netjes voor ons gekookt, maar na iedere dag bonen met rijst en zondags gemalen bonen met rijst wil je wel eens wat anders.

Hij ging naar Midden-Amerika met de wens het cultuurverschil tussen Burkina Faso en Costa Rica te proeven. Maar daarin had hij weinig succes. De Costa-Ricanen op het afgelegen station spraken een nauwelijks verstaanbaar dialect, en mijn Spaans is toch al niet zo goed. Ook lag het eerste cafo een uur rijden verderop. In Burkina Faso was dat wel anders. Daar liep je een cafo binnen en trof je altijd wel een Burkinese bekende. Van der Steeg prefereert daarom Afrika. Maar ja, mijn blik is gekleurd doordat ik goed Frans spreek, realiseert hij zich


Foto Guy Ackermans

Re:ageer