Wetenschap - 1 januari 1970

DLO ontbeert kwaliteitsimpuls van nieuwe medewerkers

DLO ontbeert kwaliteitsimpuls van nieuwe medewerkers

DLO ontbeert kwaliteitsimpuls van nieuwe medewerkers

Door saneringen in het kader van het ondernemingsplan van DLO verlaten 170 mensen de organisatie. In tegenstelling tot eerdere verwachtingen staat daar een heel magere instroom van nieuwe mensen tegenover


Begin vorig jaar mikte het DLO-ondernemingsplan nog optimistisch op een kwaliteitsimpuls van 117 nieuwe medewerkers, tegenover een uitstroom van 193 mensen. Van die vernieuwing komt weinig terecht. Nieuwe medewerkers komen er de laatste maanden nauwelijks, constateert Rinus Tazelaar, hoofd Personeelszaken van DLO. Het Instituut voor Agrotechnologisch Onderzoek (ATO-DLO) had altijd een forse instroom, maar nu niet meer. Ook andere DLO-instituten nemen niet of nauwelijks personeel aan. Sommige hebben zelfs een vacaturestop. We moeten verder saneren dan we toen dachten, zegt Tazelaar. Als je constant in de rode cijfers zit, neem je niet zo snel mensen aan.

Sinds het vierde kwartaal van 1998 zijn zestig 55-plussers vervroegd uitgetreden. Van 53 medewerkers is de functie vervallen, zodat ze herplaatsingskandidaat zijn. De komende tijd komen daar nog zo'n dertig vervroegde uittreders en dertig herplaatsingskandidaten bij

De uittocht is het grootst bij het Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek (IBN-DLO), het Instituut voor Milieu- en Agritechniek (IMAG-DLO) en het DLO-Staring Centrum. Deze instituten zijn bezig een reorganisatie af te ronden. Tazelaar: Het IBN heeft behoorlijk gesaneerd in de ondersteuning. Je ziet daar ook een wisseling van de wacht bij de onderzoekers. Bij het Staring Centrum is de leidinggevende bovenlaag verdwenen en wordt de fotografieafdeling geschrapt. Bij het IMAG zie je een sterke uitstroom van de oude generatie. Dat heeft allemaal best een schokeffect gegeven en onrust bij het personeel. Alleen bij het Rijksinstituut voor Visserijonderzoek, dat ook reorganiseert, valt het mee.

Volgens de laatste ramingen boekte het DLO-concern in 1998 een negatief resultaat van elf miljoen gulden. Als de reorganisatiekosten van ruim elf miljoen buiten beschouwing blijven, draaide DLO net quitte. De omzet is wel fors gestegen van 425 naar 465 miljoen, maar dat komt vooral doordat DLO nu de integrale kostprijs doorberekent aan de opdrachtgevers, inclusief kosten voor gebouwen en terreinen. Hierdoor nam de LNV-financiering toe met 43 miljoen

De uitstroom van mensen levert DLO niet direct grote besparingen op. De vervroegde uittredingen kosten zeventien miljoen gulden, gemiddeld twee ton per persoon. Aan herplaatsingskandidaten betalen de DLO-instituten achttien maanden hun salaris, zolang ze niet ergens aan de slag kunnen. Bovendien komt er voor elke vijftien herplaatsingskandidaten een fulltime loopbaanbegeleider. M.Hg

Re:ageer