Wetenschap - 17 januari 2002

Darts

Darts

"Mag ik een flesje bier?" vraagt Jasper aan de vrouw achter de bar van de Wageningse Darts Club. Hij neemt een slok en loopt weer naar ??n van de vijf dartsborden die aan de muur hangen. Met een onopvallend muziekje op de achtergrond gooit Jasper Vollenbroek, zesdejaars Levensmiddelentechnologie, zijn pijlen naar het bord. Hij staat met zijn rechtervoet rechts naast de oche, een opstaand metalen randje dat de verplichte afstand (2,73 meter) tot het bord aangeeft. "In het tweede jaar van mijn studie ben ik in de Woeste Hoeve begonnen met darten. Nu speel ik met mijn team in de hoogste klasse van de Gelderse dartscompetitie. Het gaat daar best fanatiek aan toe", vertelt Vollenbroek.

Op donderdagavond, de clubavond, spelen de leden van acht tot elf uur tegen elkaar. Vollenbroek en zijn teamgenoot Paul Eijskoot zijn de enige studenten. Eijskoot, vierdejaars Bos- en Natuurbeheer, zette vanavond voor hij begon nieuwe flights (staartvleugels) op zijn drie pijlen. "Als je pijlen elkaar raken, beschadigen ze en dat is slecht voor de a?rodynamica." Hij gooide zijn eerste darts toen hij een jaar of negen was. "Ik stond toen op stoelen te gooien omdat ik nog te klein was." De roos (bull's-eye) hangt op 1,73 meter van de vloer. Op de muur achter het bord en op de vloer zit tapijt. De aanwezigen gooien in straf tempo hun darts naar het bord.

De puntentelling blijk je snel onder de knie te hebben, maar het vraagt wel enig tactisch inzicht om precies goed uit te komen. Jasper verliest die avond zijn eerste partij met 2-1. "We spelen vanavond zeven-nul-??n, een variant van het klassieke vijf-nul-??n, waarbij je van 701 punten naar beneden moet gooien. Maar dan sta je eerst een half uur punten te gooien voordat je uit kunt en dat duurt me te lang." De score wordt opgeschreven op een groot vel, dat op ??n van de tafels ligt. "Concentratie hoort wel bij dit spel", merkt Gerda Martin, adjunct-beheerder bij de sectie Natuurbeheer, fijntjes op terwijl ze aan de bar een sjekkie zit te draaien. De aanwezigen zijn het er over eens dat darten psychisch een zware sport is. Zelf speelt ze nu een jaar of tien.

Ongelukken met de scherpe pijlen gebeuren eigenlijk nooit. Martin: "Ik heb wel eens iemand per ongeluk in zijn voet gegooid. Gelukkig droeg hij klompen." Eijskoot heeft wel eens een pijl in zijn arm gehad. "Dat was behoorlijk pijnlijk", herinnert hij zich. De vervelendste blessure die een speler op kan lopen is dartritis. "Lach niet, dat bestaat echt", zegt Eijskoot. "Ik heb een half jaar geen pijl uit mijn hand kunnen krijgen. Dan sta je voor het bord en slaat je hand op slot. Het zit tussen je oren. Als je niet naar het bord kijkt, kun je ze zo weggooien. Het hielp niet om wat meer te drinken. Jasper krijgt er overigens wel een lossere hand van", grapt hij. Vollenbroek vindt inderdaad dat hij van het drinken van twee biertjes beter gaat gooien. Martin doet het op cola. Martin: "Je ziet spelers die wel drinken steeds slechter punten schrijven en rekenen. En ze gaan meer schelden." Deze avond blijft het behoorlijk rustig. Je hoort vooral de pijlen het bord raken en de spelers van en naar het bord lopen.

Even na half tien wordt het drukker. Dan komen ook de leden die op tv hebben gekeken naar de partij van Raymond van Barneveld op de Embassy, het belangrijkste dartstoernooi van het jaar. Vollenbroek had daar bijna als toeschouwer gezeten. "Begin december heb ik meegedaan aan de Nederlandse Studentenkampioenschappen. Ik ging daar alleen naar toe en had geen idee wat mij te wachten stond. Het niveau bleek redelijk hoog. Helaas werd ik derde en geen eerste, want de winnaar mocht naar Engeland."

Vollenbroek is deze avond ook aardig op dreef, want de barvrouw kon een 180-puntenworp, het hoogst haalbare, op zijn lijstje bijschrijven. Koploper van deze seizoenslijst is Wout Wolken, aio industri?le microbiologie. "Ik speel darts omdat het de enige sport is waar ik ooit goed in ben geweest. Daarnaast kun je het in de kroeg doen en is het eigenlijk altijd wel spannend." Vanavond verliest hij van Vollenbroek in een partij die verder zwijgend werd afgewerkt. "Na tienen neemt de concentratie wel af", zegt Eijskoot en hij neemt nog een slok van zijn bier.

Yvonne de Hilster

Foto Guy Ackermans

Re:ageer