Wetenschap - 1 januari 1970

'De puzzelstukjes vallen allemaal langzaam op hun plaats'

'De puzzelstukjes vallen allemaal langzaam op hun plaats'


Experiment met natuurlandbouw in polder van Biesland krijgt kleur

De polder van Biesland is een van de gebieden waar Alterra experimenteert
met de visie Boeren voor Natuur. Veeteler Jan Duijndam heeft er een
natuurgericht melkveebedrijf. ,,Ik ben hier voedselproducent,
natuurbeheerder, recreatiebeheerder en calamiteitenpolder in een’’, stelt
hij. Volgens opdrachtgever Inge de Vos van provincie Zuid-Holland vallen
alle puzzelstukjes langzaam op hun plek om te zorgen dat Duijndam voor zijn
natuurlandbouw betaald kan worden. Toch zijn er zorgen rond de fondsvorming
door de bezuinigingen bij het ministerie van landbouw.

Minister Cees Veerman heeft dit jaar twee gebieden aangewezen waar
geëxperimenteerd gaat worden met de Alterra-visie Boeren voor Natuur die dr
Anton Stortelder en drs Marleen van den Top van Alterra en ing. Raymond
Schrijver van het LEI in 2001 opschreven, namelijk de polder van Biesland
bij Delft en het landgoed Twickel bij Delden. Simpel gezegd komt de visie
er op neer dat boeren aan natuur- en landschapsbeheer doen, gefinancierd
uit de renteopbrengsten van een regionaal fonds. De filosofie erachter
luidt 'de slechtste grond is de beste', wat zoveel wil zeggen dat de boer
aan natuur- en landschapsontwikkeling doet op de voor natuur en landschap
geschikte schrale en slecht bereikbare stukken van zijn land en landbouw
drijft op de goed bereikbare en rijke stukken grond.
Veerman heeft mondeling toegezegd dat als het de regio lukt om het
regionale fonds voor de helft te vullen, het ministerie de andere helft zal
financieren. Door alle bezuinigingen bij het ministerie zingen nu berichten
rond dat die belofte dreigt te vervallen. Van den Top, die de pilot in de
polder van Biesland begeleidt, is daar bezorgd over . Want juist nu lijkt
het er op dat de partijen in de provincie tot een overeenkomst zullen
komen. Er is een bestuurlijk overleg, onder leiding van Leen van der Sar,
gedeputeerde Plattelandsontwikkeling van de provincie. ,,De bedoeling is
dat op het volgende overleg eind oktober de gemeentes Den Haag, Delft,
Pijnacker Nootdorp, het stadsgewest Haaglanden en het Hoogheemraadschap van
Delfland een intentieverklaring ondertekenen om het project gezamenlijk ten
uitvoer te brengen'', vertelt Inge de Vos, die vanuit provincie Zuid-
Holland de Alterra-onderzoekers begeleidt.

Filefietsen
De intentieverklaring om het fonds te vullen moet volgens De Vos voor het
ministerie een teken zijn om ook geld in het gebied te steken. De Tweede
Kamerleden Harm Evert Waalkens van de PvdA en Arie van den Brand van
GroenLinks hebben minister Veerman gevraagd om initiatief te tonen, omdat
de Alterra-visie volgens hen een voorbeeld kan zijn voor de manier waarop
we in de toekomst met het groen in Nederland om kunnen gaan.
Wat betekent Boeren voor Natuur nu in de praktijk? De polder van Biesland
is een honderd hectare grote, groene enclave tussen Pijnacker, Nootdorp,
Delft, de Haagse Vinex-wijk Ypenburg en enkele natuurgebiedjes. Tijdens het
weekend dat boer Jan Duijndam open dagen organiseert op zijn biologische
melkveehouderij, op 20 en 21 september, is het op de wegen rondom de polder
bijna filefietsen, zo druk is het met de stad ontvluchtende recreanten. Op
het erf van Duijndam is het ook druk. Mensen drinken thee of koffie,
proeven biologische kaas, kinderen nemen met hun ouders plaats in de
ponykarren die rondjes rijden over het land, en Duijndam neemt telkens
mensen op sleeptouw om te vertellen over zijn bedrijf.
Het veeteeltbedrijf ziet er op het eerste gezicht heel normaal, en
onopgesmukt modern uit. Groene weides, een gewone melkstal, een rechttoe
rechtaan woning, een mestvaalt, enkele tractoren, een ligboxenstal met 130
koeien en een grote nieuwe potstal met ongeveer evenveel jongvee in het
stro. Praat echter vijf minuten met Duijndam en je weet dat je hier niet
met een gewone, simpelweg doorboerende boer van doen hebt, maar met een
agrarisch ondernemer met een visie - hoe clichématig dit ook moge klinken.
Bij Duijndam gaat het niet alleen om de productie. Zijn motto lijkt te
luiden 'als boer moet je meerwaarde leveren', en die meerwaarde kan bestaan
uit biologische bedrijfsvoering, excursies aan schoolkinderen,
waterberging, natuurontwikkeling, recreatie en fabriek voor streekeigen
zuivelproducten, om maar een paar van zijn plannen te noemen. "Ik ben hier
voedselproducent, natuurbeheerder, recreatiebeheerder en calamiteitenpolder
in een", stelt Duijndam met aplomb.

Geriefbosjes
Om de bedrijfsvoering zodanig te veranderen dat het voldoet aan biologische
normen en aan het predikaat natuurgericht bedrijf is een langetermijnvisie
nodig. Duijndam moet bijvoorbeeld zijn veestapel inkruisen; dat is een
langdurig proces. In de ligboxenstal staat de Montbeliarde-stier, een ras
uit de Franse Jura waarmee Duijndam zijn van oorsprong roodbonte veestapel
langzaam aan het inkruisen is. De ingekruiste koeien geven gemiddeld 5400
liter melk in plaats van de normale 7500 liter die normale melkkoeien
leveren, vertelt Duijndam, maar zijn ook gewend aan schralere weides en een
ratsoen met minder krachtvoer. Dat past binnen het biologische regiem dat
hij in zijn bedrijfsvoering aanhoudt.
Maar ook in de relatie tot de directe omgeving moet Duijndam zich met een
langetermijnvisie presenteren. Duijndam is zich sterk bewust van de
bijzondere plek waarop hij boert, en de mogelijkheden die hem dat biedt.
Simpelweg op een zo groot mogelijke productie boeren heeft weinig zin, want
als alleen een bedrijfseconomische drijfveer geldt is het makkelijker om te
wachten tot een van de omringende gemeenten wil gaan bouwen in de polder of
tot de overheid de polder opkoopt als natuurgebied. Maar Duijndam wil
boeren en hij ziet juist in de ligging van zijn bedrijf zijn sterke punt.
,,Als ik geen streekeigen producten kan afzetten, wie dan wel?'', vraagt
hij zich af. ,,Ik zit hier tussen een miljoen mensen.'' Hij vertelt over de
vierhonderd paar weidevogels die op zijn land nestelen, de biezenveldjes en
de geriefbosjes die hij onderhoudt. ,,Ik wil voor deze manier van boeren
uitbetaald worden. Zo'n diervriendelijke potstal met stro kost
driehonderdduizend euro. Die investering verdien je alleen terug op de
lange termijn.''
Zijn biologische bedrijfsvoering en langetermijnfilosofie om zijn bedrijf
ten dienste te stellen van de directe omgeving past uitstekend bij het
beeld van natuurgerichte bedrijven uit Boeren voor Natuur. Maar het is
vooral de man Duijndam die kan zorgen dat de pilot in de polder van
Biesland een succes wordt. De manier waarop hij op de open dag praat met
zijn bezoekers maakt duidelijk dat hij zich sterk bewust is dat hij
draagvlak moet creëren, bij de bewoners van de omringende steden, maar ook
bij de bestuurders en de managers van omliggende bedrijven als Ikea.

Inkomenssteun
Wil Duijndam slagen met Boeren voor Natuur, dan is er hulp nodig uit
allerlei hoeken van de omringende samenleving. Van overheden: gemeente
Delft heeft 35 hectare landbouwgrond voor lange termijn aan Duijndam
gepacht, gemeente Pijnacker Nootdorp heeft zich gecommitteerd aan de
omvorming van de landbouwgrond van Duijndam tot gemengde natuurlandbouw, en
er zijn gesprekken met Hoogheemraadschap Delfland en stadsgewest
Haaglanden. Van het bedrijfsleven: Ikea heeft toegezegd om de jaarlijkse
vrije dag die het personeel aan maatschappelijk nuttige zaken besteedt te
gebruiken voor natuurbeheer op het bedrijf, en provincieambtenaar De Vos
heeft de Rotary weten te bewegen een fondsenwervingdiner te organiseren.
,,Het zijn allemaal puzzelstukjes'', stelt provincieambtenaar De Vos. En
die vallen volgens De Vos aardig op hun plek nu de intentieverklaring er
lijkt te komen. De Vos is met haar collega's en Alterra-onderzoekers al
bezig om na te denken over de vormgeving van de samenwerking. ,,Welke
partijen doen mee? Wat is hun rol? Welke bijdrage leveren ze? Wat zijn de
financiële afspraken? Wie gaat het fonds beheren? Hoe zitten de contracten
in elkaar? Dat zijn allemaal vragen die gaan spelen, en daar zijn we een
voorzet voor aan het maken.''
Toch zijn er naast de dreigende bezuinigingen vanuit Den Haag nog een
aantal hobbels te nemen. De belangrijkste is de eis vanuit de Europese Unie
dat de rente uit het regionale fonds geen ontoelaatbare of
concurrentievervalsende inkomenssteun is. Van den Top en haar collega's
zijn al tijden in overleg met juristen van het ministerie van landbouw die
zowel financieel als juridisch moeten doorrekenen of de vergoeding die
Duijndam ontvangt vanuit het fonds daadwerkelijk een schadeloosstelling is
voor de verliezen die Duijndam draait door zijn lagere melkproductie en
andere beperkende effecten op zijn landbouwproductie, en of de uitkering
overeenkomt met de geleden schade.
Dan is er nog de vraag hoe de pilot in de polder van Biesland tot voorbeeld
kan dienen voor boeren elders in het land. De gedreven, extroverte,
makkelijk pratende en soepel netwerkende Duijndam staat niet echt symbool
voor de gemiddelde boer, erkent Van den Top, maar ze ziet het meer als
leermoment dan als probleem. ,,Misschien moeten we juist meer op zoek naar
dit soort type boer. Bij een pionier als Duijndam kun je heel veel
overlaten aan de boer zelf. Als je te maken krijgt met meer verlegen boeren
zullen de overheden, maar ook wij als onderzoekers, daar op moeten
inspelen.''

Martin Woestenburg

Fotobijschrift:

Boer Duijndam en zijn familie gaan experimenteren met Boeren voor Natuur.
,,Bij een pionier als Duijndam kun je heel veel overlaten aan de boer’’,
meent Alterra-onderzoeker Marleen van den Top. | foto Alterra

Re:ageer