Wetenschap - 8 maart 2012

Dat beloof ik!

Om het ethisch bewustzijn van wetenschappers te vergroten, zouden promovendi een soort Eed van Hippocrates moeten afleggen. Dat opperde filosofe Ingrid Robeyns van De Jonge Akademie in een gesprek met NRC Handelsblad. Een goed idee? Tekst: Roelof Kleis & Albert Sikkema

23-HR-MI-dat-beloof-ik.jpg
Een goed idee?
Ingrid Robeyns
hoogleraar Praktische filosofie Erasmus Universiteit Rotterdam
'Ik hoop dat zo'n eed wetenschappers bewust maakt van de verantwoordelijkheid die ze dragen. In zo'n eed zou in ieder geval moeten staan dat de onderzoeker  de wetenschappelijke waarheid na zal streven en dat d√°t altijd voorop staat. Verder moet je de beperking van de wetenschap benoemen: dit is de kennis van nu. Die kritische attitude ten opzichte van de wetenschap is belangrijk. Natuurlijk hebben universiteiten hun gedragscodes, maar bijna niemand kent die code. De promotie zou een mooi moment zijn om publiekelijk te zeggen: ik ben nu wetenschapper en zal de rechten en plichten in acht nemen die daar bij horen. Ik vind zo'n eed die artsen afleggen een heel indrukwekkend en symbolisch moment. Dat is de kers op de taart. Maar we moeten ons ook niet blind staren op zo'n eed. Ik denk echt niet dat je daarmee het probleem van wetenschappelijke fraude oplost. Maar ik hoop wel dat het de wetenschapper helpt om overeind te blijven als er door derden druk op hem wordt uitgeoefend.'
Johan van Arendonk
decaan Wageningse universiteit
'Het afleggen van een eed lijkt me overbodig. Bij de promoties wordt al geruime tijd aandacht besteed aan de Nederlandse gedragscode voor wetenschapsbeoefening. Bij de overhandiging van de doctorsbul zegt de waarnemend rector: "....Het College verwacht van hem/haar dat hiermee de plicht wordt geaccepteerd tot het zorgvuldig bedrijven van de wetenschap volgens de geldende Nederlandse gedragscode wetenschapsbeoefening." De gedragscode voor goed wetenschappelijk onderzoek is voor alle wetenschappelijk medewerkers, dus ook voor aio's van toepassing. Bij mijn weten wordt er geen eed afgelegd, maar ik vraag me af of dat wenselijk is. Fraude is erg vervelend en is schadelijk voor de wetenschap. Ik geloof er echter niet in dat we dat kunnen voorkomen door een eed. Het feit dat je niet mag frauderen, valt wat mij betreft onder normale omgangsvormen. Je mag ook geen resultaten stelen van iemand. Ook daar is geen eed voor nodig.'
Stefan Metz
voorzitter Wageningse promovendiraad
'Ik twijfel of zo'n eed iets bijdraagt, ik zie de toegevoegde waarde ervan niet. Je legt een eed af, en dan? De sfeer is nu: we verwachten dat je het onderzoek netjes en integer doet. En in de praktijk is het heel lastig om de zaak te bedonderen, omdat je bij een publicatie je onderzoeksmethode en data moet delen met de editors, zodat iemand anders het onderzoek bij twijfel kan nadoen. Ik ben niet negatief over het afleggen van een eed, maar het moet geen symboolpolitiek zijn. Ik weet dat de universiteit nu iets zegt over een gedragscode als je promoveert, maar ik heb geen idee wat er in die gedragscode staat.'
Harke Pera
Wageningse promovendus en bestuurslid Promovendi Netwerk Nederland
'Met zo'n eed kun je fraude niet voorkomen. Stapel wist dat hij fout zat, maar deed het toch. Het huidige systeem zit blijkbaar niet goed genoeg in elkaar. De Jonge Akademie stelt ook voor een integriteitspersoon in te stellen die actief kan controleren of het onderzoek integer plaats vindt. Dat soort voorstellen kunnen helpen om de promovendus minder afhankelijk te laten zijn van de promotor. Dit is een element wat de affaire-Stapel aan het licht bracht, hoe afhankelijk promovendi zijn van hun promotor voor het uitvoeren van hun onderzoek. Het PNN stelde eerder voor een onafhankelijk contactpersoon in te stellen, die de wederzijdse afspraken tussen promovendus en promotor bijhoudt en zo nodig daarop ingrijpt. Dit kan problemen met de promotor zichtbaar maken.
Ik denk dat weinig onderzoekers de gedragscode voor wetenschapsbeoefening kennen. Wat zijn je rechten en plichten als onderzoeker? Het uitspreken van een eed is een manier om dit expliciet te maken. Maar nogmaals, het gaat in eerste instantie om het systeem dat moet veranderen.'
Lonneke van Leeuwen
promovenda communicatie­wetenschap Wageningen
'Zo'n eed vind ik op zich wel een goed idee. Hoe specifieker je de verantwoordelijkheden vast legt, hoe beter. Maar betekent dat ook dat er sancties mogelijk zijn en dat je aangeklaagd kunt worden? Ik vraag me af hoe je dat in de praktijk aan kunt pakken. Als een arts een fout maakt, lijdt iemand schade aan zijn gezondheid. Diegene kan dan een klacht indienen. Maar hoe zit dat bij een wetenschapper. Hoe bepaal je de schade die is toegebracht door wanpraktijken in de wetenschap? In de affaire-Stapel is het duidelijk dat er slachtoffers zijn. Maar wanneer is een schade groot genoeg om sancties op te leggen? Kortom, een goed idee zo'n eed, maar de praktische invulling lijkt me moeilijk.'
Barend van der Meulen
bestudeert wetenschapsbeleid bij Rathenau-instituut
'Een eed is geen tovermiddel, maar kan wellicht bijdragen aan een beter plichtsbesef van wetenschappers. Maar om zo'n eed te laten werken, moet ie wel aan voorwaarden voldoen. Ten eerste moet wetenschapsfraude niet als een individuele verantwoordelijkheid worden gedefinieerd. Uit de affaire-Stapel en uit ervaringen in de Verenigde Staten weten we dat onderzoeksorganisaties een belangrijke rol spelen in het voorkomen van fraude. Die moeten dus ook verantwoordelijkheid nemen.
Ten tweede moet de eed verwijzen naar een redelijk goed omschreven praktijk, waarvoor je eenduidige normen en waarden kunt formuleren, zoals bij de eed van Hippocrates. Die verwijst specifiek naar het medische beroep. Gepromoveerden komen echter terecht in veel beroepen en op veel plekken in de samenleving. Dat maakt het logischer de eed af te leggen bij de aanstelling als onderzoeker. Tenslotte moet je heel secuur formuleren. Zo wordt voorgesteld om het begrip 'waarheidsvinding' in de eed op te nemen, maar dat staat op gespannen voet met het idee dat wetenschappelijke kennis feilbaar is en ter discussie moet staan. Dat maakt de relatie tussen wetenschap en politiek en de rol van wetenschappers in rechtszaken vaak ook zo moeizaam.'  

Re:ageer