Organisatie - 12 maart 2009

‘DE WERELD VAN INSECTEN IS OOK ONZE WERELD’

‘Gisteren heb ik op de hei nog een paar mooie foto’s gemaakt van mestkevers’, vertelt ir. Ruud Kleinpaste (1952) vergenoegd. ‘Als ik iets zie vliegen, bewegen, of groeien, dan moet ik ernaar kijken, dat zit in me.’ Maandag ontving Kleinpaste, beter bekend als de Bugman uit Nieuw-Zeeland, de Outstanding Alumnus Award.

Ruud Kleinpaste: ‘Dit is een biologische wereld. Probeer maar eens een week niet te poepen, dan weet je wat ik bedoel.’
Ruud Kleinpaste: ‘Dit is een biologische wereld. Probeer maar eens een week niet te poepen, dan weet je wat ik bedoel.’

Foto: Guy Ackermans

Ter gelegenheid van de uitreiking tijdens de dies van Wageningen Universiteit is hij gekleed in krijtstreeppak, heeft hij een groene stropdas om en een hippe bril op. Maar Kleinpastes enthousiasme en schaterende lach zijn even aanstekelijk als bij zijn al wat oudere tv-avonturen in poloshirt en bergschoenen, onder meer op Discovery Channel.
Voor het oog van de camera begaf hij zich jarenlang onder zijn geuzennaam Bugman – engebeestenvent – als een soort Nederlandse David Attenborough in de wereld van de geleedpotigen. Ook nu nog is elke ochtend op werkdagen om tien uur bij Animal Planet te zien hoe hij, nog veel meer dan de beroemde Brits natuurpresentator, meeleeft met zijn onderwerp. Om de levenswijze en overlevingsstrategie van enge beestjes te demonstreren, doet hij ze na, laat hij zich bijten, of tart hij het gevaar met een zwerm killerbees op zijn hoofd, een presentatiestijl die hem wereldberoemd maakte.
‘Ik houd ervan de grenzen op te zoeken. Je moet mensen enthousiast maken, niet alleen voor dieren - in mijn geval insecten - ver weg, maar vooral ook in hun eigen omgeving. Dat is cruciaal om begrip te kweken voor de natuur. De wereld van de insecten is ook onze wereld, een wereld die niet wordt geregeerd door economische wetmatigheden, door politici of oliemaatschappijen’, zegt Kleinpaste. ‘Dit is een biologische wereld. Probeer maar eens een week niet te poepen, dan weet je wat ik bedoel.’
Kleinpaste kreeg de Outstanding Alumnus Award van het Wageningen Universiteits Fonds ‘vanwege de creatieve manier waarop hij wetenschap voor een zeer breed publiek aantrekkelijk weet te maken’. Hij werd voorgedragen door prof. Marcel Dicke, gelijkgestemde ziel als pleitbezorger van insecten. ‘Marcel doet een bloody good job. Het zou goed zijn als meer wetenschappers zich wervend opstellen, om zo het grote publiek duidelijk te maken dat we als mens zonder al die species de klojo zijn.’
In Kleinpastes taalgebruik weerklinkt een lange afwezigheid. Na zijn afstuderen vertrok hij met vrouw, kind en vijftig gulden op zak naar Nieuw-Zeeland, waar hij met onderzoek naar het nachtleven van de bruine kiwi zijn naam vestigde. Van 1982 tot 1996 werkte hij als entomoloog bij het ministerie van landbouw. Gastoptredens op radio en televisie leidden uiteindelijk tot een contract bij Discovery Channel.
Hoewel hij ook nu nog radioprogramma’s in Nieuw-Zeeland en Australië maakt, zet Kleinpaste zijn bekendheid momenteel vooral in om duurzaamheid te promoten, of dat nu in een schoolklas is, bij gesprekken met politici, het opzetten van een denktank over duurzaam vervoer, optredens in de show van Jay Leno, of door de bestrijding van exoten. ‘Nieuw-Zeeland is al 80 miljoen jaar een eiland, met uiterst fragiele ecosystemen. De biodiversiteit is erbij gebaat dat zich daar geen indringers vestigen. Ik weet het, ik ben de Bugman, altijd enthousiast over enge beesten, maar ik houd me ook bezig met onderzoek hoe je het best alle eieren en poppen kunt doden die meeliften met geïmporteerde tweedehands auto’s.’
Kleipastes terugkeer in Wageningen is ook een sentimental journey. Zus Roos vertelt dat haar broer zondagavond bij aankomst op Schiphol, na 28 uur vliegen, eigenlijk eerst langs wilde bij de Oostvaardersplassen, donker of niet. ‘Ik heb nog meegemaakt dat ze na de inpoldering ontstonden, elk weekend ging ik daar op de brommer vanuit Wageningen naar toe. Ik heb de eerste rietkragen zien ontstaan en de eerste baardmannetjes zien komen’, vertelt Kleinpaste.
In Wageningen woonde hij tien jaar lang in een huis net achter Nol in ’t Bosch. ‘Ik denk dat ik nog elk wespendievennest in de omgeving kan aanwijzen. Maar ik zat ’s winters - ik heb een hekel aan kou - ook veel in het buitenland: India, Sri Lanka. Of ik ging vogels ringen in de Cota Doñana. Ik heb in Wageningen een belangrijk deel van mijn vorming ondergaan. Als ik hier ben, gaat mijn hart weer een beetje sneller kloppen.’

Re:ageer