Organisatie - 18 oktober 2007

De lange arm van ‘dictator’ Eenink

Het Wagenings Universiteitsblad, de voorloper van Resource, krijgt in 1996 te horen dat het een artikel over ATO niet mag afdrukken. Albert Eenink, directeur van het onderzoeksinstituut, zet de redactie en het bestuur van Wageningen Universiteit onder druk. Kritiek op ATO is verboden.

356_opinie_0.jpg
Het is halverwege de jaren negentig een publiek geheim dat plantenveredelaar Eenink geen heil ziet in de naderende fusie tussen de DLO-instituten en de Landbouwuniversiteit Wageningen (LUW). In de zeven jaar dat hij de scepter over het ATO zwaait, is het aantal werknemers van het instituut gegroeid van enkele tientallen tot zo’n vijfhonderd. Ongekend, in een periode waarin alle andere Wageningse partijen terugtrekkende bewegingen maken. Volgens Eenink is ATO daarom te goed voor het Kenniscentrum Wageningen, zoals Wageningen UR dan nog heet.
ATO’s groei is deels het gevolg van Eeninks harde management. De directeur saneert businessunits die een jaar slecht draaien onverbiddelijk, en laat zijn mensen opdrachten wegkapen voor de neus van andere instituten en de universiteit. Hij heeft dan ook weinig vrienden in Wageningen, al oogst hij respect voor de half militaire, half geslepen wijze waarop zijn instituut successen boekt op de moeilijke markt voor derdegeldstroomonderzoek en geld binnenhaalt uit het bedrijfsleven.
Als duidelijk is dat de fusie niet meer tegen te houden is, besluit Eenink dat de tijd is gekomen voor een nieuwe uitdaging. Hij stapt over naar Nutricia, het latere Numico. Een paar maanden voor zijn vertrek interviewt het Wagenings Universiteitsblad (WUB) hem, met de bedoeling om het succesvolle instituut te portretteren. Het stuk verschijnt in het WUB van 10 oktober. In het gesprek vertelt Eenink vol trots over zijn instituut. Dat is jong, dynamisch en ambitieus. Het wetenschappelijke niveau van ATO stijgt bovendien ‘niet zelden uit boven dat van de universiteit’.
Naast het artikel staat een cursief van hoofdredacteur Simon Vink, die de lezers vertelt dat de afgedrukte lofzang op ATO een slap aftreksel is van een ander stuk, waarvan Eenink de publicatie heeft verhinderd. ‘De lange arm van ATO-directeur Eenink reikt tot over de muren van zijn instituut’, aldus Vink.
Eenink verwijt het universiteitsblad dat het ‘zonder toestemming aan het artikel passages heeft bijgevoegd van LUW-medewerkers’, schrijft Vink. Achter de schermen heeft de directeur medewerkers van ATO en de universiteit – die later huilend bij het WUB aan de lijn hingen - onder druk gezet om zich van het stuk te distantiëren. Bovendien heeft hij volgens Vink gedreigd dat ATO uit onderzoeksschool Vlag stapt als het WUB het artikel afdrukt.
De weggegomde kritiek in het stuk komt er op neer dat ATO met al zijn snelle onderzoekssuccessen vergeet dat expertise snel veroudert. Het instituut doet van alles, maar vergeet te investeren in de kennisgebieden waarin het echt sterk is, aldus de critici. Het verwaarloost zijn fundamentele onderzoek.
Als Eenink eenmaal is vertrokken naar Numico zit hij niet stil, suggereert een bericht dat op 22 maart 2003 verschijnt in het Financieele Dagblad. Volgens het dagblad heeft directeur Hans van der Wielen van Numico Eenink in 2001 tevergeefs proberen te wippen omdat die een coup zou voorbereiden. Directeur Van der Wielen krijgt de taaie Wageninger echter niet weg. Die houdt het bij Numico net zo lang uit als Van der Wielen zelf. De twee worden uiteindelijk tegelijk weggestuurd door de nieuwe sterke man van Numico, Jan Bennink. Als afscheidspresentje ontvangt Eenink enige miljoenen, waarvan hij een alleraardigst landhuis in de Achterhoek koopt. Eindelijk ruimte voor zijn kunstcollectie.
ATO bestaat inmiddels niet meer. Op 18 januari 2005 viel het doek officieel. Sindsdien praten de oudgedienden nog wel eens over hun oude directeur. ‘Eenink was een dictator’, zeggen ze. ‘Maar hij kreeg wel wat voor elkaar. Als hij was gebleven, waren we nooit opgeheven.’

Re:ageer