Student - 14 september 2006

Conservatisme in de hippiegemeenschap

Een brei van lage grondtonen drijft over Droevendaal. Een kudde losgebroken koeien? Nee. Het jaarlijkse Droeffestival is zojuist begonnen en het geluid komt van de Didgeridoo-workshop.

Op een grasveldje zitten bewoners met dreadlocks in kleermakerzit. Aandachtig volgen ze de aanwijzingen van de workshopleider. ‘Nu even een rustig tempo’, zegt hij. Dat werkt; de brei verandert langzaam in muziek. Even later lurken de deelnemers genoegzaam aan hun instrument, genietend van de zuivere toon die ze samen produceren.
Dreads, kleding die in de jaren zestig niet had misstaan, stands met veganistisch eten en een voortdurend gerammel op djembés. Het lijkt alsof de organisatoren er alles aan hebben gedaan om elk cliché over het studentencomplex van Ideales op deze zaterdag te bevestigen. Droevendaal als de Wageningse hippiekolonie.
Paul, die net nog met brandende fakkels jongleerde, vindt de clichés niet erg. ‘Een hoop mensen op Droevendaal hebben inderdaad hippiehobby’s’, zegt hij. En ze staan volgens hem ook anders in het leven dan anderen. ‘Ze denken meer na. Ik bedoel, in de Bunker wordt lomp gezopen om sfeer te maken. Op Droef zijn de bewoners wat speelser en creatiever. Daarom is de sfeer ook altijd heel erg positief. Op een feest zoals vanavond is er nooit ruzie. In een tent als de Bunker wel.’
Wanneer de avond valt, wordt de creatieve inslag van de bewoners pas goed zichtbaar. Geheel in de lijn met het gemiddelde kraakfeest is oude rommel getransformeerd tot kunst. Lampions gemaakt van lege melkpakken – biologisch - zorgen voor verlichting. Langs de straat staan zelfgemaakte totempalen, een spookachtig uitgelicht altaar en een bewegende robot samengesteld uit onderdelen van een stofzuiger en een ventilator. Alles ondersteund door muziek uit boxen die in de berm zijn weggemoffeld.
Peter heeft helpen opbouwen en coördineert een paar ‘party’s’ in verschillende barakken. ‘Een dag als deze is een moment waarop al die mensen samenkomen en samen iets neerzetten.’ Dat is volgens hem wat het zo leuk maakt.
Maar de hechte sfeer op Droevendaal leidt ook tot een nieuwe soort behoudendheid, vindt Peter. ‘Zet een groep mensen bij elkaar en onbewust conformeren ze zich aan elkaar. In dit geval aan het alternatieve.’ Hij vertelt dat hij nogal wat commentaar kreeg op de levensgrote Amerikaanse vlag op de totempaal die zijn barak had gemaakt. ‘Ik vind het leuk om binnen zo’n subcultuur een beetje tegen het conservatisme aan te trappen. Daarom heb ik vanavond ook een Lonsdale-trui aan.’

Re:ageer