Wetenschap - 15 februari 2001

De drie peilers van de universiteit

De drie peilers van de universiteit

Via het intranet kon ik kennis nemen van het reorganisatieplan voor het facilitair bedrijf. Hieruit bleek onder meer dat de Universiteitsbibliotheek door de raad van bestuur als onderdeel van het facilitair bedrijf gezien wordt. Inmiddels is duidelijk geworden dat het bewuste plan herziening behoeft. Misschien is er dan ook nog tijd voor een serieuze bezinning op de vraag of de Universiteitsbibliotheek ten principale wel onderdeel van het facilitair bedrijf is.

Bij de beoordeling welke onderdelen van een organisatie zelfstandige organisatorische eenheden zijn en welke onderdelen ondersteunende, facilitaire diensten vormen, zal mijns inziens uitgegaan moeten worden van een kritische reflectie op de kerntaken van de organisatie. Deze kerntaken vormen de bestaansreden van de organisatie en verdienen een eigen, zelfstandige plaats binnen het organogram.

Wat is de bestaansreden van een universiteit? Een universiteit is in eerste en laatste instantie een wetenschappelijk onderwijsinstituut. De fundamentele taak van de universiteit is wetenschappelijke kennisoverdracht. Deze krijgt binnen een universiteit op drie manieren gestalte, en daaruit volgen dan ook de drie kerntaken, die de peilers vormen waarop de universiteit rust.

De eerste, meest zichtbare vorm van wetenschappelijke kennisoverdracht is het wetenschappelijk onderwijs, waarmee de student academisch wordt gevormd. Het zal door weinigen betwist worden dat het verzorgen van actueel wetenschappelijk onderwijs een eerste kerntaak van de universiteit is.

Daarnaast is de universiteit een wetenschappelijk onderzoeksinstituut waarin kennis ontwikkeld wordt. Het wetenschappelijk onderzoek van de universiteit is onlosmakelijk verbonden met het wetenschappelijk onderwijs. Het uitoefenen van wetenschappelijk onderzoek binnen het domein van de leeropdracht is een voorwaarde voor, en bewijs van, de actieve beheersing van het vakgebied. Hiermee is wetenschappelijk onderzoek een tweede kerntaak van de universiteit.

Zowel het wetenschappelijk onderwijs als het universitaire onderzoek zijn actuele, dynamische processen. Beide bevinden zich idealiter op de huidige grens van de wetenschappelijke kennisvermeerdering en vereisen een continue innovatie om actueel en relevant te blijven. Naast deze actuele, en telkenmale geactualiseerde, actieve kennisoverdracht heeft de universiteit binnen haar primaire bestaansreden ook een taak als hoeder van het wetenschappelijk erfgoed.

In een goede en met zorg onderhouden wetenschappelijke bibliotheek zijn de bijdragen van opeenvolgende generaties van wetenschappers samengevoegd tot een decennia overspannend bouwwerk waarin de ontwikkeling van het vakgebied binnen deze specifieke universiteit is vastgelegd. Naast de historische ontwikkeling van het vakgebied, zoals relevant geacht door de opeenvolgende leerstoelhouders, uitmondend in de gedegen onderbouwing van de huidige status quo, vindt men daar ook de ooit interessant geachte ontwikkelingen en zijstromen die aan de basis van een mogelijk andere - niet geactualiseerde, maar daarom nog niet minder valide - conceptie van het vakgebied hadden kunnen staan. In de wetenschappelijke bibliotheek van de universiteit ligt het materiaal waarop onze huidige wetenschappelijke werkelijkheid is gegrondvest. Daar echter ligt ook het materiaal waarnaar een kritische onderzoeker zal teruggrijpen wil hij of zij de grondslagen van ons huidige wetenschappelijke bouwwerk ter discussie kunnen stellen om levensvatbare alternatieve, en daarmee dus vernieuwende en innovatieve, wetenschappelijke kennis te ontwikkelen.

Doordat de wetenschappelijke bibliotheek tot taak heeft wetenschappelijke informatie te beheren, te ontsluiten en toegankelijk te maken, heeft ze zich logischerwijze ook ontwikkeld tot de specialist in het ontsluiten en toegankelijk maken van contemporaine wetenschappelijke informatie. Eerst via tijdschriften en periodieken, nu ook via elektronisch toegankelijke informatie in databases, internetlinks, en andere elementen van de virtuele bibliotheek. Hiermee vervult de universiteitsbibliotheek een derde kerntaak van de universiteit.

Een universiteit is primair een instituut voor de overdracht van wetenschappelijke kennis. Om deze taak naar behoren te kunnen vervullen heeft zij drie peilers, die alle drie even centraal zijn voor haar functioneren: wetenschappelijk onderwijs, wetenschappelijk onderzoek en wetenschappelijke bibliotheek. Deze drie zwaartepunten verdienen alledrie een even grote waardering en een even groot gewicht in de besluitvorming rond het universitaire beleid.

De huidige organisatie van Wageningen Universiteit kent onderwijsinstituten (voor het organiseren van het wetenschappelijk onderwijs) en onderzoeksscholen (voor het organiseren van wetenschappelijk onderzoek). Hiernaast heeft deze universiteit dringend behoefte aan een organisatorisch gelijkwaardig instituut voor het beheren van ons wetenschappelijk erfgoed en het ontsluiten van informatie. Waar de eerste twee primair verantwoordelijk zijn voor de vooruitgang en de toekomst, is de laatste verantwoordelijk voor de blijvende ontsluiting van het heden en het verleden.

Nu in de recent ontvouwde plannen voor de bibliotheek cruciale onderdelen van haar organisatie worden ondergebracht bij de facilitaire diensten, blijkt dat de bestuurlijke top van onze universiteit zich onvoldoende bewust is van het belang en de blijvende waarde van ons erfgoed. Waar onderwijs elke vijf jaar verandert en onderzoek elke tien jaar achterhaald wordt, is een goede Universiteitsbibliotheek een instituut dat met de jaren alleen in waarde kan groeien.

Ynte K. van Dam

leerstoelgroep Marktkunde en consumentengedrag

Re:ageer