Organisatie - 5 maart 2009

DARWIN I

opinie_0_728.jpg
Een enquête van Resource (Resource 16, 5 februari) geeft aan dat 38 procent van de studenten en medewerkers van Wageningen UR denkt dat het leven op aarde niet alleen te verklaren is door genetische variatie en natuurlijke selectie, en 28 procent van de ondervraagden denkt dat een schepper aan de basis van het leven staat. Zou men mij gevraagd hebben, dan waren deze percentages nog wat hoger geweest.
De redactie van Resource vindt het opmerkelijk dat Wageningers kritischer zijn over de evolutietheorie dan de gemiddelde Nederlander, ‘omdat Wageningen UR een wetenschappelijke gemeenschap is’. In de Engelse vertaling staat het nog wat pregnanter: ‘That an academic community such as Wageningen should be more sceptical about Darwin than the nation as a whole is remarkable. After all, evolution is a scientific theory whereas creationism is a religious belief.
Ik hoop dat Wageningers kritischer zijn over de evolutietheorie - of welke andere theorie dan ook - juist omdát ze goed getrainde wetenschappers zijn. Daarom zouden Wageningers wakker moeten liggen van het feit dat we werkelijk geen flauw benul hebben hoe het leven in de eerste (proto-)eencellige ooit ontstaan is, maar dat we wel claimen te weten hoe iets veel complexers als de ontwikkeling van soorten precies verloopt. We zouden wakker moeten liggen van het feit dat leerboeken anno 2009 biologiestudenten in slaap sussen met verwijzingen naar de weinig relevante ‘spontane aminozuur-vorming’-experimenten van Miller (1953), terwijl de veel relevantere experimenten van diezelfde Miller over het gebrek aan stabiliteit van RNA bij hogere temperaturen (PNAS 1998) bij geen bèta bekend lijken te zijn. We zouden jeuk moeten krijgen op plaatsen waar we niet kunnen krabben bij alleen al het besef dat we van de basis van het leven zo weinig snappen, en de hibris van ons moeten afschudden bij zogenaamd wetenschappelijke claims over het daadwerkelijk begrijpen van de ontwikkeling van datzelfde leven.
De zekerheid van de evolutietheorie is niet vergelijkbaar met die van een wiskundige stelling (zoals dom genoeg door Bas Haring gepredikt wordt), en ook niet met die van een eenduidig herkenbare natuurwet als de relativiteitstheorie (zoals dies-sprekers Stearns en Hoekstra in hun boek Evolution schrijven). Eerder lijkt een zekere analogie met het equipartitie-theorema op te gaan. Dit theorema uit de statistische mechanica beschrijft zeer nauwkeurig en kwantitatief de verdeling van energie over verschillende vrijheidsgraden. De beschrijving is op veel vlakken zo nauwkeurig dat men ruim een eeuw geleden makkelijk verleid kon worden tot het idee dat hiermee het totale plaatje bepaald moest zijn. Inmiddels weten we - een ‘Rayleigh Jeans-catastrofe’ later – dat er nog wel wat meer voor nodig is om tot een volledige beschrijving te komen: hele wetenschapsgebieden (bijvoorbeeld de quantumtheorie) zijn opgebloeid in het gat dat het equipartitie-theorema openliet.
Bij claims over de zekerheid die de evolutheorie kan bieden zou men zich allereerst moeten realiseren dat het equipartitie-theorema veel preciezer, algemener geldend en beter kloppend is dan bijna alle observaties die de evolutietheorie grondvesten, en voor toepassingen in de biologie is het theorema zelfs nog steeds ‘waar genoeg’ om toegepast te worden. Kort daarna zou beseft moeten worden dat dat theorema ons een bril opzette die hele delen van de werkelijkheid buiten het zicht liet.
Het valt te hopen dat Wageningers kritisch zijn op de evolutietheorie vanwege realisaties zoals de bovenstaande. Dat betekent niet dat er momenteel een betere theorie zou zijn. En de tolerantie van Wageningers ten opzichte van creationisme als theorie is mij dan ook vreemd: als een theorie incorrect blijkt, hoort ze in het kader ‘geschiedenis van de wetenschap’. Maar het betekent wel dat we de levende natuur proberen te rationaliseren met een tamelijk gebrekkig instrument. De inzichten die mede op basis van de evolutietheorie geformuleerd kunnen worden zijn waardevol, stimuleren tot nieuw wetenschappelijk onderzoek, én laten ons zien hoe veel we eigenlijk nog niet weten.
Bij de lopende band op het vliegveld waar ik dit stukje schrijf klinkt elke twintig seconden een oproep aan allen die denken dat de evolutietheorie een redelijke beschrijving geeft: Mind the gap. Want tussen hemel en aarde, en tussen leven en levenloos, zit vaak meer dan in onze theorieën en wereldbeschouwingen past.

Re:ageer